08 juni 2006

Biofuels for Transportation: Global Potential and Implications for Sustainable Agriculture and Energy in the 21st Century

7/06/2006 | Bron: Worldwatch Institute

Biofuels such as ethanol and biodiesel can significantly reduce global dependence on oil, according to a new report by the Worldwatch Institute, released in collaboration with the German Agencies for Technical Cooperation (GTZ) and Renewable Resources (FNR). Biofuels for Transportation: Global Potential and Implications for Sustainable Agriculture and Energy in the 21st Century, sponsored by the German Federal Ministry of Food, Agriculture and Consumer Protection (BMELV), is a comprehensive assessment of the opportunities and risks associated with the large-scale international development of biofuels.

Last year, world biofuel production surpassed 670,000 barrels per day, the equivalent of about 1 percent of the global transport fuel market. Although oil still accounts for more than 96 percent of transport fuel use, biofuel production has doubled since 2001 and is poised for even stronger growth as the industry responds to higher fuel prices and supportive government policies. “Coordinated action to expand biofuel markets and advance new technologies could relieve pressure on oil prices while strengthening agricultural economies and reducing climate-altering emissions,” says Worldwatch Institute President Christopher Flavin.

For more on the report, read the complete press release, view selected trends and facts from the report, and register (free) or log in to our site to download PDF files of the short and extended summaries. The full report will be available later in the year.

:: lees het volledige persbericht

07 juni 2006

Greenpeace: kernuitstap én CO2-reductie haalbaar tegen 2050

07/06/2006 | Bron: BELGA

België kan zonder meer uit kernenergie stappen en tegelijk zijn CO2-uitstoot reduceren. Dat blijkt uit een studie van het Duitse Zentrum für Luft- und Raumfahrt (LRD) in opdracht van Greenpeace. De regeringen van ons land moeten dan wel resoluut kiezen voor meer energie-effeciëntie en de ontwikkeling van hernieuwbare energiebronnen.

Volgens de onderzoekers kunnen hernieuwbare energiebronnen (windenergie, biomassa...) in België tegen 2050 instaan voor 65 procent van de elektriciteitsproductie. Bovendien kunnen we tegen die tijd ook de totale vraag naar energie verminderen, zonder aan comfort in te boeten, zo blijkt uit de studie.

"Een duurzaam energiescenario heeft niet alleen ecologische, maar ook economische en sociale voordelen", meent Stefan Kronshage van het LRD. "De kostprijs van fossiele brandstoffen zal immers almaar toenemen, terwijl de kostprijs van hernieuwbare energie zal dalen. Bovendien kunnen in de sector van hernieuwbare energie heel wat jobs gecreëerd worden".

Greenpeace zal het rapport, getiteld "De Belgische Energierevolutie", met daarin het energiescenario van het LRD, overmaken aan alle verantwoordelijke Belgische politici.

Parliament urges EU nations to act on energy savings

If existing legislation was fully implemented in the member states, the EU would already be half way to meeting its 20% energy-saving target by 2020, the Parliament says.

:: meer lezen

KNMI: Nederland warmer en natter door klimaatverandering

31/05/2006 | Bron: KNMI

Het KNMI schetst in vier nieuwe klimaatscenario’s in welke mate de klimaatverandering in Nederland kan leiden tot hogere temperaturen, heviger neerslag en zeespiegelstijging in 2050. De laatste berekeningen bevestigen dat de winters gemiddeld natter worden en dat ook de extreme neerslaghoeveelheden toenemen. In de zomer worden de buien intensiever, maar de verandering in de gemiddelde neerslag is onzeker. Volgens de nieuwe scenario’s horen zowel een lichte toename van de zomerneerslag als een forse afname tot de mogelijkheden. Bij een forse afname gaan droge zomers, zoals die van 1976 en 2003, veel vaker voorkomen. De berekeningen geven verder aan dat de veranderingen in het windklimaat klein zijn ten opzichte van de natuurlijke grilligheid.

De nieuwe klimaatscenario’s zijn aangeboden aan staatssecretaris Melanie Schultz van Haegen van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. Volgens Prof. Gerbrand Komen, onder wiens verantwoordelijkheid de scenario’s zijn ontwikkeld, zijn ze bedoeld voor studies naar de effecten van klimaatverandering bijvoorbeeld voor waterbeheer, ruimtelijke ordening, energievoorziening, landbouw en luchtkwaliteit. “Klimaatscenario’s zijn consistente en plausibele beelden van een mogelijk toekomstig klimaat en bieden de mogelijkheid om het beleid hierop af te stemmen. De klimaatverandering zou ook nog anders en extremer kunnen verlopen, maar daarvoor zijn de aanwijzingen uiterst onzeker.”

Hoewel klimaatschommelingen van alle tijden zijn, hebben wetenschappers vastgesteld dat de mens bijdraagt aan de huidige opwarming van de aarde door de uitstoot van broeikasgassen. In ons land hangen temperatuur en neerslag nauw samen met de windrichting. Onduidelijk is nog of de luchtstromingen en dus de windrichting boven West-Europa door het versterkte broeikaseffect gaan veranderen. In de nieuwe KNMI klimaatscenario’s wordt daar voor het eerst rekening mee gehouden: twee scenario’s gaan uit van onveranderde luchtstroming en twee andere scenario’s laten zien hoe temperatuur en neerslag in ons land veranderen als ook de luchtstroming verandert. Om dit in kaart te brengen is gebruik gemaakt van de nieuwste computerberekeningen die ook de basis vormen voor het eerstvolgende rapport van het IPCC, het Intergouvernementeel klimaatpanel van de Verenigde Naties, dat in 2007 zal verschijnen.

Energiebedrijven willen groen licht om CO2 onder de zee te pompen

31/05/2006 | Bron: Energieportal

Vanaf het dak van Scottish and Southern Energy's (SSE) elektriciteitscentrale net buiten Peterhead aan de Schotse kust is het moeilijk om voor te stellen dat hier een milieurevolutie zou kunnen plaatsvinden. In de zee, achter de horizon, ligt het Miller gasveld dat nu bijna leeg is en slechts af en toe de elektriciteitscentrale van brandstof kan voorzien. Dit veld, eigendom van BP, kan in de toekomst miljoenen tonnen koolstofdioxide (CO2) gaan bevatten van een nieuw te bouwen elektriciteitscentrale aan de Schotse kust.

SSE bespreekt momenteel de plannen om 's werelds eerste commerciële project te starten waarin CO2 van een elektriciteitscentrale onder de zeebodem wordt gepompt, in plaats van het gas in de atmosfeer uit te stoten en bij te dragen aan het broeikaseffect. Een recent rapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change schat dat 45 procent van de jaarlijkse CO2 emissies (37 miljard ton) in 2050 op deze manier kan worden opgevangen. Momenteel moet de technologie zich commercieel nog bewijzen.

Ian Marchant, bestuursvoorzitter van SSE, zegt dat het demonstratieproject van 750 miljoen pond steun van de overheid nodig heeft om door te kunnen gaan. "Iedereen weet dat het mogelijk is, maar nog nooit op grote schaal uitgevoerd". De Britse overheid heeft de technologie enthousiast ontvangen, maar concrete en substantiële subsidies zijn nog onzekere.

Het Peterhead project bestaat uit het bouwen van een nieuwe centrale, naast de bestaande, met een vermogen van 475 megawatt. Dit is genoeg om ongeveer 500,000 mensen van stroom te voorzien. De centrale zal het aardgas dat als grondstof wordt aangevoerd splitsen in CO2 en waterstof. Dit laatste wordt verbrand om elektriciteit op te wekken. De CO2 wordt vervolgens ongeveer 250 kilometer uit de kust in het Miller aardgasveld gepompt, meer dan 3 kilometer onder de zeebodem.

Chemie zonder rook kan

31/05/2006 | Bron: AD

De chemische industrie moet de middeleeuwen achter zich laten, zegt prof.dr.ir. A. Stankiewicz, bijzonder hoogleraar aan de TU Delft.
Koolzaad, suikerriet en koren hebben de toekomst. Hoe het Rijnmondgebied er over een jaar of vijftig zal uitzien? Het woud aan schoorstenen zal uitgedund zijn, de glimmende kolommen en pijpen 'verpakt' in fraaie bedrijfsgebouwen.
Of olie nog steeds de voornaamste grondstof voor de (petro-)chemie zal zijn, wordt betwijfeld, zegt prof.dr.ir. A. Stankiewicz, de in augustus 2005 benoemde hoogleraar procesintensificatie aan de TU Delft.

Alle cijfers wijzen erop dat oliebronnen schaarser worden; ook de voorraad gas en kolen is niet onbeperkt. Biobrandstoffen als koolzaad, suikerriet of koren zijn de meest voor de hand liggende alternatieven, voorspelt Stankiewicz.

"Chemie speelt een dermate belangrijke rol in ons leven dat ik me afvraag of we genoeg landbouwareaal hebben om ons, naast de toekomstige voedselvoorziening, tevens voldoende te voorzien in biogrondstoffen," luidt zijn bezorgde boodschap.

Daarom blijft het zaak, vervolgt de hoogleraar, om nu te werken aan een duurzame toekomst voor de chemie: "De chemie moet sommige sinds de middeleeuwen gebruikte technieken vernieuwen." Hierbij kan gedacht worden aan toepassing van microgolven ('In de keuken hebben we een magnetron staan, waarom moet de chemicus nog in een grote pan roeren?'), licht en ultrageluid. Groot voordeel van die technologieën is dat er nog efficiënter wordt geproduceerd. Stankiewicz: "Van alle grondstoffen gaat nu gemiddeld driekwart verloren. Met een andere aanpak komt die verhouding andersom te liggen."

In diversen sectoren van de chemie wordt 'het nieuwe tijdperk' inmiddels concreet vorm gegeven. In de offshore industrie, bijvoorbeeld, is een zuiveringsinstallatie verkleind tot circa een derde. In de chemische industrie is een fabriek met 28 apparaten teruggebracht tot een fabriekje met 3 apparaten. Zowel in de chemische als farmaceutische industrie worden zogenaamde microreactoren toegepast.

Volgens de hoogleraar biedt deze ontwikkeling richting kleinschaligheid ook veel voordelen vanuit de optiek van duurzaamheid. Hij hoopt dat de overheid en de industrie onderzoek naar concrete nieuwe mogelijkheden op het gebied van procestechnologie krachtig zullen ondersteunen.

"We hebben het dan over baanbrekend onderzoek dat tijd en geld vergt en waarvan je van tevoren niet weet of je resultaat boekt. De primaire verantwoordelijkheid van ons, technologen-onderzoekers, naar de maatschappij toe, ligt niet in lange publicatielijsten en rapporten, maar in toepasbare doorbraken die haar perspectieven merkbaar zouden verbeteren."

Ad van Wijk (Econcern): over 20 jaar is iedereen aan de duurzame energie

05/06/2006 | Bron: Energeia


De missie van Econcern is duurzame energie voor iedereen. En binnen twintig jaar kan dat streven bereikt zijn. "Dat gelooft u waarschijnlijk toch niet, maar het is echt zo", hield Econcern-topman Ad van Wijk de aanwezigen van de rondetafelconferentie over duurzame energie van Faasen & Parters in Amsterdam voor. Om vervolgens uiteen te zetten hoe hij denkt dat dat bereikt kan worden.

"De aarde bestaat voor 70% uit water en voor 30% uit land. Waarom wordt dan al onze elektriciteit op land geproduceerd?", vroeg Van Wijk. Hij ziet veel meer in energievoorziening vanaf zee, en nog duurzaam ook. "Een traditionele elektriciteitscentrale kun je bouwen op een platform boven een bijna leeg olieveld. De CO2 die wordt uitgestoten, pomp je dan in dat veld."

Is het veld vol, dan schakelt de centrale over op biomassa. En ook die kan op zee worden geproduceerd. "Bijvoorbeeld uit algen." Dat de bouw van een centrale op zee twee keer zo duur is als eenzelfde centrale op land, is volgens Van Wijk geen beletsel. "Op land is nergens plek. En bovendien heb je extra inkomsten uit de olie of gas die je uit dat veld oppompt. Dat compenseert de extra kosten ruimschoots."

Windmolenparken op zee zijn volgens Van Wijk een andere belangrijke optie. "Maar elke keer een kabel naar land maakt het duur. Bovendien is het nu al moeilijk om een plek te vinden waar we de kabel aan land kunnen laten komen, dwars door de duinen heen." Je kunt dan beter een soort ringleiding op zee aanleggen, volgens Van Wijk. "Zoals je die nu ook op land hebt. Dan heb je twee keer zo weinig kabel nodig."

Het idee lijkt op dat van het Ierse Airtricity. Dat ontvouwde vorige maand plannen voor een "Europese Supergrid". Inderdaad een vergelijkbaar plan, bevestigt Van Wijk, maar in zijn ogen veel te ambitieus. "Airtricity wil dat door heel Europa aanleggen. Wij alleen in de Noordzee." Bovendien kan het stap voor stap worden gerealiseerd, zegt Van Wijk, tegelijkertijd met bijvoorbeeld de bouw van windparken op zee.

Andere opties die Van Wijk ziet, zijn bijvoorbeeld getijde-energie en osmose. Dat is het winnen van energie op plaatsen waar zoet en zout water bij elkaar komen. Kema noemt ditzelfde principe 'blue energy'. Volgens Van Wijk is dit principe wel degelijk serieus te nemen. "Op de plek waar de Rijn in de Noordzee uitmondt kun je met osmose evenveel elektriciteit opwekken als in een waterkrachtcentrale waar het water 240 meter naar beneden stort."

Volgens berekeningen van Econcern is het mogelijk om de totale energievoorziening van alle landen rondom de Noordzee (Groot-Brittannië, Noorwegen, Denemarken, Duitsland, Nederland, België en Frankrijk) op zee te produceren. "Dan heb je 7% van het totale oppervlakte van de Noordzee nodig. Of eigenlijk nog minder, want in een windmolenpark is niet het totale oppervlakte bezet."

Duurzame energie is een van de snelst groeiende businesses van de wereld, zegt Van Wijk, wiens Econcern binnen enkele jaren EUR 1 mrd omzet hoopt te maken (in 2005 was dit EUR 200 mln). "Er is qua duurzame energie in potentie meer dan 100.000 keer het huidige energiegebruik voor handen", is de stelling van Van Wijk. "Bijvoorbeeld een project als de gesloten kas in de tuinbouw. Tegen 2009 doet 90% van alle tuinders daaraan mee. Dat is net zo goed duurzame energie." In de kern van de zaak is het zo dat het in de zomer te warm is en in de winter te koud. "Dat is geen energieprobleem, maar een opslagprobleem", aldus Van Wijk.

Kinderkamer verbruikt jaarlijks voor 54 euro elektriciteit

06/06/2006 | Bron: BELGA

De elektrische toestellen in een kinderkamer verbruiken jaarlijks gemiddeld 54 euro aan elektriciteit. Zo heeft de helft van de kinderen tussen 6 en 12 jaar een televisie op zijn kamer die gemiddeld 28 euro verbruikt, blijkt uit een onderzoek van Nuon Nederland naar het energiebewustzijn van kinderen. Nuon België maakte de resultaten van het onderzoek dinsdag bekend naar aanleiding van de voorstelling van het lessenpakket "Natuurlijk Energie". Dat wil kinderen aanzetten duurzamer met energie om te springen door hen bijvoorbeeld te leren alle elektrische toestellen in hun kamer volledig uit te zetten.

De stroomleverancier lanceert het educatieve en multimediale project volgend schooljaar voor kinderen tussen 4 en 12 jaar. Alle Vlaamse kleuter- en basisscholen kunnen één van de duizend pakketten aanvragen via de website van Nuon of de themabundel van het MOS (Milieuzorg op School). Voor wie thuis wil werken rond het thema is er de website www.natuurlijkenergie.be. Natuurlijk Energie, dat steun krijgt van de Vlaamse regering, maakt net als de energiedoos van het WWF en de Lesbrief Energie van Green Belgium deel uit van de leermiddelen voor het thema energie. Vlaams minister van Energie Kris Peeters lanceerde het pakket dinsdag in de basis- en kleuterschool De Leertuin in Meise.

Nuon peilde vorig jaar bij 422 Nederlandse kinderen tussen 6 en 12 jaar naar hun energiebewustzijn. Uit de resultaten blijkt dat kinderkamers multimediaal zijn. Zes op de tien hebben een radio, de helft heeft een tv en 38 procent een pc en/of een spelcomputer. Op een vijfde van de kamers staat een dvd-speler. Samen verbruiken ze 54 euro. Jongens hebben iets meer elektronica dan meisjes en het aantal toestellen neemt toe met de leeftijd.

Volgens het onderzoek zijn kinderen wel energiebewust, maar houden ze daar in hun gedrag niet noodzakelijk rekening mee. Zo zet de helft slechts af en toe of nooit de elektrische toestellen helemaal uit. Vier op de tien ondervraagde kinderen vragen om de verwarming hoger te zetten als ze koud hebben, terwijl hetzelfde aantal een trui aantrekt.

Nuon besluit dat kinderen vooral op school leren over hoe duurzaam om te springen met energie, maar dat hun gedrag sterk samenhangt met dat van de ouders.

Grote ontwikkelingslanden morsen met energie

Stephen Leahy | Bron: IPS

China, India en Brazilië zouden een kwart minder vervuilen als ze efficiënte energietechnologie gingen gebruiken

BROOKLIN, 31 mei (IPS) - China, India en Brazilië kunnen hun energieverbruik en de uitstoot van broeikasgassen met een kwart verminderen als ze overschakelen op efficiëntere energietechnologie. Dat zeggen de Wereldbank en Milieuprogramma van de VN (UNEP).

De drie groeilanden zijn goed op weg om 's werelds grootste vervuilers te worden. De economische groei die in China oploopt tot tien procent per jaar en de vooral in Brazilië en India nog fors toenemende bevolking doet de uitstoot van broeikasgassen er razend snel stijgen.

"We bevinden ons in een uitzonderlijke situatie. In een generatie tijd zal het energieverbruik en de uitstoot van broeikasgassen verdubbelen in die drie landen", zegt Robert Taylor, energiespecialist van de Wereldbank. Volgens een internationaal rapport van de Wereldbank en het UNEP zal China tegen 2020 al meer broeikasgassen produceren dan de VS.

Maar volgens experts is het nog niet te laat. Investeren in hernieuwbare energiebronnen is één oplossing. De drie landen hebben daar al een begin mee gemaakt. China en India geven onder de ontwikkelingslanden de toon aan op het vlak van windenergie; Brazilië haalt veel energie uit waterkracht en is ook een voorloper voor wat biobrandstoffen betreft.

Gelijkaardige investeringen zijn dringend nodig om de energie-efficiëntie te bevorderen, zegt Jeremy Levin van de Wereldbank. "Duurzaam energiegebruik is de goedkoopste en makkelijkste manier om veel energieproblemen op te lossen. Je gaat er ook de klimaatverandering mee tegen en moedigt economische investeringen aan", vindt zijn collega Taylor.

De overheid en de privé-bedrijven in de drie landen kunnen onder meer investeren in spaarlampen of systemen die warmte recycleren. Lokale banken zijn het best geplaatst om voor de nodige leningen zorgen. Hier wringt echter het schoentje. "De banken in de drie landen zijn zeer conservatief ingesteld en staan zeer weigerachtig tegenover investeringen in nieuwe sectoren", zegt Mark Radka, hoofd van de energieafdeling van het UNEP. "Nochtans betalen energie-efficiënte maatregelen zichzelf vrij snel terug, de 'return on investment' ligt gemiddeld tussen de twintig en veertig procent", zegt Radka.

In 2001 lanceerde de Wereldbank in samenwerking met het UNEP het 'Drie Landen Energie Efficiëntie Project', met workshops en pilootprojecten om energie-efficiëntie in China, Brazilië en India te promoten. In het kader van het programma zijn al meer dan driehonderd concrete projecten opgestart, die samen een investering vertegenwoordigen van tweehonderd miljoen dollar.

In China zorgden die projecten neer op een daling van de CO2-uitstoot met zeven miljoen ton. In India heeft het project tot hiertoe veel minder uitgehaald. De openbare infrastructuur in India behoort tot de meest inefficiënte ter wereld. Daarom wordt nu vooral gefocust op het verbeteren van de energie-efficiëntie in scholen en ziekenhuizen.

Ook Brazilië is geen succesverhaal. De hyperinflatie die Brazilië lang teisterde, heeft de meeste banken zeer voorzichtig gemaakt. Investeren in duurzame en efficiënte energie is niet aan hen besteed. De Braziliaanse Ontwikkelingsbank heeft onlangs wel een project goedgekeurd om bedrijven te ondersteunen die energie-efficiënte maatregelen ontwikkelen en promoten.

Pilootproject energiewinning in Surice

02/06/2006 | Bron: BELGA

In Surice is vrijdagmorgen de eerste Belgische installatie die biomethanisatie combineert met co-generatie, ingehuldigd in aanwezigheid van Waals minister van Transport, André Antoine. Het project is gericht op het winnen van elektrische energie (via biomethanisatie) en warmte (via co-generatie) aan de hand van afvalwater uit de veeteelt.
Het project, in handen van de vzw La Surizée, heeft een totaal kostenplaatje van 750.000 euro. Het Waalse gewest en de EU nemen een groot deel van de financiering voor hun rekening in het kader van de Europese structuurfondsen Objectief II.
Het afvalwater van de veeteelt stroomt van vier plaatselijke landbouwexploitaties naar de installatie en wordt opgevangen in hermetisch gesloten vaten. Volgens het principe van de biomethanisatie vindt een transformatie plaats van water in
elektrische energie, die nadien ingezet wordt in het distributienetwerk.
Tegelijkertijd recupereert de installatie via co-generatie de resterende warmte-energie om zo zestien plaatselijke woningen te verwarmen. Juist dat aspect is innoverend aan het project. De installatie zou over enkele dagen op volle toeren moeten draaien.

FP7: MEPs show support for energy R&D

The Parliament's industry committee's report on FP7 reshuffles the programmes internal budget allocation. MEPs give priority to R&D on nuclear and other energy sectors, while cutting support for regional clusters and SMEs by 48%.

:: meer lezen

Hernieuwbare energie: de Europese Commissie schuldig aan inconsequentie!

01/06/2006 | Bron: Alter Business New

De goede voornemens die de Commissie tijdens de Strategie van Lissabon aankondigde, blijken niet door concrete acties te worden ondersteund.
Het Europese budget voor onderzoek naar hernieuwbare energie is sedert 2002 gedaald van 275 naar 215 miljoen euro.
EUREC en EREC roepen de Commissie op om de daad bij het woord te voegen.

:: meer lezen

The power sector is the biggest climate polluter. A strong European ETS could reduce CO2 emissions significantly

07/06/2006 | Bron: WWF-persbericht

The European Emission Trading Scheme (EU ETS) will not be responsible for major job losses or for a reduction of EU competitiveness, says a new report commissioned by WWF. Compared to other policy instruments to achieve Kyoto compliance, the EU ETS – Europe’s key instrument to tackle climate change – is the cheapest option and can have positive effects on competitiveness.

:: meer lezen

EU urged to face up to foreign energy policy challenge

The Commission and Javier Solana have issued a joint paper proposing immediate actions that would allow EU nations to handle the growing dependence on foreign energy suppliers such as Russia.

:: meer lezen

Report spells out investors' needs for EU energy policy

A new report by Ernst & Young identifies corporate requirements to carry out the large-scale infrastructure programmes needed to diversify Europe's energy mix and bring forward alternatives to gas.

:: meer lezen

01 juni 2006

VREG: 18 m. euro boetes wegens geen groenestroom- en WKK-certificaten

23/05/2006 | Bron: BELGA

De Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteit- en Gasmarkt (VREG) heeft voor 18 miljoen euro boetes uitgeschreven voor het niet behalen vorig jaar van certificaten voor groene stroom en warmtekracht. Dat is gezegd naar aanleiding van het jaarverslag 2005 van de VREG.

Energieleveranciers moeten een minimum aan groene stroom aankopen. Ze kunnen dit doen door zelf elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen te produceren, of door de aankoop van groenestroomcertificaten van producenten die dit doen. Doen ze dat niet, dan krijgen ze boetes. Jaarlijks is ook een doelstelling vooropgesteld. Vorig jaar was het de bedoeling groenestroomcertificaten in te leveren goed voor 2,5 pct van de elektriciteitsleveringen.

In 2005 ging het aantal uitgereikte groenestroomcertificaten in stijgende lijn. Met andere woorden: er werd meer groene stroom geproduceerd. De doelstelling van 2005 werd zo goed als bereikt (97 pct). Er waren zelfs meer certificaten op de markt dan moest ingeleverd worden. Toch werden nog een aantal boetes uitgeschreven, voor zowat 4 miljoen euro. Het jaar daarvoor was dat zo'n 25 miljoen euro.

In 2005 kwam daar het systeem van warmtekrachtcertificaten bij.
Het systeem is hetzelfde als bij groene stroom, maar geldt voor warmtekrachtinstallaties (gezamenlijke productie van elektriciteit en warmte). Hier werd de doelstelling voor 43 pct bereikt. Eén nieuwe installatie kan echter al volstaan om de situatie te keren.
Er werden voor zowat 14 miljoen euro boetes uitgeschreven. In totaal gaat het dus om circa 18 miljoen euro aan boetes.

Uit het jaarverslag blijkt nog -zoals eerder door de VREG gemeld- dat er een stagnatie is op de markt wat betreft het aantal vrijgemaakte klanten. Het marktaandeel van de nieuwe leveranciers is zo'n 12 pct. Tachtig pct van de huishoudelijke afnemers sloot een contract. het marktaandeel van de standaardleveranciers is zo'n 85 pct.

Ook blijkt dat de liberalisering drukt op de prijs. Zonder de liberalisering zou de Vlaamse consument zo'n 15 pct meer betalen. Alhoewel op de aardgadsmarkt de prijzen forser stegen, blijft er in Vlaanderen een prijsvoordeel.
Wat de bedrijven betreft, deden de grotere bedrijven sinds de liberalisering serieuze winsten op hun energiefactuur. Diezelfde bedrijven zien wel de factuur sneller stijgen bij internationale prijsstijgingen.

Kwart Vlaamse scholen heeft al energieboekhouding aangevraagd

01/06/2006 | Bron: BELGA

Al 1.170 Vlaamse scholen, of zowat één school op vier, hebben aan hun energieleverancier gevraagd om een energieboekhouding op te starten, deelt onderwijsminister Frank Vandenbroucke mee. Scholen die hun aanvraag voor 30 september indienen, moeten daarvoor niets betalen. Daarna moeten ze zelf ongeveer 500 euro opstartkosten dragen. De latere opvolging door de netbeheerder blijft gratis.

De gratis energieboekhouding maakt deel uit van de campagne voor rationeel energiegebruik (REG) in de scholen die Vandenbroucke begin dit jaar lanceerde. In het kader van de campagne hebben zich intussen ook al 400 scholen aangemeld voor een energie-audit en hebben 156 scholen een subsidie voor de installatie van een stookolieteller aangevraagd.

Om directies, technische diensten, gebouwverantwoordelijken, leerkrachten en leerlingen te helpen bij het besparen van energie, heeft minister Vandenbroucke de scholen opgeroepen om vanaf dit jaar minstens maandelijks alle meterstanden van elektriciteit, aardgas, stookolie en water te registreren. Met deze gegevens zullen scholen via een softwarepakket hun energieverbruik kunnen spiegelen aan dat van andere scholen van ongeveer dezelfde omvang. Dit jaar is ook 10 miljoen euro extra voorzien om energievriendelijke investeringen van scholen te ondersteunen.

Tiense suikerfabriek ontvouwt bio-ethanolplannen

31/05/2006 | Bron: Belga

De Tiense Suikerraffinaderij en moedermaatschappij Südzucker gaan in Wanze bij Hoei een bio-ethanolfabriek bouwen. "BioWanze" zal per jaar 300.000 m3 ethanol produceren uit tarwe en suikerbieten. Dat heeft topman Thomas Hubbuch woensdag aangekondigd op een persconferentie.

De nieuwe fabriek kost 245 miljoen euro en komt naast de bestaande suikerraffinaderij in Wanze. Jaarlijks zal de fabriek meer dan een miljoen ton suikerbieten en tarwe verwerken tot ethanol. De suikerbieten worden volledig door Belgische boeren geleverd, de tarwe wordt gedeeltelijk geïmporteerd uit de buurlanden.

"De site in Wanze is ideaal voor de productie van ethanol omdat ze zich in het hart van de Belgische tarwe- en bietenteelt bevindt.", zegt Thomas Hubbuch. "Bovendien kunnen we gebruik maken van de nabijgelegen Maas en de spoorlijn voor het transport." Uniek aan de fabriek is dat het overschot van het graan wordt verbrand in een eigen elektrische centrale. Op die manier kan BioWanze een groot deel van zijn elektriciteit en verwarming zelf opwekken.

Tegen eind 2007 moet de fabriek operationeel zijn. Ze zorgt voor minimum honderd nieuwe banen bij Tienen zelf en een veelvoud aan indirecte jobs in de landbouw en bij transportfirma's. Voorwaarde is wel dat BioWanze een voldoende jaarlijks volume krijgt toegekend binnen de nationale aanbesteding van bio-ethanol. De productie van biologische brandstoffen wordt door de overheid toegewezen aan de producenten. Om rendabel te zijn moet BioWanze minimum 125.000m3 bio-ethanol per jaar produceren. Dat zou, volgens de nieuwe overheidsquota, geen probleem meer mogen opleveren. De rest van de productie in Wanze wordt geëxporteerd.

Binnenkort moeten in ons land alle fossiele brandstoffen worden gemengd met biobrandstoffen. Dat is ofwel biodiesel ofwel bio-ethanol. De regering nam die beslissing om de schadelijke uitstoot te verminderen en om de energie-afhankelijkheid van ons land te verminderen. De invoering van biobrandstoffen is een belangrijke stap om de Kyoto-norm te halen.

"Brazilië lonkt niet naar wereldmarkt bio-ethanol"

31/05/2006 | Bron: Agrarisch Dagblad

Brazilië kan en wil de wereldmarkt niet overspoelen met bio-ethanol. Het product is eerst en vooral nodig voor de eigen Braziliaanse behoefte aan autobrandstof. Dat zei economisch adviseur Carlos Cozendey uit naam van de Braziliaanse overheid tijdens een hoorzitting van het Europees Parlement over de onderhandelingen in verband met een vrijhandelsverdrag tussen de Europese Unie en de Zuid-Amerikaanse landen Brazilië, Argentinië, Uruguay en Paraguay.

Een belangrijk laatste struikelblok in de onderhandelingen is de verdere vrijmaking van de agrarische handel. De Zuid-Amerikaanse landen verwijten Europa daarbij niet genoeg toegevingen te willen doen op landbouwgebied. In dat licht waren de uitlatingen van Cozendey een opmerkelijk geluid. Europa wil bepaalde producten, zoals suiker, voorlopig wel blijven beschermen tegen goedkope import. Dit omdat de suikersector net in een belangrijke hervormingsfase zit.

"We hebben echter wel een royaal aanbod aan Brazilië gedaan voor markttoegang voor bio-ethanol", zei ambtenaar Anna Jonsson van het Europees directoraat-generaal voor de landbouw. Brazilië heeft hier echter niet veel behoefte aan, zo liet Cozendey weten. Hij stelde dat het belangrijk is dat de EU zijn eigen bio-ethanolindustrie opzet, zoveel mogelijk in de eigen behoefte voorziet en ook zijn eigen markt beschermt.

Zapatero confirms the commitment to phase out nuclear energy in Spain

31 mei 2006 | Bron: persmededeling Greenpeace

In the annual Debate in the Spanish Parliament about the State of the Nation
The nuclear industry is the great defeated: the Government has not echoed any of his absurd proposals


Greenpeace celebrates that the president of Government, José Luis Rodríguez Zapatero, has confirmed in the Debate of State of the Nation that the Government maintains his commitment, gathered in the electoral program of the PSOE and in the speech of investiture, to leave the nuclear energy in Spain and its announcement to make specific it so before this legislature finalizes, as environmental NGOs called for.

In fact, on the past 20 of May, the practical totality of the antinuclear groups of the Spanish State met in Madrid to write up a manifesto by means of which they asked to President Zapatero and the PSOE to fulfill the commitment to leave the nuclear energy in Spain starting, in this same legislature, the engaged plan for closing all the nuclear power stations. This plan has to start with the nuclear station of Santa María de Garoña (Burgos, Spain), the only power station in Spain still remaining of the so called “first generation” that is in a burden state of security.

Greenepace also celebrates the enormous setback suffered by the lobby of the nuclear industry in this Debate of the State of the Nation: the Government has not made preopposed echo of its absurd proposals. It's important to remember that the Forum of the Spanish Nuclear Industry, the organization who groups and defends the interests of the companies of the nuclear sector, raised the necessity to construct 10 new power stations in Spain and to prolong several decades the life of the 8 existing power stations, in spite of its problems of security.

“The debate about the benefit of betting or not on the nuclear energy ended with the overwhelming victory of the truely clean energies: renewable energies and the energy efficiency. The nuclear industry has left clearly defeated, in spite of all the pressure that has made in these last months” declared Juan López de Uralde, Greenpeace Spain Executve Director.

“We congratulated President Zapatero to have assumed that clean energies must be the base of the power model that demands our society and that they are the keys of a sustainable and competitive economy”, stated Carlos Bravo, Nuclear energy campainer at Greenpeace Spain.

Another important aspect that Greenepace emphasizes about the intervention of Zapatero in Debate of the State of the Nation is that he recognizes that will not be possible to solve the problem of the management of the radioactive waste generated by the nuclear stations without a wide social consensus that must incorporate the environmental NGOs.

It is possible to leave the nuclear energy in Spain in a progressive but urgent way, from a power and economic point of view. More over it is desirable from the point of view of the security and the environmental and health protection. It is mainly a question of political will.

President Zapatero has declared to have that will. In effect, the PSOE and its General Secretary, José Luis Rodríguez Zapatero, gained the general elections of the 14 of March of 2004 thanks - between other elements - to a series of promises as the one to close the nuclear power stations in a progressive way and to replace its power contribution by “cleaner, safer and less expensive energies”, as says its electoral program to General Elections 2004 and as it is reflexed in the Programmatic Agreement between PSOE and the Green party.

This electoral commitment is, in addition, a Government commitment because the same President Zapatero reaffirmed it in his speech of investiture in the presence of the Congress of the Deputies and in the speech at the Presidency of Government on 16 February 2005 to celebrate the coming into force of the Kyoto Protocol, as well as in the Debate of State of the Nation of May 2005.

“The announcement of President Zapatero in the Debate of the State of the Nation has been coherent with the things previously expressed by him. Now he musts pass to the facts without no more delay”
, added Bravo.