27 juni 2007

CompenCO2. Eerste Belgisch NGO-fonds om CO2-uitstoot te compenseren.

22/06/2007 | Persbericht CompenCO2

Wie met vliegtuig, touring car of auto reist en dat CO2-neutraal wil doen, kan voortaan via de website www.compenco2.be een milieuvergoeding storten in een speciaal daartoe bestemd fonds. CompenCO2 is daarmee het eerste Belgische ngo-projectenfonds om CO2-uitstoot te compenseren. CompenCO2 is een initiatief van de Belgische milieubewegingen en Noord-Zuid organisaties en ondersteunt milieuprojecten in het Zuiden.

Compenseren?
Wie zich gemotoriseerd verplaatst, blaast broeikasgassen de lucht in. Dat leidt tot hogere temperaturen op aarde en de wereldwijde klimaatverandering. CompenCO2 wil de klimaatimpact van verplaatsingen verminderen. In de eerste plaats door het publiek te sensibiliseren zich veel milieuvriendelijker te verplaatsen door verschillende vervoersmogelijkheden met elkaar te vergelijken.

Wie toch het vliegtuig op moet, met een touringcar of de auto op pad wil, kan een vergoeding betalen om de klimaatimpact die aan het eind van de rit overblijft, te compenseren. De vergoeding wordt geïnvesteerd in milieuprojecten in het Zuiden die de effecten van de klimaatverandering helpen opvangen.

Hoe gaat het in zijn werk?
Op www.compenco2.be bereken je de CO2-uitstoot die je wil compenseren. Met de overeenstemmende vergoeding koopt CompenCO2 uitstootrechten uit Gold Standardprojecten (www.cdmgoldstandard.org). Dit zijn projecten die volgens internationaal erkende criteria investeren in energiebesparing of hernieuwbare energie. Daarnaast investeert CompenCO2 een gelijke som in aanpassingsprojecten, vooral landbouw-, bos- en natuurprojecten. Om die twee investeringen te kunnen doen, rekent de organisatie 25 euro per ton CO2 die men wil compenseren.

Uitgangspunten van CompenCO2
CompenCO2 brengt de volledige impact van ons vervoer en gedrag in rekening. Dus niet enkel de uitstoot van de verbranding, maar ook het winnen van de brandstof én de gebruikte infrastructuur.
CompenCO2 ondersteunt zowel energievriendelijke projecten die uitstoot vermijden als projecten die een dam opwerpen tegen de effecten van klimaatsverandering.
CompenCO2 kiest voor een grote transparantie. Zowel de methode van berekenen als de gesteunde projecten en bedragen zijn op www.compenco2.be terug te vinden.
CompenCO2 geeft voorrang aan Afrikaanse partners.

CompenCO2 maakt het verschil
De oprichting van CompenCO2 ging niet over één nacht ijs. De Belgische milieu- en Noord-Zuid organisaties combineren hun kennis, projecten worden getoetst aan de internationaal erkende ‘Gold Standard’ en een uitgebreide vergelijkende studie van bestaande compensatieprojecten liet toe de sterke punten van verschillende programma’s te combineren.

Wie is CompenCO2?
Het initiatief voor dit project is genomen door Oxfam Wereldwinkels, de Webfabriek en Ecolife. Na een korte voorbereidende fase is de initiatiefgroep uitgebreid met volgende organisaties: 11.11.11 - Apere - Association 21 - Bond Beter Leefmilieu - Groenhart - Natuurpunt - Vereniging voor Bos in Vlaanderen - Vlaams Overleg Duurzame Ontwikkeling - World Wildlife Fund.

Norsk Hydro en Siemens ontwikkelen drijvende windmolens

26/06/2007 | Bron: Belga, AFP

De Noorse industriële reus Norsk Hydro en de Duitse gigant Siemens hebben een akkoord afgesloten om samen drijvende windmolens te ontwikkelen die ver op zee geplaatst kunnen worden. Dat hebben beide bedrijven dinsdag meegedeeld.

De verplaatsbaarheid van de windmolens laat toe ze op de meest winderige locaties te plaatsen, zonder dat het zicht van bewoners "vervuild" wordt, zo luidt het in een persbericht.

Volgens het akkoord zal Siemens een demonstratieturbine leveren aan Norsk Hydro. Die zal getest worden langs de Noorse kust.
"Norsk Hydro heeft de toelating om een demo-windmolen in zee te plaatsen langs Karmoey (zuidwesten van Noorwegen), maar overweegt om hem nabij een boorplatform te plaatsen om dat platform van propere elektriciteit te voorzien", luidt het.

Om aan voldoende energie te komen verbranden de Noorse boorplatforms momenteel aardgas. Dat procedé is verantwoordelijk voor een kwart van de CO2-uitstoot van de op vier na grootste olie-uitvoerder ter wereld en de op twee na grootste aardgasexporteur.

21 juni 2007

Sapec bestudeert bouw bio-ethanolfabriek in Portugal

20/06/2007 | Bron: De Tijd

De beursgenoteerde holding Sapec zet in op hernieuwbare energie. In Portugal bestudeert de groep de bouw van een bio-ethanolfabriek. In Zuid-Spanje krijgt een project van tankopslag van plantaardige oliën vorm. Maar de grootste uitdaging is de financiering van de vorig jaar verworven windenergieprojecten in de VS en Canada, zo bleek op de algemene vergadering.

De fabriek in Portugal zou jaarlijks 100.000 ton bio-ethanol op basis van maïs produceren. Sapec overweegt dat project van 70 miljoen euro te realiseren met partners, maar zou wel de meerderheid nemen. Verder gevorderd is het project voor de tankopslag van plantaardige oliën in Zuid-Spanje. Gedelegeerd bestuurder Antoine Velge schat de waarde ervan op 3 tot 4 miljoen euro.

Sapec is actief in plantenbescherming en plantenvoeding, de distributie van chemische en landbouwproducten, logistiek en hernieuwbare energie. Al die activiteiten worden ontplooid op het Iberisch schiereiland, waar Sapec zijn wortels heeft. Velge liet er op de algemene vergadering geen twijfel over bestaan dat Sapec blijft focussen op Spanje en Portugal. Maar als elders opportuniteiten opduiken, kan Sapec daar ook op inspelen.

Sapecs grootste project van hernieuwbare energie ligt in Noord-Amerika. Eind november 2006 verwierf de Sapec-dochter Naturener in de VS en Canada een portefeuille van windmolenparken in ontwikkeling met een totaal vermogen van 1.800 megawatt (MW). Tussen 2008 en 2011-2012 wil Sapec daarvan ongeveer 300 MW per jaar realiseren, afhankelijk van de evolutie van de markt. Daarvoor is zowat 270 miljoen euro nodig.

Voor de eerste tranche van de investering, in 2007 en 2008, is 150 miljoen nodig. Om dat bedrag samen te krijgen, boort Sapec diverse bronnen aan: een schuldherschikking bij Naturener, een kapitaalverhoging bij die dochter via de instap van één of meerdere private-equityspelers of de verkoop van een aantal terreinen van Sapec. Velge benadrukte wel dat Sapec niet van plan is activiteiten af te stoten om het Noord-Amerikaanse energieproject te financieren.

20 juni 2007

Doubt cast on EU climate-change goals

19/06/2007 | Bron: EurActiv

Greenhouse-gas (GHG) emissions decreased by 0.8% in 2005, according to an annual report by the European Environment Agency (EEA). While the Commission welcomed the decrease and called for more action, environmental groups saw the modest figure as a sign that the EU is not likely to achieve the emission-reduction targets agreed in Kyoto in 1992.

Environment Commissioner Stavros Dimas called the 0.8% reduction "very encouraging", since the EU's GDP grew by 1.8% during the same period as the emission cuts were achieved. But Dimas added: "It is clear that many member states need to accelerate their efforts to limit emissions significantly if the EU is to meet its Kyoto target."

The overall emissions reduction appears to be largely the work of a handful of member states, notably Finland, Romania, the Netherlands and Germany. Finland led the way with a 14.6% reduction, with Romania achieving 4% and the Netherlands and Germany achieving 2.9% and 2.3% respectively.

Other member states, however, actually increased GHG emissions over the same period by a considerable margin. In Spain, emissions increased by 3.6%, due in large part to reduced river levels for hydro power stations and an increased use of fossil- fuel power stations.

In its evaluation of the figures, environmental group Friends of the Earth Europe (FoE) focused on the performance of the EU-15 states with respect to their Kyoto target of bringing annual emissions to an average 8% below 1990 levels in 2008-2012. FoE points out that the overall 0.8% decrease in the EU-27 translates into a mere 1.5% reduction for EU-15 compared to 1990 levels. In order for the EU to meet its Kyoto target, the EU-15 states would have had to reduce emissions by 6% in 2005, more than three times the actual reduction achieved, the group said.

The Commission argues that "structural changes in how we produce and use energy" are key to stepping up efforts to reach Kyoto targets.

German Christian Democrat MEP Karl-Heinz Florenz, rapporteur for Parliament's new temporary committee on climate change, has similarly stated that the EU is "on the verge of an industrial revolution. For example, there might be small-scale wind turbines for every family home. These are the kind of things we need to promote."

The idea of creating an entirely new "eco industrial policy", rather than simply reducing emissions in exisiting industries, is also the subject of 2006 report by Germany's Environment Minister Sigmar Gabriel, presented at an informal ministerial meeting in Essen, Germany on 1-3 June.

Public 'don't believe information on climate change'

20/06/2007 | Bron: Consumers International

Only 10% of US/UK consumers trust what companies and government tell them about global warming

Corporate and government efforts to inform consumers on climate change are falling on deaf ears, with barely one in ten people believing what they say on the issue.

Findings to be published on June 22nd in the report What Assures Consumers on Climate Change?, a joint international study by AccountAbility and Consumers International, shows that three-quarters of US/UK consumers still feel unable to act on climate change.

This is due to a lack of understanding about what individuals can do (29.8%), concerns over the financial cost of acting (39.7%), a perceived lack of availability of green goods (25.5%), and a mistrust of corporate claims about energy efficient products and services (25%).

Consumers also have little faith in religious figures, celebrities or the media to provide trustworthy information on climate change. They would rather seek advice from friends and family, environmental groups and scientists.

The study concludes that, if the potential for positive consumer action is to be unlocked, then consumers have to believe the information they are told. This means an intelligent mix of actions is required, with business and government working together with civil society organisations. Immediate actions should include:
* pricing alternative products in a fair and affordable manner (39.7% of consumers support better prices for energy efficient products);
* product labels and indicators about climate change must be clear, comprehensive and independently verified (70% of consumers want third party verification of climate change claims);
* removing unhelpful choices from the shelves in the first place (51.5% of
consumers back government action here);
* whilst at the same time, informing purchase decisions from remaining choices via education and awareness in-store (60.4% of consumers are demanding more clarification about company products at the point of sale).

Richard Lloyd, Consumers International Director General, says: "After government and industry, consumers are the third front in the fight against climate change. But to have any chance of making a difference, they must be fully supported by corporations and politicians. This means clear guidance on what the public can do, the removal of the most environmentally damaging products, and third party verification of corporate claims on global warming. Only then will consumers be able to turn their climate concerns into effective purchasing choices".

Philip Monaghan, a Director at AccountAbility says: "What consumers are crying out for is leadership. More serious policy action and less photo shoots with Leonardo DiCaprio is key to building consumer trust and action. For the majority of consumers to make impactful positive choices, we need others to quickly follow the lead of the Gores and Milibands, or Timberlands and Marks & Spencers of this world."

The study does however highlight examples of emerging leadership. So in terms of choice reduction, the UK government and the Co-operative Group have shown initiativein choice editing, for instance, by shifting to energy efficient light bulbs. Or interms of consumer education and awareness, Marks & Spencers' has launched its ambitious Plan A campaign.

VBO richt zich op CO2-vermindering in bouwsector (VBO)

19/06/2007 | Bron: Belga

Het beleid om de CO2-uitstoot te verminderen in het kader van het Kyoto-protocol is vooral gericht op de industrie. Nochtans is de residentiële woningmarkt de op een na grootste bron van uitstoot van broeikasgassen in België. Het platform Bouw van het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) pleit voor actie in deze sector.

Het platform stelde dinsdag de brochure "Energie & Klimaat: de troeven van de bouwsector" voor, waarin het verschillende uitdagingen en maatregelen beschrijft om op korte, middellange en lange termijn de milieu-impact van woongebouwen te beperken.

Werken aan de CO2-uitstoot van woningen is goed voor het milieu en biedt ook economische en sociale voordelen, benadrukt het platform.

Europese broeikasgasuitstoot neemt af, maar onvoldoendevrijdag

15 juni 2007 | Bron: Electrabel

Doen we het in Europa nou goed of niet? Die vraag is het meest relevant na het uitkomen van het jaarlijkse rapport van het in Kopenhagen gevestigde Europees Milieuagentschap (EMA, of in het Engels: EEA) over de Europese uitstoot van broeikasgassen. Het korte antwoord is: vergeleken met een jaar eerder daalde de uitstoot in 2005, vergeleken met 1990 gaat het ook heel aardig, maar in het perspectief van de ambitieus gestelde doelen moet er nog heel wat gebeuren.

In mei kwam al een deel van de cijfers over de prestaties van de lidstaten tussen 2004 en 2005 vervroegd naar buiten, volgens het agentschap "vanwege de groeiende publieke en politieke interesse voor het onderwerp klimaatverandering". In 2005 brachten de 27 Europese lidstaten hun broeikasgasuitstoot terug met 0,7% ten opzichte van 2004; voor de 'oude' EU-15 landen ligt dat percentage op 0,8%. "Bemoedigend", noemde Eurocommissaris Stavros Dimas de daling terwijl de Europese economie sterk groeit.

In mei bleek ook al dat Nederland in absolute zin in de top 3 stond van broeikasgasreduceerders. Een goede 6,3 mln ton (2,9%) CO2-equivalent minder dan in 2004 (CO2-equivalent betekent dat alle uitgestoten broeikasgassen met een bepaalde sleutel zijn omgerekend naar de belangrijkste: de uitstoot van kooldioxide). In absolute zin duldde Nederland slechts Finland (minus 11,9 mln ton; 14,6%) en Duitsland (minus 23,5 mln ton, 2,3%) boven zich. België deed het met min 3,8 mln ton (3,8%) zeker ook niet slecht.

Ten opzichte van 1990 gaat het zelfs nog iets beter met de EU. 1990 wordt meestal gehanteerd als ijkjaar, ten opzichte waarvan alle uitstootreducties worden afgezet. De 27 lidstaten zitten 7,9% onder hun uitstootniveau van 1990. Gezien het doel om in de periode 2008-2012 een 8%-besparing te realiseren gaat dat heel aardig. Daar moet wel bij aangetekend worden dat de grootste bijdrage geleverd wordt door Oost-Europese landen: Estland minus 52,6%, Litouwen minus 53% en Letland minus 58,9%. Helaas voor die landen heeft dat meer met hun economische situatie te maken dan met moedwillige gerealiseerde uitstootreducties.

Wordt gekeken naar de EU-15, de verzameling landen van voor de uitbreiding in 2004, dan is nog steeds een reductie behaald ten opzichte van 1990, maar nu van 1,5%. Nederland laat een schamele min van 0,4% zien, België toont een min van 1,3%. Dat steekt misschien goed af bij de plus 53,3% van Spanje of de plus 18% van Oostenrijk, maar stukken minder bij de min van 18,4% van onze oosterbuur. En hoe steekt het af bij de ambities? Onderstaande figuur laat een lineair verlopende lijn zien tussen de uitstoot in 1990 en een 8% reductie in 2010. (Omdat sommige landen als basisjaar niet 1990 hebben gekozen, maar 1995, is de waarde voor 1990 niet precies 100 maar 99,5.)

Het rapport zoomt nog verder in, op de lidstaten maar vooral ook op de verschillende industrieën. De belangrijkste sector is de breed gedefiniëerde energiesector, die voor 80% van de broeikasgasuitstoot van de EU-15 landen verantwoordelijk is. De taartpunt die de sector 'elektriciteit- en warmteproductie' daarvan opsnoept, is drietiende groot. De energiesector als geheel liet zijn broeikasgasuitstoot sinds 1990 stijgen met bijna 3%. Ten opzichte van 2004 was in 2005 een afname van 0,8% waarneembaar, uitmondend in 3.357 Mton CO2-equivalent.

Als elektriciteits- en warmteproductie, petroleumraffinage en brandstofproducenten op één hoop worden gegooid, is in Nederland een toename van uitstoot van broeikasgas waarneembaar van ruim 28%. Wordt alleen gekeken naar elektriciteits- en warmteproductie dan is dat zelfs 35%. Na Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Italië en Spanje neemt Nederland het grootste aandeel in de uitstoot voor zijn rekening: 5,4% van het totaal. Maar er is hoop: ten opzichte van 2004 is er een uitstootreductie gerealiseerd van 5%.

De Belgische elektriciteits- en warmteproductie stoot nog niet de helft uit van wat Nederland doet (kernenergie!), maar is toch ook nog goed voor 2,5% van de totale EU-15 uitstoot in deze sector. België zat in 2005 2% boven de uistoot van 2004, en 5% boven die van 1990.

Copyright ©, Energeia, 2007

Klimaatwijziging aan basis van conflict in Darfoer"

19/06/2007 Bron: Nieuws.nl/Het Laatste Nieuws

Het conflict in Darfoer is deels een schaarsteprobleem, mede veroorzaakt door het broeikaseffect. Het kan geen toeval zijn dat het conflict uitbrak gedurende een periode van hevige droogte. Voordien deelden zwarte boeren en Arabische herders het water om hun landbouwgronden te irrigeren. Dat heeft secretaris-generaal Ban Ki-moon van de Verenigde Naties zaterdag geschreven in een opiniestuk in The Washington Post. Het is de eerste keer dat een hoge bewindsman een rechtstreekse link legt tussen oorlog en de milieuproblematiek.

Ban schrijft dat het conflict in Darfoer bijna altijd in militaire termen en als een etnisch conflict wordt beschreven, als een strijd tussen Arabische milities en zwarte rebellen. "Kijk naar de wortels, en je ontdekt een ingewikkelder dynamiek", schrijft hij. Volgens Ban begon de regenval in Soedan twee decennia geleden af te nemen, ten dele door de klimaatverandering. De zwarte boeren en Arabische nomadische herders konden aanvankelijk goed met elkaar opschieten, maar kregen problemen toen de omstandigheden verslechterden.

Water- en voedseltekorten verstoorden de vrede, aldus Ban, volgens wie ook de conflicten in Ivoorkust en Somalië mede het gevolg zijn van ecologische problemen. Ban noemt de recente instemming van Soedan met de stationering van een vredesmacht van de VN en de Afrikaanse Unie in het gebied een aanzienlijke vooruitgang, maar waarschuwt dat het 'essentiële probleem' de schaarste aan grond, water en voedsel is.

18 juni 2007

VISTA niet zo visionair op het vlak van milieu.

14/06/2007 | Bron: OVAM - Eco-efficiëntie nieuwsbrief nr.16

Zijn complexe samenstelling en energieverbruik gaven de pc al een aanzienlijke milieu-impact. Naast hardware speelt nu ook software een steeds grotere rol in dit verhaal. Het recent door Microsoft gelanceerde besturingssysteem VISTA blijkt op alle vlakken meer te eisen van uw pc en een veelvoud aan energie te verbruiken.

Iedereen kent het sneeuwbaleffect waarbij we om de zoveel jaar een nieuwe pc moeten kopen om het huidige besturingssysteem te kunnen draaien, mede omdat het vorige niet meer wordt ondersteund. Bij VISTA is dit niet anders. In de meeste gevallen komt het erop neer dat enkel de nieuwste pc's de hoge prestaties aankunnen. Toch bedenkelijk als je weet dat het besturingssysteem nog geen programma is, maar enkel het middel om de pc te laten werken. Door zijn dominante marktpositie kan Microsoft zijn klanten afhankelijk maken van de criteria van zijn software en dus verplichten tot massale overschakeling op zowel nieuwe software als computers. Door de schaalgrootte gaat dit wereldwijd gepaard met een enorme milieuimpact qua energieverbruik, afgedankte en nieuwe computers.

Dat er alternatieven mogelijk zijn bewijzen we bij de OVAM, waar enkele jaren geleden is beslist om niet verder te investeren in Windows of Microsoft, maar over te schakelen op een ander besturingssysteem en Open Source software. Dit besluit was enerzijds het gevolg van de terugkerende hoge licentie- en onderhoudskosten. Anderzijds dwong de Microsoft tredmolen bij een upgrade te vaak tot zware investeringen in krachtigere computers en servers zonder dat daar uit gebruiksoogpunt nood aan was.

Parijs gaat milieuvriendelijke auto's beschikbaar stellen

15/06/2007 |Bron: Belga

Parijs gaat een systeem opzetten om tegen eind dit jaar aan haar bewoners niet-vervuilende auto's beschikbaar te stellen. Dat heeft burgemeester Bertrand Delanoe vrijdag verklaard op BFM-TV.

Parijzenaars zullen voor korte periodes - één of twee uren - deels door elektriciteit aangedreven wagens kunnen huren. Gebruikers zullen de auto op één punt kunnen instappen en ze in een ander deel van de stad inleveren. Het zullen geen volledig elektrische auto's zijn "omdat die technologie niet perfect op punt staat", aldus Delanoe. De dienst zal voor het einde van dit jaar operationeel worden, aldus de Parijse burgemeester. De Franse hoofdstad heeft al ervaring met een paar dozijn van dit type wagens. "De idee is meerdere honderden of duizend wagens ter beschikking te stellen".

Een achterliggend principe was ook bestuurders te laten nadenken over het nut van autobezit in een stad als Parijs.

Uitstoot van broeikasgassen in EU met 0,8 pct gedaald

15/06/2007 | Bron: Vilt-nieuwsoverzich

De uitstoot van broeikasgassen in de Europese Unie is tussen 2004 en 2005 met 0,8 procent (of 352 miljoen ton) gedaald, zo heeft het Europees Milieuagenstchap (EEA) donderdag bekendgemaakt. België doet het met een afname van 2,6 pct vrij goed. Oostenrijk en verschillende landen in het zuidelijke deel van de Unie kenden evenwel nog een stijging.

In het kader van het protocol van Kyoto moet de emissie van broeikasgassen in de EU (van de Vijftien) tussen 2008 en 2012 met acht procent verminderen ten opzichte van 1990. Tussen 1990 en 2005 viel in werkelijkheid slechts een daling van 1,5 procent te noteren, aldus het milieuagentschap. De beste leerlingen van de Europese klas om Kyoto op te volgen, waren in 2005 Finland (- 14,6 pct), Denemarken (- 6,3 pct), Nederland (- 2,9 pct) en Duitsland (- 2,3 pct), weet het persagentschap Belga.

Ook goed op weg zijn Frankrijk, Groot-Brittannië, België (- 2,6 pct of 3,8 miljoen ton), Zweden en Luxemburg, zegt het EEA. Slechte punten zijn er voor Oostenrijk, Griekenland, Ierland, Italië en Portugal, waar de uitstoot in 2005 nog toenam. De cijfers slaan op zes broeikasgassen met als belangrijkste koolstofdioxide (CO2). De gassen zorgen voor een opwarming van de aarde.

“Klimaatverandering? Niet met mijn geld”

10/06/2007 | Bron: Milieudefensie

Nederlandse banken veroorzaken met hun investeringen drie keer zoveel CO2-uitstoot als heel Nederland in een jaar. De banken investeren 20 keer meer in klimaatschadelijke projecten zoals oliewinning en kolencentrales dan in klimaatvriendelijke, duurzame energie. Van de Nederlandse banken scoort ABN AMRO het slechtst als het gaat om de impact op het klimaat (zie bijlage). Dit blijkt uit een rapport dat Milieudefensie vandaag publiceert. Onder het motto “Klimaatverandering? Niet met mijn geld!” start Milieudefensie tegelijkertijd een campagne, waarbij consumenten worden opgeroepen naar een klimaatvriendelijke bank over te stappen.

Milieudefensie roept de banken en hun klanten op om klimaatvriendelijker te bankieren via de website www.nietmetmijngeld.nl. “Banken hebben een enorme invloed op klimaatverandering. Hun investeringen in fossiele brandstoffen zorgen voor een uitstoot van 594 miljoen ton van het broeikasgas CO2, meer dan drie keer de hoeveelheid die heel Nederland in een jaar uitstoot,” zegt Donald Pols, campagneleider Energie en Klimaat van Milieudefensie. “Tegenover de 118 miljard die banken investeren in de productie van fossiele brandstoffen, staat een schamele 6,9 miljard euro aan investeringen in duurzame energie.” De banken zelf geven maar weinig informatie over de impact van hun investeringen op het klimaat. Het rapport van Milieudefensie geeft hiervan voor het eerst een onthutsend overzicht. SP-er Paulus Jansen stelt daar maandag vragen over in de Tweede Kamer.

Klanten van klimaatonvriendelijke banken kunnen veel CO2 uitstoot besparen door hun geld over te hevelen naar een bank die beter presteert. “Als een klant van ABN AMRO tweeduizend euro spaargeld overhevelt naar Rabobank, bespaart hij al net zoveel CO2 uitstoot als wanneer hij alle gloeilampen in huis vervangt door spaarlampen,” legt Pols uit. “En wie tienduizend euro spaargeld overhevelt van ABN Amro naar Triodos bank of ASN Bank, vermijdt zelfs een hoeveelheid CO2 uitstoot die even groot is als wanneer je een half jaar de auto niet gebruikt.”

Via de website nietmetmijngeld.nl kunnen consumenten zien hoeveel CO2 hun bank met hun spaargeld veroorzaakt. Klanten kunnen hun bank via de site mailen en een overstappakket aanvragen om naar een klimaatvriendelijke bank over te stappen. “We hopen dat consumenten en organisaties massaal van deze mogelijkheden gebruik gaan maken," zegt Pols.

ASN Bank en Triodos Bank zijn de meest klimaatvriendelijke banken van Nederland. “Andere banken kunnen daar een voorbeeld aan nemen door fors minder geld te investeren in vieze fossiele brandstoffen,” vindt Pols. “Er moet veel meer geïnvesteerd worden in energiebesparingen en duurzame energie. We hebben alle hens aan dek nodig bij het oplossen van het klimaatprobleem. Invloedrijke partijen zoals de banken hebben de speciale verantwoordelijkheid snel actie te ondernemen en klimaatvriendelijk te investeren.”

Tarweprijs in Parijs 30 pct hoger dan maand geleden

16/06/2007 | Bron: Vilt-nieuwsoverzicht

De prijs voor tarwe zit nog steeds in de lift. De wereldvraag stijgt terwijl de voorraden beperkt zijn en de oogst in de Verenigde Staten dreigt te mislukken. Op de beurs van Parijs werd donderdag voor een ton in juli te leveren tarwe 180 euro neergeteld, 5 procent meer dan een dag eerder en bijna dertig procent meer dan een maand geleden. Dat schrijft het Financieele Dagblad.

Volgens analist Jochen Hitzfeld van UniCredit kan de wereld met de huidige voorraad tarwe nog maar 71 dagen voort. De tarweoogst in de VS dreigt ernstig te mislukken door extreem koud winterweer begin april en zware slagregens die de oogst onmogelijk maken. In Oklahoma is pas een kwart van de velden geoogst tegen ruim driekwart in normale jaren.

Daarnaast hebben de Amerikaanse boeren een groter deel van hun grond met maïs ingezaaid. De prijs voor maïs is door de stijgende vraag naar biobrandstoffen sterk gestegen.

17 juni 2007

Een klimaatminister die weegt

Onderstaand stuk verscheen in De Standaard van 16 juni 2007.

Een klimaatbeleid kan niet bouwen op milieutaksen alleen, antwoordt Els Keytsman op de kritiek van Aviel Verbruggen dat Groen! vooral aan regelneverij doet.

Aviel Verbruggen vindt 'klimaatministerke spelen' geen goede oplossing voor de huidige klimaatproblemen en pleit voor een ambitieus klimaatbeleid (DS 15 juni). Dat ambitieuze klimaatbeleid is vandaag op geen enkel vlak zichtbaar.

Langetermijndoelstellingen voor regeringen blijven tot nu toe altijd vrijblijvend. Dat is zeker zo wat klimaat betreft. België heeft zich in het Kyoto-protocol verbonden om tegen 2012 te gaan naar een minderuitstoot van 7,5 procent ten aanzien van 1990, maar nu al is duidelijk dat met het huidige beleid deze doelstelling niet wordt gehaald. En onze beleidsmakers geraken daar gewoon mee weg.

Tegelijk schreeuwen bedrijven om juridische zekerheid. Voor Groen! is een klimaatwet met duidelijke doelstellingen daarvoor de beste garantie. Met een klimaatwet kan elke burger, het parlement en de hele civiele samenleving jaar na jaar de vorderingen van het beleid evalueren en laten bijsturen. Indien doelstellingen niet worden gehaald, kan de overheid daarvoor verantwoordelijk worden gesteld. Ook in Nederland pleiten milieuorganisaties én vakbonden gezamenlijk voor een speciale klimaatwet waarin wordt vastgelegd hoeveel Nederland jaarlijks mag uitstoten. Ook de 'Big Ask' campagne van Friends of the Earth en de oproep van 400 Britse politici om het halen van ambitieuze klimaatdoelstellingen op korte, maar ook op lange termijn, wettelijk bindend te maken, leidden eerder al in Groot-Brittannië tot een klimaatwet. Ook Canada voert binnenkort zo'n klimaatwet in.

Een klimaatbeleid kan niet bouwen enkel op milieutaksen. Dat leidt niet tot een effectief milieubeleid, maar maakt integendeel heel veel ecologische producten voor tal van mensen financieel onbereikbaar. Dat kan onmogelijk de bedoeling zijn. Productnormen en subsidieregelingen zorgen ervoor dat bedrijven en burgers op een betaalbare wijze hun uitstoot van broeikasgassen kunnen verminderen. Bedrijven en consumenten kunnen dan kiezen welke maatregelen het beste bij hen passen. Bedrijven kunnen bijvoorbeeld een CO{-2}-budget krijgen, terwijl emissierechten dan bij andere bedrijven worden ingekocht. Of nog, eerder dan de consument de valse keuze op te dringen tussen milieuschadelijke en milieuvriendelijke producten, zorgt de overheid ervoor dat enkel nog kwaliteit op de markt terecht komt. Dat kan met het Top Runner Model zoals in Japan. Hierbij worden ambitieuze productnormen vooropgesteld en de overheid verleent drastische ecologiesteun aan de onderneming die koploper is in de betrokken sector. Na vijf jaar wordt de prestatie van de koploper de norm. Zo worden ecologische producten voor iedereen bereikbaar.

Voor een doeltreffend klimaatbeleid zijn juridisch verankerde doelstellingen en maatregelen alleen uiteraard ruim onvoldoende. Het is duidelijk dat de energieomslag een goede en volgehouden coördinatie tussen de gewesten en het federale niveau vereist. Gezien het energie-, klimaat- en milieubeleid elkaar voor grote delen overlappen, is de bestaande versnippering van middelen, bevoegdheden en personeel even nefast voor de doeltreffendheid van het beleid. Verhofstadt II telde een minister van Energie, eentje van Leefmilieu, en daarbovenop een staatssecretaris van Duurzame Ontwikkeling. Als deze drie regeringsleden al een beleid voerden, dan was op zijn zachtst gezegd niet altijd even coherent. Laat staan dat het klimaatbeleid op federaal niveau en dat op het Vlaamse niveau met elkaar in overeenstemming waren. Er is dan ook nood aan een sterke coördinatie van het klimaat- en energiebeleid en van de verschillende energie- en klimaatfondsen op de verschillende overheidsniveaus. Maar ook van de verschillende steunmaatregelen. Vooral daarom pleitte Groen! voor een vice-premier voor Klimaat, Milieu en Energie die het beleid van de verschillende overheidsniveaus in het land coördineert, de energietransitie voorbereidt en daarvoor de verschillende actoren samenbrengt.

De kern van het ecologische klimaatplan is dus niet zozeer 'het postje' van de klimaatminister zoals Aviel Verbruggen denkt, maar wel een klimaatwet, de coördinatie van de verschillende bevoegdheden op verschillende niveaus, en uiteraard een voldoende groot budget. Het is evident dat zo'n ambitieus klimaatbeleid wortels moet hebben in een uitgebreid hoofdstuk in het volgende federale regeerakkoord en dat het gedragen moet zijn door de ganse federale regering. De veruitwendiging van zo'n doortastend klimaatbeleid is dan de klimaatminister, met voldoende ruime bevoegdheden inzake leefmilieu, energie, duurzame ontwikkeling en energie. Een minister die wéégt binnen de regering en die gemandateerd is om de coördinatie met de regio's inzake energie- en klimaatbeleid te verzorgen. Een minister die ook wéét waarover het gaat, eentje met veel deskundigheid en expertise. Pas dan kan de ecologische omslag naar een ambitieus klimaatbeleid op de sporen worden gezet. Er is inderdaad nog veel werk aan de winkel.

Els Keytsman (Groen!) schreef mee Het Klimaatboek. Pleidooi voor een ecologische omslag.

12 juni 2007

"Hernieuwbare energie geen prioriteit voor ons land"

08/06/2007 | Bron: De Tijd

"Het electorale discours rond klimaatinspanningen wordt veel te emotioneel gevoerd. Als je alles nuchter bekijkt, moet je vaststellen dat de interne productie van hernieuwbare energie bijvoorbeeld geen prioriteit hoeft te zijn voor België. Laat ons dat maar invoeren en ons concentreren op andere sectoren zoals bier, pralines of erwten in blik". Dat zegt Stef Proost van het Centrum voor Economische Studiën van de KULeuven.

Proost schreef samen met zijn KUL-collega Denise Van Regemorter 'Economie voor een klimaatminister', een van de Leuvense Economische Standpunten. De auteurs merken op hoe politici tegen elkaar opbieden over de strafste klimaatinspanning. "We pleiten voor een genuanceerde aanpak", luidt het. Ze berekenden bijvoorbeeld hoe België de uitstoot van broeikasgassen tegen 2020 met 30 procent kan reduceren in vergelijking met 1990. Die doelstelling schuift de EU naar voren, althans als andere grote vervuilers zoals de VS en China meedoen. "Alleen is dat scenario weinig waarschijnlijk", zegt Proost.

De goedkoopste optie om die doelstelling te realiseren in België is volgens de KUL-studie een veralgemeende uitstootbelasting of een veralgemeend gebruik van verhandelbare uitstootrechten voor alle sectoren. Nu bestaat die emissiehandel al voor de grootvervuilers. "Die uitstootbelastingen hebben het voordeel dat men zo de lasten op arbeid kan verminderen. Nadeel is dat die belastingen weinig populair zijn en dat de overheid niet echt kan aantonen dat ze de opbrengst gebruikt voor een lastenvermindering".

Om het reductiedoel te halen schuiven de auteurs het openhouden van kerncentrales of de bouw van nieuwe naar voren. Kerncentrales stoten immers geen CO2 uit zoals gas- en steenkoolcentrales. Proost geeft verschillende scenario's. Het minste effect op het bnp krijgen we door vast te houden aan nucleaire energie en uitstootrechten in het buitenland te kopen.

Nog een opmerkelijke uitspraak in de studie: "België haalt geen comparatief voordeel in wind- en zonne-energie of biomassa. Waarom zouden we daar koploper in moeten zijn?" België doet er dus best aan te ijveren tegen het opleggen van binnenlandse hernieuwbare energiequota per land en hernieuwbare energie grotendeels in het buitenland te kopen. "Hernieuwbare energie hoeft geen prioriteit te zijn voor ons land", zegt Proost. "In andere sectoren zijn veel meer jobs te scheppen".

"Nog zo'n technologische obsessie van onze regering zijn de zuiniger auto's", gaat Proost door. "Een zuinige auto verplichten is de economie verplichten op een dure wijze emissies te besparen. Want zo loopt ze accijnzen mis op de door de consument bespaarde brandstof. De kostprijs per ton bespaarde CO2 door het verplichten van zuiniger auto's bedraagt meer dan 500 euro/ton. Een subsidie voor superzuinige auto's maakt die kostprijs nog groter. Beter is het uitstootrechten aan te kopen die zo'n 10 tot 40 euro/ton bedragen", klinkt het.

G8-top bereikt akkoord over klimaat

07/06/2007 | Bron: Belga

De G8-lidstaten hebben tijdens de top in het Duitse Heiligendamm na harde onderhandelingen een compromis bereikt over het klimaat. Volgens de Duitse bondskanselier Angela Merkel erkennen de zeven belangrijkste industrielanden en Rusland het belang van een duidelijke vermindering van broeikasgassen. In de slotverklaring over het klimaat staat dat de lidstaten de halvering van de CO2-emissies tegen 2050 "ernstig in overweging nemen", aldus Merkel.

In tegenstelling tot de oorspronkelijke houding van de Verenigde Staten wordt ook benadrukt dat de klimaatonderhandelingen in eerste instantie binnen de VN zullen verlopen. Het klimaatproces van de VN wordt het "geëigende forum voor klimaatonderhandelingen". Bondskanselier Merkel ziet het besluit, dat de staats- en regeringsleiders tijdens het middageten hebben afgesloten, als "de juiste ommekeer" in de inspanningen voor de bescherming van het klimaat. Ze beschreef het resultaat als een "zeer, zeer goede opbrengst".

Volgens Merkel was dat het hoogst mogelijke wat kon bereikt worden. De bondskanselier ziet in het compromis een weg voor de milieuministers uit de hele wereld om op de conferentie in Bali, die eind dit jaar plaatsvindt, te starten met een overeenkomst die het Kyotoprotocol moet aflossen. Nu is het aan de G8-lidstaten om zoveel mogelijk landen van deze weg te overtuigen.

Merkel herinnerde dat veel staten in de jongste weken al een sterke beweging in die richting maakten. Volgens Merkel wordt nu ook de mogelijkheid voor een wereldwijde emissiehandel aangesneden. De Duitse bondskanselier had voor de top reeds aangekondigd dat er twee belangrijke thema's waren voor de top in Heiligendamm: de strijd tegen de opwarming van de aarde moet verlopen via de VN en de wetenschappelijke bevindingen van het klimaatpanel van de VN mogen niet in vraag gesteld worden. Beide doelstellingen werden volgens Merkel nu vervuld.

Vooral de Amerikaanse president George W. Bush had zich voor de top negatief uitgesproken over concrete doelstellingen in het definitieve document over de strijd tegen de opwarming van de aarde. Merkel kreeg in Heiligendamm vooral steun van Frankrijk, Groot-Brittannië en Italië.

Duitse deelstaten vrezen overproductie biodiesel

05/06/2007 | Bron: Agrarisch Dagblad

De milieuministers van de Duitse deelstaten eisen van de bondsregering in Berlijn maatre­gelen om de slechte situatie op de biodieselmarkt te verbeteren. De regionale bewindslieden vinden dat de regering de bijmengplicht moet opkrikken. Bovendien eisen ze dat de plannen voor een verdere verhoging van de accijns moeten opgeborgen worden. De accijns moet zelfs opnieuw omlaag, klinkt het.

De biodieselproductiecapaciteit in Duitsland blijkt na de afschaffing van de accijnsvrijstelling in ruil voor een bijmengplicht veel te groot. Dit is vooral het gevolg van de daling van de prijs van gangbare diesel. Dit jaar zou de capaciteit van de biodieselprodcutie in Duits­land toenemen tot vijf miljoen ton, meldt de Arbeitsgemeinschaft Qualitäts­management Biodiesel (AGQM). Volgens deze bran­chewerkgroep valt sterk te betwij­felen of die capaciteit geheel zal worden benut.

Vorig jaar kwam de biodieselaf­zet in Duitsland uit op 2,5 miljoen ton. De biodieselfabrikanten lie­ten enkele weken geleden weten dat ze afschaffing van de accijns­vrijstelling van biodiesel aanhangig willen maken bij het Duitse gerecht. De fabrikanten menen immers dat de over­heid zich schuldig heeft gemaakt aan woordbreuk.

"Chemische industrie moet meer biomassa gebruiken"

05/06/2007 | Bron: Belga

De Belgische en bij uitbreiding Europese chemische industrie moeten dringend investeren in "biochemie": de productie van plastics, maar ook materialen en chemicaliën op basis van landbouw- of natuurlijke producten. Dat zegt Christian Stevens van de Gentse Universiteit. Eén derde van de petrochemie wereldwijd staat in Europa, dat op het vlak van infrastructuur dus zeker een voorsprong heeft.

Alleen zorgen de slinkende oliereserves op termijn niet alleen voor een brandstoftekort, maar ook voor een tekort aan materialen. De petrochemie moet dus diversifiëren, aldus Stevens, en gebruik maken van biomassa. Meer nog dan de energiesector, die nu volop de biobrandstoffen aan het ontdekken is. "In tegenstelling tot energiewinning, zijn er voor materialen weinig opties. Energie kan je ook winnen uit wind-, water-, zonne- en kernenergie. Maar voor materialen zijn er behalve de petroleumsector en de landbouw weinig alternatieven. Er gaat, vind ik, dan ook teveel aandacht naar biobrandstoffen ten nadele van biomaterialen".

Grote chemische bedrijven in de VS produceren al volop bioplastics, zoals polylactic acid: een polymeer van melkzuur, dat gebruikt wordt voor zakjes of drinkbekers. Toch zijn de andere opties legio, weet Stevens. "Op basis van suikers kan je bijvoorbeeld isosorbide-esters produceren, die gebruikt kunnen worden als weekmaker in plastic. De weekmakers die momenteel gebruikt worden, komen in opspraak door hun toxiciteit. Biochemicaliën zijn een alternatief".

Chemiereuzen zoals Bayer, BASF, Degussa en Solvay voeren onderzoek, maar in de productie ressorteert het nog weinig of geen effect. In de fabrieken waar biodiesel en bio-ethanol wordt geproduceerd, gaat het "restafval" veelal verloren, zegt Stevens. "De perskoek wordt gebruikt als veevoeder, terwijl die na bewerking een veel hogere toegevoegde waarde zou kunnen hebben, zowel voor de boer als voor de verwerkende industrie. Dat is het concept van de biorefinery: alle mogelijke stromen die uit het plantaardig materiaal komen optimaal benutten en commercialiseren".

Professor Stevens is medeorganisator van een meerdaagse conferentie over bioraffinaderijen en hernieuwbare grondstoffen, die maandag startte aan de Gentse Universiteit.

Mondiale temperatuur op recordkoers

05/06/2007 | Bron: Belga

De gemiddelde temperatuur op wereldschaal ligt tijdens de eerste vier maanden van dit jaar bijna 0,5 graden Celsius hoger dan het gemiddelde op lange termijn, zo heeft de Britse metereologische dienst, het Met Office, dinsdag laten weten.

De cijfers voor de maanden januari tot april liggen in de lijn van de verwachting van het Met Office dat 2007 op mondiale schaal warmer zal zijn dan het gemiddelde. Maar het fenomeen La Nina kan verhinderen dat 2007 het warmste jaar ooit wordt, aldus David Parker, specialist bij het Met Office inzake klimaatsverandering.

De dienst schat de kans dat we dit jaar op wereldschaal het warmste jaar ooit kennnen op zestig procent, met een gemiddelde temperatuur die 0,54 procent hoger ligt dan het gemiddelde op lange termijn (1961-1990) dat 14 graden bedraagt.

Student wil stroom opwekken uit mest van festivals

04/06/2007 | Bron: Het Laatste Nieuws

"Laten we de wc's op grote festivals regelmatig leeghalen en van de mest groene stroom maken". Met dit idee won afstuderend milieucoördinator Filip Fransen de jongerenaward van de Belgische Energie- en Milieuprijs 2007. "Ik ben een fervente festivalganger. Maar de CO2-vervuilende stroomgeneratoren die ervoor nodig zijn, vind ik minder". De student sprak al met de organisatoren van Rock Werchter.

"Ik las over een Nederlands cultuurcentrum, waar de gasten gevraagd werd een 'grote boodschap' te doen, zodat er een hele avond licht zou zijn", vertelt de 26-jarige Fransen. "Toen dacht ik aan de tonnen uitwerpselen die op een groot festival geproduceerd worden. Werchter heeft 80.000 bezoekers per dag, goed voor 24 ton mest over vier dagen."

"Bedoeling is de mest in een afgesloten ruimte te laten gisten. Daarna wordt het methaangas verzameld en verbrand tot elektriciteit. Ik zoek nog uit hoe we alles mobiel kunnen maken". Fransen sprak al met Live Nation - de organisator van Rock Werchter. "Gewone stroom zal een festival altijd nodig hebben, maar hoe meer groene stroom, hoe beter. Ik wil subsidies aanvragen en sponsors vinden om mijn systeem te commercialiseren", klinkt het enthousiast.