30/10/2006 | Bron(nen): Belga
In januari 2007 komt de Europese Commissie met een uitgebreid pakket energiemaatregelen naar buiten. "Het doel van die voorstellen", aldus Commissievoorzitter José Manuel Barroso maandag in Lissabon, "is om het aandeel van de fossiele brandstoffen in de Europese energiemix te versneld te verminderen".
Barroso voorspelde dat energie opnieuw een drijvende kracht van de Europese integratie wordt. In Lissabon sprak hij op een conferentie over Europese energiestrategie. In zijn tussenkomst verwees de Commissievoorzitter naar de informele Europese top van Lahti, waar de 25 EU-lidstaten met de Russische president Vladimir Poetin over energie praatten. "Ik was onder de indruk", aldus Barroso, "van de vaste wil van alle lidstaten om in een gemeenschappelijk front met de Russen te praten."
Barroso weidde vooral uit over het energieplan waarmee de Commissie in januari naar buiten komt. Daarmee wil het dagelijks bestuur van de EU het aandeel van de fossiele brandstoffen in de Europese energievoorziening versneld verminderen. Dat plan heeft volgens Barroso 4 pijlers.
Eerst is er de energiebesparing van circa 20 procent. Daarnaast moet het aandeel van hernieuwbare energiebronnen substantieel stijgen. Ten derde moet de CO2-uitstoot van de fossiele brandstoffen die we gebruiken substantieel verminderen. Hier wil Barroso prioriteit geven aan het onderzoek naar propere steenkool.
"Immers", aldus de Commissievoorzitter, "steenkool is relatief goedkoop en beschikbaar in de Europese Unie."
Tenslotte is er de kernenergie. Barroso onderstreept dat de keuze voor het nucleaire geen Commissiebevoegdheid is. Wel kan de Unie een bijdrage leveren om kernenergie veiliger te maken en het onderzoek te bevorderen. "Het debat over kernenergie", aldus Barroso, "mag geen taboe zijn."
Begin 2007 zal de Commissie ook de "Europese energievisie" verduidelijken. Volgens Barroso moet het document duidelijke doelstellingen bevatten hoe de Europese energiemix verder moet evolueren. "Dit rapport", aldus Barroso, "wordt de hoeksteen van het hele pakket en komt op het menu van de Lentetop van regeringsleiders."
Barroso eindigde zijn tussenkomst met de bedenking dat energie één van de drijvende krachten van de Europese integratie was. "Nadat energie vele jaren uit de belangstelling verdween", zo stelde de Commissievoorzitter, "wordt het opnieuw de motor van de Europese integratie".
30 oktober 2006
Muylle (CD&V) betwijfelt of België Kyotodoelstelling haalt
30/10/2006 | Bron(nen): Belga
CD&V-kamerlid Nathalie Muylle betwijfelt of België de Kyotodoelstelling haalt. Daarvoor heeft de federale regering te weinig concrete maatregelen genomen om de broeikasuitstoot door verwarming van gebouwen en door het transport terug te dringen, zegt ze. Ook zijn er volgens haar onvoldoende maatregelen om de uistoot na 2012, wanneer het Kyotoprotocol afloopt, verder terug te dringen.
Volgens Muylle heeft de federale regering in het klimaatbeleid te veel de nadruk gelegd op de verhandelbaarheid van emissierechten en te weinig op maatregelen rond grote vervuilers waarvan de uitstoot nog toeneemt, zijnde de verwarmde gebouwen (huizen en kantoren) en de transportsector.
Muylle betreurt dat de regering nu pas aankondigde audits te zullen uitvoeren voor federale overheidsgebouwen. Dit had volgens haar al eerder kunnen gebeuren. Ook in het dossier van de biobrandstoffen is volgens Muylle te veel tijd verloren. "Was de druk van de gewesten er niet geweest dan hadden we hier nog geen fiscaal kader voor", zegt ze.
Over de periode na 2012 zegt Muylle te betreuren dat minister van Leefmilieu Bruno Tobback het openhouden van de kerncentrales niet als optie neemt. "We gaan afhankelijk worden van aardgas, wat zorgt voor veel meer uitstoot", zegt ze.
Muylle herhaalt ook de kritiek van haar partij dat de door de regering aangekondigde taks op verpakkingen niet met de strijd tegen broeikasgassen te maken heeft, maar een puur budgettaire maatregel is.
CD&V-kamerlid Nathalie Muylle betwijfelt of België de Kyotodoelstelling haalt. Daarvoor heeft de federale regering te weinig concrete maatregelen genomen om de broeikasuitstoot door verwarming van gebouwen en door het transport terug te dringen, zegt ze. Ook zijn er volgens haar onvoldoende maatregelen om de uistoot na 2012, wanneer het Kyotoprotocol afloopt, verder terug te dringen.
Volgens Muylle heeft de federale regering in het klimaatbeleid te veel de nadruk gelegd op de verhandelbaarheid van emissierechten en te weinig op maatregelen rond grote vervuilers waarvan de uitstoot nog toeneemt, zijnde de verwarmde gebouwen (huizen en kantoren) en de transportsector.
Muylle betreurt dat de regering nu pas aankondigde audits te zullen uitvoeren voor federale overheidsgebouwen. Dit had volgens haar al eerder kunnen gebeuren. Ook in het dossier van de biobrandstoffen is volgens Muylle te veel tijd verloren. "Was de druk van de gewesten er niet geweest dan hadden we hier nog geen fiscaal kader voor", zegt ze.
Over de periode na 2012 zegt Muylle te betreuren dat minister van Leefmilieu Bruno Tobback het openhouden van de kerncentrales niet als optie neemt. "We gaan afhankelijk worden van aardgas, wat zorgt voor veel meer uitstoot", zegt ze.
Muylle herhaalt ook de kritiek van haar partij dat de door de regering aangekondigde taks op verpakkingen niet met de strijd tegen broeikasgassen te maken heeft, maar een puur budgettaire maatregel is.
Can biofuels cure our oil dependency?
30/10/2006 | Bron(nen): Euractiv.com
It is becoming clear that biofuels made from sugar and vegetable oils will fail to substantially reduce our dependance on oil. Do second-generation biofuels stand a better chance?
meer lezen
It is becoming clear that biofuels made from sugar and vegetable oils will fail to substantially reduce our dependance on oil. Do second-generation biofuels stand a better chance?
meer lezen
Voorlopig nog omrijden voor tankbeurt biodiesel
29/10/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht
Lang niet alle tankstations zullen vanaf 1 november biodiesel aanbieden. De brandstofproducenten zijn lang niet allemaal klaar, want de overheid maakte pas recent afspraken met de leveranciers van biodiesel. Oliemaatschappijen mogen per liter diesel 3,37 procent biobrandstof toevoegen. Ze doen dat vrijwillig en kunnen de extra kosten van het duurdere bioproduct recupereren omdat de overheid vanaf 1 november de accijnzen op autodiesel verhoogt, aldus Het Nieuwsblad op Zondag.
De oliemaatschappijen maken geen publiciteit rond de biodiesel en reageren erg voorzichtig op de vraag of ze klaar zijn voor de levering van het product, leert een rondvraag van de zondagskrant. Voor de portemonnee van de automobilist maakt biodiesel of gewone diesel geen verschil uit.
Biodiesel wordt in ons land hoofdzakelijk uit koolzaad gewonnen. De Vlaamse landbouwers lijken koolzaad te wantrouwen. Vorig jaar werd 10.000 hectare koolzaad gezaaid in ons land, waarvan amper een tiende in Vlaanderen. Al ging het toen wel om een vertienvoudiging van het areaal in 2004. Dit jaar zou de opmars van het ingezaaide koolzaad tot stilstand gekomen zijn. Dat heeft onder meer te maken met de aantrekkelijke tarweprijzen.
Lang niet alle tankstations zullen vanaf 1 november biodiesel aanbieden. De brandstofproducenten zijn lang niet allemaal klaar, want de overheid maakte pas recent afspraken met de leveranciers van biodiesel. Oliemaatschappijen mogen per liter diesel 3,37 procent biobrandstof toevoegen. Ze doen dat vrijwillig en kunnen de extra kosten van het duurdere bioproduct recupereren omdat de overheid vanaf 1 november de accijnzen op autodiesel verhoogt, aldus Het Nieuwsblad op Zondag.
De oliemaatschappijen maken geen publiciteit rond de biodiesel en reageren erg voorzichtig op de vraag of ze klaar zijn voor de levering van het product, leert een rondvraag van de zondagskrant. Voor de portemonnee van de automobilist maakt biodiesel of gewone diesel geen verschil uit.
Biodiesel wordt in ons land hoofdzakelijk uit koolzaad gewonnen. De Vlaamse landbouwers lijken koolzaad te wantrouwen. Vorig jaar werd 10.000 hectare koolzaad gezaaid in ons land, waarvan amper een tiende in Vlaanderen. Al ging het toen wel om een vertienvoudiging van het areaal in 2004. Dit jaar zou de opmars van het ingezaaide koolzaad tot stilstand gekomen zijn. Dat heeft onder meer te maken met de aantrekkelijke tarweprijzen.
25 oktober 2006
Studiedag van Leerstoel Boerenbond screent Kyoto
24/10/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht
Sinds 1990 is de uitstoot van broeikasgassen in de land- en tuinbouw met 13 procent afgenomen. Tegelijkertijd bereidt de sector zijn toekomst voor als energieproducent. De jongste jaren zijn termen als bio-ethanol, WKK, ppo en biogas tot het gemeengoed van de agrarische sector gaan behoren. Op 24 november organiseert de 'Leerstoel Boerenbond' een studiedag die de economische impact en de opportuniteiten van het Kyoto-verdrag wikt en weegt.
Bij hernieuwbare energiebronnen denken landbouwers in de eerste plaats aan mest, energieteelten en allerhandig plantaardig en dierlijk afval. "Noem het liever secundaire grondstoffen waarvan het gebruik als energiebron een serieuze bijdrage levert aan het milieu", zegt Anne-Marie Vangeenberghe, woordvoerster van Boerenbond. Ze benadrukt dat veel land- en tuinbouwers al gestart zijn met energieproductie "ondanks de vele juridische, technische en economische onduidelijkheden en knelpunten".
Tijdens de studiedag van de Leerstoel Boerenbond komen de visies aan bod van diverse professoren over thema's zoals biobrandstoffen en de relatie tussen landbgebruik en de opname van koolstofdioxide. Shell en Aveve schetsen hun toekomstverwachtingen over agrarische energiebronnen. Milieuminister Peeters benadert Kyoto vanuit een politieke hoek en VRT-journalist Jos Vanhemelryck wordt opgetrommeld voor een kritische slotbedenking. De locatie voor de studiedag is het Boerenbond-gebouw. Inschrijven dient te gebeuren vóór 20 november.
De Leerstoel Boerenbond werd naar aanleiding van de 100ste verjaardag van Boerenbond in 1990 in het leven geroepen om academische inzichten over landbouw weerklank te laten vinden. Dat gebeurt jaarlijks door de organisatie van een studiedag.
Sinds 1990 is de uitstoot van broeikasgassen in de land- en tuinbouw met 13 procent afgenomen. Tegelijkertijd bereidt de sector zijn toekomst voor als energieproducent. De jongste jaren zijn termen als bio-ethanol, WKK, ppo en biogas tot het gemeengoed van de agrarische sector gaan behoren. Op 24 november organiseert de 'Leerstoel Boerenbond' een studiedag die de economische impact en de opportuniteiten van het Kyoto-verdrag wikt en weegt.
Bij hernieuwbare energiebronnen denken landbouwers in de eerste plaats aan mest, energieteelten en allerhandig plantaardig en dierlijk afval. "Noem het liever secundaire grondstoffen waarvan het gebruik als energiebron een serieuze bijdrage levert aan het milieu", zegt Anne-Marie Vangeenberghe, woordvoerster van Boerenbond. Ze benadrukt dat veel land- en tuinbouwers al gestart zijn met energieproductie "ondanks de vele juridische, technische en economische onduidelijkheden en knelpunten".
Tijdens de studiedag van de Leerstoel Boerenbond komen de visies aan bod van diverse professoren over thema's zoals biobrandstoffen en de relatie tussen landbgebruik en de opname van koolstofdioxide. Shell en Aveve schetsen hun toekomstverwachtingen over agrarische energiebronnen. Milieuminister Peeters benadert Kyoto vanuit een politieke hoek en VRT-journalist Jos Vanhemelryck wordt opgetrommeld voor een kritische slotbedenking. De locatie voor de studiedag is het Boerenbond-gebouw. Inschrijven dient te gebeuren vóór 20 november.
De Leerstoel Boerenbond werd naar aanleiding van de 100ste verjaardag van Boerenbond in 1990 in het leven geroepen om academische inzichten over landbouw weerklank te laten vinden. Dat gebeurt jaarlijks door de organisatie van een studiedag.
België klaar voor klimaatbeleid op lange termijn
26/10/2006 | Bron(nen): iNSNet
Met de eerste Belgische klimaatstudie op lange termijn, toont België dat het klaar is voor een klimaatbeleid na 2012. Dat zeggen de milieuorganisaties Bond Beter Leefmilieu, Greenpeace en WWF dinsdag in een gezamenlijk persbericht. Ze zijn tevreden over de constructieve houding van de ondernemingen tijdens de bespreking van de studie.
De studie van het Federaal Planbureau, in opdracht van minister van Leefmilieu Bruno Tobback, werd dinsdag voorgesteld. Voor de milieuorganisaties is de opvallendste conclusie dat de impact van de bestudeerde scenario's op de economische activiteit neutraal is, omdat de afhankelijkheid van de (energie)import sterk vermindert. Ook de impact op de werkgelegenheid is positief.
2012
De milieubeweging wijst er ook op dat de kosten om de klimaatverandering tegen te houden, vele malen lager liggen dan de kosten die nodig zouden zijn om de gevolgen ervan op te vangen als er geen klimaatbeleid was. Ze roept minister Tobback op om na de VN-klimaatconferentie in Nairobi, binnen enkele weken, al bindende reductiedoelstellingen vast te leggen voor België na 2012. "Een dergelijke doelstelling creëert een duidelijk politiek kader, wat een van de voorwaarden is voor de noodzakelijke investeringen in de ontwikkeling van duurzame technologieën. Het geeft België meer geloofwaardigheid, en dus ook meer onderhandelingskracht binnen de EU. Bovendien zal die beleidskeuze de internationale onderhandelingen over toekomstige globale doelstellingen ondersteunen."
Koolstofschuld
De organisaties merken nog op dat voor 2050 "enkel de bovenste grens van de vork ons zal toelaten om de klimaatverandering tegen te houden, door de historische koolstofschuld die Belgi¨heeft opgebouwd". Die vork is de 60 à 80 procent emissiereductie die Europa vooropstelt voor 2050. Volgens de studie van het Planbureau kan België de 80 procent enkel halen mits technologische veranderingen en een grondige wijziging van de huidige consumptie- en productiepatronen. In het scenario van het Planbureau is er bijvoorbeeld sprake van een vermindering met de helft van het aantal verplaatsingen tussen 2004 en 2050 en zou het openbaar vervoer het meest gebruikte transportmiddel zijn.
Met de eerste Belgische klimaatstudie op lange termijn, toont België dat het klaar is voor een klimaatbeleid na 2012. Dat zeggen de milieuorganisaties Bond Beter Leefmilieu, Greenpeace en WWF dinsdag in een gezamenlijk persbericht. Ze zijn tevreden over de constructieve houding van de ondernemingen tijdens de bespreking van de studie.
De studie van het Federaal Planbureau, in opdracht van minister van Leefmilieu Bruno Tobback, werd dinsdag voorgesteld. Voor de milieuorganisaties is de opvallendste conclusie dat de impact van de bestudeerde scenario's op de economische activiteit neutraal is, omdat de afhankelijkheid van de (energie)import sterk vermindert. Ook de impact op de werkgelegenheid is positief.
2012
De milieubeweging wijst er ook op dat de kosten om de klimaatverandering tegen te houden, vele malen lager liggen dan de kosten die nodig zouden zijn om de gevolgen ervan op te vangen als er geen klimaatbeleid was. Ze roept minister Tobback op om na de VN-klimaatconferentie in Nairobi, binnen enkele weken, al bindende reductiedoelstellingen vast te leggen voor België na 2012. "Een dergelijke doelstelling creëert een duidelijk politiek kader, wat een van de voorwaarden is voor de noodzakelijke investeringen in de ontwikkeling van duurzame technologieën. Het geeft België meer geloofwaardigheid, en dus ook meer onderhandelingskracht binnen de EU. Bovendien zal die beleidskeuze de internationale onderhandelingen over toekomstige globale doelstellingen ondersteunen."
Koolstofschuld
De organisaties merken nog op dat voor 2050 "enkel de bovenste grens van de vork ons zal toelaten om de klimaatverandering tegen te houden, door de historische koolstofschuld die Belgi¨heeft opgebouwd". Die vork is de 60 à 80 procent emissiereductie die Europa vooropstelt voor 2050. Volgens de studie van het Planbureau kan België de 80 procent enkel halen mits technologische veranderingen en een grondige wijziging van de huidige consumptie- en productiepatronen. In het scenario van het Planbureau is er bijvoorbeeld sprake van een vermindering met de helft van het aantal verplaatsingen tussen 2004 en 2050 en zou het openbaar vervoer het meest gebruikte transportmiddel zijn.
Automerken halen hun CO2-norm niet
25/10/2006 | Bron(nen): NOS teletekst, iNSnet
De meeste autofabrikanten halen niet de norm voor de uitstoot van CO2 die ze zelf hebben afgesproken voor 2008.Dat verwachten Europese milieuorganisaties die de uitstoot van koolstofdioxide van twintig automerken onderzochten. Alleen Fiat, Renault en Citroën halen de norm.
De RAI, de koepel van autofabrikanten, vindt dat oliemaatschappijen ook schuld hebben. Die leveren namelijk niet altijd brandstof voor schonere auto's die op gas of bio-ethanol rijden.
De stichting Natuur en Milieu wil dat de Europese Unie autofabrikanten dwingt een norm te halen. Bij overschrijding zou een sanctie moeten volgen.
De meeste autofabrikanten halen niet de norm voor de uitstoot van CO2 die ze zelf hebben afgesproken voor 2008.Dat verwachten Europese milieuorganisaties die de uitstoot van koolstofdioxide van twintig automerken onderzochten. Alleen Fiat, Renault en Citroën halen de norm.
De RAI, de koepel van autofabrikanten, vindt dat oliemaatschappijen ook schuld hebben. Die leveren namelijk niet altijd brandstof voor schonere auto's die op gas of bio-ethanol rijden.
De stichting Natuur en Milieu wil dat de Europese Unie autofabrikanten dwingt een norm te halen. Bij overschrijding zou een sanctie moeten volgen.
24 oktober 2006
"Biobrandstof creëert honger in arme landen"
23/10/2006 | Bron(nen): De Tijd, VILT-nieuwsoverzicht
Biobrandstoffen zullen de kwetsbaarheid van het milieu tastbaar maken in het dagelijkse tankgedrag van elke burger. De huidige generatie mag niet langer op de reserves van een ver verleden rekenen voor zijn energiebehoeftes van vandaag, schrijft Guy Van Den Broek in een commentaarstuk in De Tijd. Maar de journalist waarschuwt er tegelijkertijd voor dat de honger naar biobrandstoffen in het rijke Westen echte honger creëert in arme landen, waar basisoliën te duur worden voor de bevolking.
Experts schatten dat tegen 2010 bijna 10% van het Europese landbouwareaal zal gebruikt worden voor biobrandstoffen. Voor de landbouwers is dat een zegen, aldus Van Den Broek. De prijs van tarwe was nooit zo hoog tijdens de afgelopen tien jaar, deels door de droogte in Australië, maar deels ook door de vraag naar tarwe voor bio-ethanol. Voor de suikerbietboeren hebben de biobrandstoffen een financiële ramp als gevolg van het hervormde suikerbeleid afgewend, luidt het.
Maar biobrandstoffen zorgen er ook voor dat de prijs van bijna alle plantaardige oliën in de wereld zoals zonnebloemolie, kokosnootolie, tarweolie en zelfs olijfolie fors gestegen zijn. "Dat heeft directe gevolgen voor de economie in ontwikkelingslanden. Daar zijn de basisoliën immers essentieel voor de dagelijkse voeding", schrijft Van Den Broek. "De vraag naar biobrandstoffen bij ons schept dus honger in het Zuiden. Daardoor zullen uitgerekend de mensen die amper energie verbruiken het slachtoffer worden van onze groene revolutie".
Biobrandstoffen zullen de kwetsbaarheid van het milieu tastbaar maken in het dagelijkse tankgedrag van elke burger. De huidige generatie mag niet langer op de reserves van een ver verleden rekenen voor zijn energiebehoeftes van vandaag, schrijft Guy Van Den Broek in een commentaarstuk in De Tijd. Maar de journalist waarschuwt er tegelijkertijd voor dat de honger naar biobrandstoffen in het rijke Westen echte honger creëert in arme landen, waar basisoliën te duur worden voor de bevolking.
Experts schatten dat tegen 2010 bijna 10% van het Europese landbouwareaal zal gebruikt worden voor biobrandstoffen. Voor de landbouwers is dat een zegen, aldus Van Den Broek. De prijs van tarwe was nooit zo hoog tijdens de afgelopen tien jaar, deels door de droogte in Australië, maar deels ook door de vraag naar tarwe voor bio-ethanol. Voor de suikerbietboeren hebben de biobrandstoffen een financiële ramp als gevolg van het hervormde suikerbeleid afgewend, luidt het.
Maar biobrandstoffen zorgen er ook voor dat de prijs van bijna alle plantaardige oliën in de wereld zoals zonnebloemolie, kokosnootolie, tarweolie en zelfs olijfolie fors gestegen zijn. "Dat heeft directe gevolgen voor de economie in ontwikkelingslanden. Daar zijn de basisoliën immers essentieel voor de dagelijkse voeding", schrijft Van Den Broek. "De vraag naar biobrandstoffen bij ons schept dus honger in het Zuiden. Daardoor zullen uitgerekend de mensen die amper energie verbruiken het slachtoffer worden van onze groene revolutie".
23 oktober 2006
World Health Experts Warn Air Pollution Kills Two Million a Year
6/10/2006 | Bron(nen): ENS
Air pollution in cities across the world is causing some two million premature deaths every year, the World Health Organization (WHO) said Thursday, urging nations to adopt stricter air pollution standards. The international health agency's new air quality guidelines call for nations to reduce the impact of air pollution by substantially cutting levels of particulate matter, ozone and sulfur dioxide.
"By reducing air pollution levels, we can help countries to reduce the global burden of disease from respiratory infections, heart disease, and lung cancer which they otherwise would be facing," said Maria Neira, WHO director of public health and the environment. "Moreover, action to reduce the direct impact of air pollution will also cut emissions of gases which contribute to climate change and provide other health benefits."
WHO cautioned that for some cities meeting the targets would require cutting current pollution levels more than three fold. The organization noted that many countries don't have any air pollution standards. Existing standards vary greatly, WHO said, and most fail to ensure sufficient protection of human health.
Particulate matter is the major concern, WHO said, and cutting this type of air pollution can produce the greatest health benefits.
Produced mainly by the burning of fossil fuels, particulate matter has been increasingly linked to respiratory illness and heart disease.
Air pollution in cities across the world is causing some two million premature deaths every year, the World Health Organization (WHO) said Thursday, urging nations to adopt stricter air pollution standards. The international health agency's new air quality guidelines call for nations to reduce the impact of air pollution by substantially cutting levels of particulate matter, ozone and sulfur dioxide.
"By reducing air pollution levels, we can help countries to reduce the global burden of disease from respiratory infections, heart disease, and lung cancer which they otherwise would be facing," said Maria Neira, WHO director of public health and the environment. "Moreover, action to reduce the direct impact of air pollution will also cut emissions of gases which contribute to climate change and provide other health benefits."
WHO cautioned that for some cities meeting the targets would require cutting current pollution levels more than three fold. The organization noted that many countries don't have any air pollution standards. Existing standards vary greatly, WHO said, and most fail to ensure sufficient protection of human health.
Particulate matter is the major concern, WHO said, and cutting this type of air pollution can produce the greatest health benefits.
Produced mainly by the burning of fossil fuels, particulate matter has been increasingly linked to respiratory illness and heart disease.
Boeren voorzien eigen dorp van groene stroom
13/10/2006 | weekoverzicht NatuurTotaal
Het Groningse Onstwedde kan vanaf januari volledig op groene stroom draaien. Boeren in het dorp hebben gezamenlijk een biovergistingsinstallatie laten bouwen waarmee voldoende stroom kan worden opgewekt om alle huishoudens in dat plaatjes van stroom te voorzien.
Volgens de Maatschap Natuurenergie Onstwedde (MNO), waarin de vijf deelnemende boeren zich hebben verenigd, zal de installatie een jaaropbrengst hebben van 3,3 miljoen kilowatt. De opgewekte elektriciteit gaat naar het reguliere net.
Om groene stroom op te wekken wordt een mengsel van maïs en mest in twee afgedekte silo's gepompt en verwarmd tot 38 graden Celsius. Bacteriën die de organische bestanddelen verteren, scheiden gassen uit die in een gasmotor worden omgezet in elektriciteit.
De verteerde biomassa is volgens MNO reukloos en erg geschikt voor bemesting. De restwarmte die ontstaat bij het opwekken van de elektriciteit, wordt benut om de grondstof op temperatuur te houden en naastgelegen pluimveestallen te verwarmen.
Het Groningse Onstwedde kan vanaf januari volledig op groene stroom draaien. Boeren in het dorp hebben gezamenlijk een biovergistingsinstallatie laten bouwen waarmee voldoende stroom kan worden opgewekt om alle huishoudens in dat plaatjes van stroom te voorzien.
Volgens de Maatschap Natuurenergie Onstwedde (MNO), waarin de vijf deelnemende boeren zich hebben verenigd, zal de installatie een jaaropbrengst hebben van 3,3 miljoen kilowatt. De opgewekte elektriciteit gaat naar het reguliere net.
Om groene stroom op te wekken wordt een mengsel van maïs en mest in twee afgedekte silo's gepompt en verwarmd tot 38 graden Celsius. Bacteriën die de organische bestanddelen verteren, scheiden gassen uit die in een gasmotor worden omgezet in elektriciteit.
De verteerde biomassa is volgens MNO reukloos en erg geschikt voor bemesting. De restwarmte die ontstaat bij het opwekken van de elektriciteit, wordt benut om de grondstof op temperatuur te houden en naastgelegen pluimveestallen te verwarmen.
Smak geld voor duurzame energie
22/10/2006 | Bron(nen): iNSnet
De gemeente Rotterdam pompt de komende jaren 14,8 miljoen euro in duurzame energievoorzieningen. De flinke bom duiten gaat onder meer op aan een schoon gemeentelijk wagenpark. Dat staat in het Rotterdamse Energie Programma (REP), dat wethouder Roelf de Boer (economie, haven en milieu) gisteren heeft gepresenteerd. In dat programma wordt verder onder meer geld uitgetrokken voor duurzaamheid in de haven, het gebruik van restwarmte in woningen en besparing op straatverlichting. "Energie heeft prioriteit bij dit college," verklaart De Boer.
De wethouder wil dat Rotterdam bekend staat als ’dé energiehaven van Europa’. Niet alleen omdat er geld mee valt te verdienen (energie wordt steeds schaarser), maar óók omdat inwoners van een betaalbare en betrouwbare energievoorziening afhankelijk zijn. "De Rotterdamse haven is een heel aantrekkelijke locatie voor de aanlanding en productie van duurzame energie."
Het bedrijfsleven heeft dat al lang in de gaten. Dat blijkt wel uit alle voornemens tot het bouwen van elektriciteitscentrales en LNG-terminals (opslag voor vloeibaar gas).
Het geld dat het college voor duurzame energie beschikbaar stelt wordt in de periode 2007 tot en met 2010 uitgegeven. Het schonere wagenpark is vermoedelijk de topuitgave. Het gaat bijvoorbeeld om gemeentelijke bedrijfsauto’s, stadsbussen, reinigingswagens, hoogwerkers en ambulances.
De gemeente Rotterdam pompt de komende jaren 14,8 miljoen euro in duurzame energievoorzieningen. De flinke bom duiten gaat onder meer op aan een schoon gemeentelijk wagenpark. Dat staat in het Rotterdamse Energie Programma (REP), dat wethouder Roelf de Boer (economie, haven en milieu) gisteren heeft gepresenteerd. In dat programma wordt verder onder meer geld uitgetrokken voor duurzaamheid in de haven, het gebruik van restwarmte in woningen en besparing op straatverlichting. "Energie heeft prioriteit bij dit college," verklaart De Boer.
De wethouder wil dat Rotterdam bekend staat als ’dé energiehaven van Europa’. Niet alleen omdat er geld mee valt te verdienen (energie wordt steeds schaarser), maar óók omdat inwoners van een betaalbare en betrouwbare energievoorziening afhankelijk zijn. "De Rotterdamse haven is een heel aantrekkelijke locatie voor de aanlanding en productie van duurzame energie."
Het bedrijfsleven heeft dat al lang in de gaten. Dat blijkt wel uit alle voornemens tot het bouwen van elektriciteitscentrales en LNG-terminals (opslag voor vloeibaar gas).
Het geld dat het college voor duurzame energie beschikbaar stelt wordt in de periode 2007 tot en met 2010 uitgegeven. Het schonere wagenpark is vermoedelijk de topuitgave. Het gaat bijvoorbeeld om gemeentelijke bedrijfsauto’s, stadsbussen, reinigingswagens, hoogwerkers en ambulances.
21 oktober 2006
Australië beleeft ergste droogte van voorbije eeuw
17/10/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht
Australië wordt geconfronteerd met de ergste droogte in meer dan 100 jaar. Daardoor dreigt de economische groei dit jaar 0,5 tot 1 procentpunt lager uit te vallen. De export van landbouwproducten daalde met 27 procent en zakt daarmee tot haar laagste peil in 8 jaar. Verwacht wordt dat de tarweproductie in 2006-2007 met de helft zal dalen tot 11,5 miljoen ton, meldt De Tijd. Intussen begint zich op het zuidelijk halfrond een El Niño te ontwikkelen. Dat weerpatroon leidt tot extra droogte in het westelijke deel van de Stille Oceaan en tot extra neerslag in het oostelijke deel.
De Australische premier, John Howard, wees er eind vorige week op dat de droogte opnieuw gevolgen zal hebben voor de economische groei. In het tweede kwartaal van dit jaar vertraagde de groei al tot 1,9 procent, de zwakste groei in drie jaar. Minister van Financiën Peter Costello stelde onlangs onomwonden dat agrarisch Australië zich in een recessie bevindt. De meeste landbouwers zullen volgens hem dit jaar zonder inkomen vallen en geconfronteerd worden met buitengewone verliezen.
Premier Howard kondigde daarom hulpmaatregelen aan ter waarde van 350 miljoen Australische dollar. Waarnemers verwachten dat in de loop van de komende maanden bijkomende maatregelen worden aangekondigd. Howard heeft de centrale bank ook opgeroepen om rekening te houden met de gevolgen van de droogte wanneer ze volgende maand een beslissing moeten nemen over een bijkomende renteverhoging. Veel landbouwers gaan al gebukt onder een zware schuldenlast. Een rentestijging zou voor velen een zware slag zijn.
Maar het is niet allemaal kommer en kwel in Australië. Het gemiddeld inkomen van Australische melkveehouders is volgens het Agrarisch Dagblad tijdens het afgelopen seizoen gestegen met 24 procent. De stijging heeft vooral te maken met de melkprijzen, die met 3,5 procent stegen. Dat maakte de lichte daling van de melkopbrengst goed. Bovendien pakten de veevoederkosten lager uit. Met minder dieren lukt het de Australische melkveehouders om steeds meer melk te produceren, vooral dankzij het geven van extra veevoeder. De betrokken boeren zijn optimistisch over hun toekomst.
Australië wordt geconfronteerd met de ergste droogte in meer dan 100 jaar. Daardoor dreigt de economische groei dit jaar 0,5 tot 1 procentpunt lager uit te vallen. De export van landbouwproducten daalde met 27 procent en zakt daarmee tot haar laagste peil in 8 jaar. Verwacht wordt dat de tarweproductie in 2006-2007 met de helft zal dalen tot 11,5 miljoen ton, meldt De Tijd. Intussen begint zich op het zuidelijk halfrond een El Niño te ontwikkelen. Dat weerpatroon leidt tot extra droogte in het westelijke deel van de Stille Oceaan en tot extra neerslag in het oostelijke deel.
De Australische premier, John Howard, wees er eind vorige week op dat de droogte opnieuw gevolgen zal hebben voor de economische groei. In het tweede kwartaal van dit jaar vertraagde de groei al tot 1,9 procent, de zwakste groei in drie jaar. Minister van Financiën Peter Costello stelde onlangs onomwonden dat agrarisch Australië zich in een recessie bevindt. De meeste landbouwers zullen volgens hem dit jaar zonder inkomen vallen en geconfronteerd worden met buitengewone verliezen.
Premier Howard kondigde daarom hulpmaatregelen aan ter waarde van 350 miljoen Australische dollar. Waarnemers verwachten dat in de loop van de komende maanden bijkomende maatregelen worden aangekondigd. Howard heeft de centrale bank ook opgeroepen om rekening te houden met de gevolgen van de droogte wanneer ze volgende maand een beslissing moeten nemen over een bijkomende renteverhoging. Veel landbouwers gaan al gebukt onder een zware schuldenlast. Een rentestijging zou voor velen een zware slag zijn.
Maar het is niet allemaal kommer en kwel in Australië. Het gemiddeld inkomen van Australische melkveehouders is volgens het Agrarisch Dagblad tijdens het afgelopen seizoen gestegen met 24 procent. De stijging heeft vooral te maken met de melkprijzen, die met 3,5 procent stegen. Dat maakte de lichte daling van de melkopbrengst goed. Bovendien pakten de veevoederkosten lager uit. Met minder dieren lukt het de Australische melkveehouders om steeds meer melk te produceren, vooral dankzij het geven van extra veevoeder. De betrokken boeren zijn optimistisch over hun toekomst.
Duitsland wil hogere bijmengplicht biobrandstoffen
17/10/2006 | Bron(nen): Agriholland
Duitsland gaat pleiten voor een hogere bijmengplicht voor biobrandstoffen voor gemotoriseerd verkeer in de Europese Unie. De staatssecretaris voor Landbouw Gert Lindemann liet dat weten tijdens het tweede internationale congres over Biomass-to-liquid in Berlijn. Duitsland wil dat er vanaf 2015 minimaal 8 procent biobrandstof wordt bijgemengd in de EU. In 2020 zou dat percentage naar 12,5 procent moeten.
In Berlijn was er ook veel aandacht voor synthetische motorbrandstoffen van de tweede generatie. Serieuze schattingen gaan ervan uit dat de nieuwe generatie biobrandstoffen in 2030 al in ruim 30 procent van de Duitse vraag naar motorbrandstoffen zou kunnen voorzien. Lindemann wil echter niet dat alleen op de nieuwe generatie brandstoffen wordt gefocussed. Hij meent dat aandacht voor de eerste generatie brandstoffen ook nog steeds op zijn plaats is. In Duitland lijkt de koolzaadteelt aan het plafond te zitten, maar bij de bio-ethanolproductie kan de capaciteit volgens de staatssecretaris nog fors omhoog.
Duitsland gaat pleiten voor een hogere bijmengplicht voor biobrandstoffen voor gemotoriseerd verkeer in de Europese Unie. De staatssecretaris voor Landbouw Gert Lindemann liet dat weten tijdens het tweede internationale congres over Biomass-to-liquid in Berlijn. Duitsland wil dat er vanaf 2015 minimaal 8 procent biobrandstof wordt bijgemengd in de EU. In 2020 zou dat percentage naar 12,5 procent moeten.
In Berlijn was er ook veel aandacht voor synthetische motorbrandstoffen van de tweede generatie. Serieuze schattingen gaan ervan uit dat de nieuwe generatie biobrandstoffen in 2030 al in ruim 30 procent van de Duitse vraag naar motorbrandstoffen zou kunnen voorzien. Lindemann wil echter niet dat alleen op de nieuwe generatie brandstoffen wordt gefocussed. Hij meent dat aandacht voor de eerste generatie brandstoffen ook nog steeds op zijn plaats is. In Duitland lijkt de koolzaadteelt aan het plafond te zitten, maar bij de bio-ethanolproductie kan de capaciteit volgens de staatssecretaris nog fors omhoog.
Balkenende en Blair willen nu actie voor klimaat
2006-10-20 | Bron(nen): PDCmanager
Europa moet de leiding nemen bij het internationale debat over klimaatverandering. Dat bepleiten premier Jan Peter Balkenende en de Britse premier Tony Blair donderdag in een brief aan andere EU-leiders, vrijdag bijeen op een top in Finland. Er zijn nog tien tot vijftien jaar voordat de wereld catastrofale keerpunten overschrijdt, schrijven Balkenende en Blair in hun brief. "Dus moeten we snel handelen."
De EU-leiders debatteren in het Finse Lahti tijdens hun informele top vrijdag onder meer over energie. "Maar elk debat over energiezekerheid moet ook gaan over klimaatverandering en onze economie, omdat ze onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn", aldus Balkenende en Blair.
Voortouw
Europa kan en moet volgens hen het voortouw nemen bij het zoeken naar technologie voor een economie met minder uitstoot van kooldioxide. In Groot-Brittannië wordt momenteel onderzocht wat de precieze economische gevolgen zijn van klimaatverandering. "We verwachten dat het onderzoek zal uitwijzen dat we het ons eenvoudig niet kunnen veroorloven om nu niet in actie te komen", aldus de twee regeringsleiders.
Ze doen ook concrete voorstellen. Zo moet het systeem van de handel in emissierechten worden versterkt en uitgebreid, ook met landen buiten de EU. De uitstoot van auto's en gebouwen moet omlaag en huishoudelijke apparaten moeten zuiniger.
Meer investeren
Europa moet meer investeren in biobrandstoffen en windenergie. Over kernenergie zeggen Balkenende en Blair niets. De Nederlandse en de Britse regering willen nieuwe kerncentrales bouwen.
Balkenende en Blair willen verder dat klimaatverandering ook standaard op de agenda staat van topbijeenkomsten tussen de Europese Unie en landen als China, Rusland, India en Oekraïne.
Balkenende bekeek onlangs samen met Al Gore diens film An Inconvenient Truth, over de dreigende gevolgen van klimaatverandering.
Europa moet de leiding nemen bij het internationale debat over klimaatverandering. Dat bepleiten premier Jan Peter Balkenende en de Britse premier Tony Blair donderdag in een brief aan andere EU-leiders, vrijdag bijeen op een top in Finland. Er zijn nog tien tot vijftien jaar voordat de wereld catastrofale keerpunten overschrijdt, schrijven Balkenende en Blair in hun brief. "Dus moeten we snel handelen."
De EU-leiders debatteren in het Finse Lahti tijdens hun informele top vrijdag onder meer over energie. "Maar elk debat over energiezekerheid moet ook gaan over klimaatverandering en onze economie, omdat ze onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn", aldus Balkenende en Blair.
Voortouw
Europa kan en moet volgens hen het voortouw nemen bij het zoeken naar technologie voor een economie met minder uitstoot van kooldioxide. In Groot-Brittannië wordt momenteel onderzocht wat de precieze economische gevolgen zijn van klimaatverandering. "We verwachten dat het onderzoek zal uitwijzen dat we het ons eenvoudig niet kunnen veroorloven om nu niet in actie te komen", aldus de twee regeringsleiders.
Ze doen ook concrete voorstellen. Zo moet het systeem van de handel in emissierechten worden versterkt en uitgebreid, ook met landen buiten de EU. De uitstoot van auto's en gebouwen moet omlaag en huishoudelijke apparaten moeten zuiniger.
Meer investeren
Europa moet meer investeren in biobrandstoffen en windenergie. Over kernenergie zeggen Balkenende en Blair niets. De Nederlandse en de Britse regering willen nieuwe kerncentrales bouwen.
Balkenende en Blair willen verder dat klimaatverandering ook standaard op de agenda staat van topbijeenkomsten tussen de Europese Unie en landen als China, Rusland, India en Oekraïne.
Balkenende bekeek onlangs samen met Al Gore diens film An Inconvenient Truth, over de dreigende gevolgen van klimaatverandering.
Laat licht schijnen: van ministers, zonne-energie en klimaatverandering
Bron(nen): nieuwsbrief 6minutes de wereld
Begin deze maand was er in het Mexicaanse Monterrey voor de tweede maal de Ministeriële Dialoog over klimaatverandering, schone energie en duurzame ontwikkeling van de G8+5. Het initiatief daartoe is vorig jaar genomen op de G8-top in het Schotse Gleneagles.
In Mexico gaf de conferentie een extra impuls aan de week van de zonne-energie, een initiatief van de Nationale Zonne-energie Vereniging. Die is ervan overtuigd dat Mexico resoluut de overstap moet maken naar hernieuwbare energie. Dat is de beste oplossing voor de gezondheid van de Mexicanen en voor het milieu. Meer nog, als dat niet gebeurt, blijft echte ontwikkeling een wensdroom.
Op mondiaal vlak laat zonne-energie indrukwekkende groeiprestaties optekenen. De verkoop van zonnepanelen die stroom leveren, klom met 34 procent in 2005, goed voor een geïnstalleerd vermogen van 1460 megawatt. Duitsland alleen al tekent voor 837 megawatt, een toename met ruim vijftig procent t.a.v. 2004.
In totaal bedraagt de wereldcapaciteit aan zonne-energie eind 2005 meer dan 5 gigawatt.
Cijfers over zonne-energie
Zonne-energieweek in Mexico
Meer over de Gleneagles Ministeriële Dialoog
Begin deze maand was er in het Mexicaanse Monterrey voor de tweede maal de Ministeriële Dialoog over klimaatverandering, schone energie en duurzame ontwikkeling van de G8+5. Het initiatief daartoe is vorig jaar genomen op de G8-top in het Schotse Gleneagles.
In Mexico gaf de conferentie een extra impuls aan de week van de zonne-energie, een initiatief van de Nationale Zonne-energie Vereniging. Die is ervan overtuigd dat Mexico resoluut de overstap moet maken naar hernieuwbare energie. Dat is de beste oplossing voor de gezondheid van de Mexicanen en voor het milieu. Meer nog, als dat niet gebeurt, blijft echte ontwikkeling een wensdroom.
Op mondiaal vlak laat zonne-energie indrukwekkende groeiprestaties optekenen. De verkoop van zonnepanelen die stroom leveren, klom met 34 procent in 2005, goed voor een geïnstalleerd vermogen van 1460 megawatt. Duitsland alleen al tekent voor 837 megawatt, een toename met ruim vijftig procent t.a.v. 2004.
In totaal bedraagt de wereldcapaciteit aan zonne-energie eind 2005 meer dan 5 gigawatt.
Cijfers over zonne-energie
Zonne-energieweek in Mexico
Meer over de Gleneagles Ministeriële Dialoog
Biobrandstoffen: regering maakt gekozen operatoren bekend
19/10/2006 | Bron(nen): Belga
De federale regering heeft donderdag de lijst bekendgemaakt met operatoren voor de productie van bio-ethanol en biodiesel die kortelings op de Belgische markt zal verschijnen.
Voor bio-ethanol kregen Bio Wanze (Wanze), Alco Bio Fuel (Gent) en
Tate & Lyle (Aalst) een vergunning van de regering. Inzake biodiesel werden de bedrijven Néochim (Feluy), Oléon (Ertvelde), Proviron (Oostende) en Flanders Bio Fuel (Gistel) geselecteerd.
De biobrandstoffen, die aan de pomp niet duurder zullen verkocht worden dan de huidige brandstoffen, zullen vanaf november geleidelijk beschikbaar worden. In eerste instantie zal enkel bio-diesel te koop zijn, de komst van bio-ethanol is voor eind 2007 voorzien.
De federale regering heeft donderdag de lijst bekendgemaakt met operatoren voor de productie van bio-ethanol en biodiesel die kortelings op de Belgische markt zal verschijnen.
Voor bio-ethanol kregen Bio Wanze (Wanze), Alco Bio Fuel (Gent) en
Tate & Lyle (Aalst) een vergunning van de regering. Inzake biodiesel werden de bedrijven Néochim (Feluy), Oléon (Ertvelde), Proviron (Oostende) en Flanders Bio Fuel (Gistel) geselecteerd.
De biobrandstoffen, die aan de pomp niet duurder zullen verkocht worden dan de huidige brandstoffen, zullen vanaf november geleidelijk beschikbaar worden. In eerste instantie zal enkel bio-diesel te koop zijn, de komst van bio-ethanol is voor eind 2007 voorzien.
Startnamiddag: Energiebesparing bij mensen in kansarmoede
Een duurzaam beleid draagt zorg voor het milieu én heeft aandacht voor mensen uit kansengroepen. In dit kader lanceert de provincie Vlaams-Brabant, samen met Ecolife en Leren Ondernemen vzw de campagne ‘Energiebesparing bij mensen in kansarmoede’. Ecolife werkte twee workshops uit rond het thema energie, gericht naar én op maat van mensen in kansarmoede. Vlaams-Brabantse welzijnsorganisaties en OCMW’s worden opgeroepen deze workshops te integreren in hun werking. Mensen in kansarmoede die deelnemen aan de workshops krijgen ondersteuning van de buurtdienst en een energieploeg. Leren ondernemen vzw richtte deze buurtdienst op en stelt mensen in kansarmoede tewerk door mensen of gezinnen die in eenzelfde situatie verkeren te helpen om energie te besparen op een voor hen haalbare wijze.
Tijdens de start- en studienamiddag op 26 oktober in het Provinciehuis te Leuven wordt de campagne voorgesteld en gekaderd binnen de ruimere problematiek van energie en kansarmoede. Zijn uitgenodigd: OCMW’s, welzijnsorganisaties, gemeentelijke mandatarissen en ambtenaren bevoegd voor milieu of welzijn en alle geïnteresseerden in de problematiek van energie en kansarmoede, ook van buiten Vlaams-Brabant. Je kan het programma en inschrijvingsformulier hier bekijken (pdf, 134 kB).
Info: Provincie Vlaams-Brabant, Wendy Broos, 016 26 73 88
Tijdens de start- en studienamiddag op 26 oktober in het Provinciehuis te Leuven wordt de campagne voorgesteld en gekaderd binnen de ruimere problematiek van energie en kansarmoede. Zijn uitgenodigd: OCMW’s, welzijnsorganisaties, gemeentelijke mandatarissen en ambtenaren bevoegd voor milieu of welzijn en alle geïnteresseerden in de problematiek van energie en kansarmoede, ook van buiten Vlaams-Brabant. Je kan het programma en inschrijvingsformulier hier bekijken (pdf, 134 kB).
Info: Provincie Vlaams-Brabant, Wendy Broos, 016 26 73 88
Europa moet 20 procent energie besparen tegen 2020
19/10/2006 | Bron(nen): Belga
De energieconsumptie in de Europese Unie tegen 2020 met twintig procent doen dalen en zo 100 miljard euro per jaar besparen. Dat is de doelstelling van het omvangrijke actieplan voor energie-efficiency dat de Europese Commissie donderdag heeft voorgesteld.
Momenteel verspilt Europa ongeveer twintig procent van de energie die het verbruikt. Het prijskaartje van die verspilling zou tegen 2020 100 miljard euro per jaar kunnen bedragen. Het is bovendien schadelijk voor het milieu en het versterkt de Europese afhankelijkheid van leveranciers uit derde landen.
Eurocommissaris voor Energie Andris Piebalgs heeft een omvangrijk pakket van meer dan 75 maatregelen klaar om huishoudtoestellen, huizen, vervoer en de opwekking van energie efficiënter te maken.
De energieconsumptie in de Europese Unie tegen 2020 met twintig procent doen dalen en zo 100 miljard euro per jaar besparen. Dat is de doelstelling van het omvangrijke actieplan voor energie-efficiency dat de Europese Commissie donderdag heeft voorgesteld.
Momenteel verspilt Europa ongeveer twintig procent van de energie die het verbruikt. Het prijskaartje van die verspilling zou tegen 2020 100 miljard euro per jaar kunnen bedragen. Het is bovendien schadelijk voor het milieu en het versterkt de Europese afhankelijkheid van leveranciers uit derde landen.
Eurocommissaris voor Energie Andris Piebalgs heeft een omvangrijk pakket van meer dan 75 maatregelen klaar om huishoudtoestellen, huizen, vervoer en de opwekking van energie efficiënter te maken.
"Biogasinstallatie is geen afvalverwerking"
20/10/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht
Het provinciebestuur beslist of landbouwers Rudy Bayens uit Ternat een biogasinstallatie mag bouwen. Bij het tegenstribbelende buurtcomité Terlinden blijven de gemoederen hoog oplaaien. "Al 13 Vlaamse gemeenten hebben een dergelijke inplanting van afvalverwerkingsinstallaties afgewezen of hebben het zich beklaagd dat ze een voorlopig positief advies hebben gegeven", luidt het. "Ik vraag geen vergunning voor afvalverwerking, wel voor vergisting", reageert Bayens in Het Laatste Nieuws.
Het platform Biogas-E lanceerde onlangs een oproep voor een sereen en genuanceerd debat over biogasinstallaties. Er is duidelijk nog werk aan de winkel. In Ternat heerst ogenschijnlijk verwarring alom rond het vergistingsprocédé dat er zou ingeplant worden. "Allicht beschouwt het comité grasafval als huishoudelijk afval. Maar als ik gras maai van mijn weiden, dan is dat een landbouwactiviteit en is het grasafval goed en wel een landbouwproduct. Enkel als er gras wordt aangevoerd van bedrijven die in tuinen gras hebben gemaaid, kan er sprake zijn van tuinafval", aldus Bayens.
Het Terlindencomité vreest meer verkeersdrukte, stank- en lawaaihinder en een aanslag op het landschap. Het voelt zich naar eigen zeggen gesteund door de politieke overheid. "Tegen sommige van dergelijke projecten loopt nog een beroepsprocedure. Minister Peeters heeft ook al een toegekende vergunning vernietigd", klinkt het. "Alleen Zoutleeuw heeft neen gezegd tegen de vraag tot de bouw van een biogasinstallatie", countert Bayens. "Goed om weten is dat het hier om een kleine landbouwer gaat die een grote installatie wilde oprichten, helemaal niet te vergelijken met mijn aanvraag".
Hoe dan ook heeft het gmeentebestuur van Ternat het dossier van de milieuvergunningsaanvraag enkele weken geleden overgemaakt aan het provinciebestuur. Dat zal de knoop moeten doorhakken. Na het verdict kunnen beide partijen desgevallend nog wel in beroep gaan.
Het provinciebestuur beslist of landbouwers Rudy Bayens uit Ternat een biogasinstallatie mag bouwen. Bij het tegenstribbelende buurtcomité Terlinden blijven de gemoederen hoog oplaaien. "Al 13 Vlaamse gemeenten hebben een dergelijke inplanting van afvalverwerkingsinstallaties afgewezen of hebben het zich beklaagd dat ze een voorlopig positief advies hebben gegeven", luidt het. "Ik vraag geen vergunning voor afvalverwerking, wel voor vergisting", reageert Bayens in Het Laatste Nieuws.
Het platform Biogas-E lanceerde onlangs een oproep voor een sereen en genuanceerd debat over biogasinstallaties. Er is duidelijk nog werk aan de winkel. In Ternat heerst ogenschijnlijk verwarring alom rond het vergistingsprocédé dat er zou ingeplant worden. "Allicht beschouwt het comité grasafval als huishoudelijk afval. Maar als ik gras maai van mijn weiden, dan is dat een landbouwactiviteit en is het grasafval goed en wel een landbouwproduct. Enkel als er gras wordt aangevoerd van bedrijven die in tuinen gras hebben gemaaid, kan er sprake zijn van tuinafval", aldus Bayens.
Het Terlindencomité vreest meer verkeersdrukte, stank- en lawaaihinder en een aanslag op het landschap. Het voelt zich naar eigen zeggen gesteund door de politieke overheid. "Tegen sommige van dergelijke projecten loopt nog een beroepsprocedure. Minister Peeters heeft ook al een toegekende vergunning vernietigd", klinkt het. "Alleen Zoutleeuw heeft neen gezegd tegen de vraag tot de bouw van een biogasinstallatie", countert Bayens. "Goed om weten is dat het hier om een kleine landbouwer gaat die een grote installatie wilde oprichten, helemaal niet te vergelijken met mijn aanvraag".
Hoe dan ook heeft het gmeentebestuur van Ternat het dossier van de milieuvergunningsaanvraag enkele weken geleden overgemaakt aan het provinciebestuur. Dat zal de knoop moeten doorhakken. Na het verdict kunnen beide partijen desgevallend nog wel in beroep gaan.
12 oktober 2006
WWF lanceert online aankoopgids energiebesparende producten
12/10/2006 | bron(nen): Belga
De milieu-organisatie WWF heeft een online aankoopgids gelanceerd waar de meest energiebesparende elektrische huishoudapparaten die in België verkrijgbaar zijn, gerangschikt staan. De organisatie stelde de website www.topten.be donderdag voor tijdens een persconferentie. De lancering van de site kadert in een Europees programma.
Op de site vindt de consument drie verschillende categorieën van huishoudapparaten: diepvriezers, koelkasten en wasmachines. Per categorie is er een onderverdeling waar de producten gerangschikt staan in volgorde van energie-efficiëntie. "We willen de consumenten helpen om de meest energiebesparende huishoudproducten te kiezen", aldus Sam Van den plas van WWF-België. "Op de site kan de consument de kosten en het elektriciteitsverbruik van de producten vergelijken", aldus Van den plas.
Volgens WWF loopt het verbruik en de kosten van de elektrische huishoudapparaten hoog op en daarom is het belangrijk om de consument te helpen om de juiste keuze te maken. "Momenteel heeft de consument niet altijd de tijd om alles goed te vergelijken en de keuze uit de verschillende producten is ook enorm", aldus Van den Plas die bij WWF verantwoordelijk is voor de cel klimaat. "De informatie die de consument op dit ogenblik ter beschikking heeft is niet altijd onafhankelijk. Het onderzoek dat wij hebben verricht is wel onafhankelijk van producten en merken." De lijst van WWF België is gebaseerd op Europese labels en onafhankelijke analyses.
"In de toekomst willen we het aantal categorieën uitbreiden. We hopen om de site aan te vullen met producten in sectoren als mobiliteit, bureau-uitrusting en duurzaam bouwen", aldus Van den plas.
Vandaag/donderdag wordt de website topten ook in negen andere Europese landen gelanceerd. Het concept werd in 2000 gestart in Zwitserland en is daar in zes jaar tijd uitgegroeid tot een succes met meer dan 900.000 bezoekers per jaar.
De milieu-organisatie WWF heeft een online aankoopgids gelanceerd waar de meest energiebesparende elektrische huishoudapparaten die in België verkrijgbaar zijn, gerangschikt staan. De organisatie stelde de website www.topten.be donderdag voor tijdens een persconferentie. De lancering van de site kadert in een Europees programma.
Op de site vindt de consument drie verschillende categorieën van huishoudapparaten: diepvriezers, koelkasten en wasmachines. Per categorie is er een onderverdeling waar de producten gerangschikt staan in volgorde van energie-efficiëntie. "We willen de consumenten helpen om de meest energiebesparende huishoudproducten te kiezen", aldus Sam Van den plas van WWF-België. "Op de site kan de consument de kosten en het elektriciteitsverbruik van de producten vergelijken", aldus Van den plas.
Volgens WWF loopt het verbruik en de kosten van de elektrische huishoudapparaten hoog op en daarom is het belangrijk om de consument te helpen om de juiste keuze te maken. "Momenteel heeft de consument niet altijd de tijd om alles goed te vergelijken en de keuze uit de verschillende producten is ook enorm", aldus Van den Plas die bij WWF verantwoordelijk is voor de cel klimaat. "De informatie die de consument op dit ogenblik ter beschikking heeft is niet altijd onafhankelijk. Het onderzoek dat wij hebben verricht is wel onafhankelijk van producten en merken." De lijst van WWF België is gebaseerd op Europese labels en onafhankelijke analyses.
"In de toekomst willen we het aantal categorieën uitbreiden. We hopen om de site aan te vullen met producten in sectoren als mobiliteit, bureau-uitrusting en duurzaam bouwen", aldus Van den plas.
Vandaag/donderdag wordt de website topten ook in negen andere Europese landen gelanceerd. Het concept werd in 2000 gestart in Zwitserland en is daar in zes jaar tijd uitgegroeid tot een succes met meer dan 900.000 bezoekers per jaar.
Eerste demoveld energiemaïs geoogst in Zomergem
11/10/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht, Het Nieuwsblad
Op een veld in Zomergem vond dinsdag de allereerste oogst van energiemaïs of biogasmaïs plaats. De maïs heeft langere stengels en flink uit de kluiten gewassen kolven en wordt gebruikt om biogas te produceren. Om biogas te krijgen moet de maïs samen met andere grondstoffen vergist worden. Het aanmaken van biogas is in Vlaanderen nog niet helemaal ingeburgerd. Momenteel zijn er een zestal biogasinstallaties in aanbouw. Er wordt verwacht dat de teelt van energiemaïs de opmars van biogas kan stimuleren.
De energiemaÏs of biogasmaïs werd in mei in Zomergem geplant op een akker van landbouwer Bernard Willems. Het demoveld maakt deel uit van het project 'Energiebouw Vlaanderen' van de Hogeschool West-Vlaanderen. "Met het demoveld van anderhalf hectare kunnen we drie gezinnen een jaar lang van energie voorzien", zegt Bruno Mattheeuws van Biogas-E vzw.
Ook gewone maïs kan vergist worden, maar biogasmaïs werd geoptimaliseerd naar vergisting toe om er nog meer energie uit te krijgen. "Per hectare levert het meer massa, meer droge stoffen op. De maïs is later rijp, heeft een grotere kolf, een bredere en hogere stengel tot drie meter en meer bladmassa. De maïs is wel minder geschikt als veevoeder omdat er minder voedingswaarde in zit", legt Mattheeuws uit.
De jonge landbouwer Bernard Willems stelde maar al te graag zijn grond ter beschikking van de wetenschap. "Ik heb in totaal zes hectare grond en ik kon er wel wat missen. Naast mijn werk als landbouwer zit ik ook mee in een onderzoeksgroep die testen uitvoert op energiemaïs. Die nieuwe technieken interesseren mij wel. Vandaar dat ik het ook leuk vind om dit alles vanop de eerste rij mee te maken".
Op een veld in Zomergem vond dinsdag de allereerste oogst van energiemaïs of biogasmaïs plaats. De maïs heeft langere stengels en flink uit de kluiten gewassen kolven en wordt gebruikt om biogas te produceren. Om biogas te krijgen moet de maïs samen met andere grondstoffen vergist worden. Het aanmaken van biogas is in Vlaanderen nog niet helemaal ingeburgerd. Momenteel zijn er een zestal biogasinstallaties in aanbouw. Er wordt verwacht dat de teelt van energiemaïs de opmars van biogas kan stimuleren.
De energiemaÏs of biogasmaïs werd in mei in Zomergem geplant op een akker van landbouwer Bernard Willems. Het demoveld maakt deel uit van het project 'Energiebouw Vlaanderen' van de Hogeschool West-Vlaanderen. "Met het demoveld van anderhalf hectare kunnen we drie gezinnen een jaar lang van energie voorzien", zegt Bruno Mattheeuws van Biogas-E vzw.
Ook gewone maïs kan vergist worden, maar biogasmaïs werd geoptimaliseerd naar vergisting toe om er nog meer energie uit te krijgen. "Per hectare levert het meer massa, meer droge stoffen op. De maïs is later rijp, heeft een grotere kolf, een bredere en hogere stengel tot drie meter en meer bladmassa. De maïs is wel minder geschikt als veevoeder omdat er minder voedingswaarde in zit", legt Mattheeuws uit.
De jonge landbouwer Bernard Willems stelde maar al te graag zijn grond ter beschikking van de wetenschap. "Ik heb in totaal zes hectare grond en ik kon er wel wat missen. Naast mijn werk als landbouwer zit ik ook mee in een onderzoeksgroep die testen uitvoert op energiemaïs. Die nieuwe technieken interesseren mij wel. Vandaar dat ik het ook leuk vind om dit alles vanop de eerste rij mee te maken".
Eerste tankstation voor bio-ethanol geopend in België
11/10/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht, De Tijd
De Brusselse brandstofdistributeur Octaplus en de Gentse ethanolproducent Alco Bio Fuel openden in Brussel het eerste tankstation voor bio-ethanol E85. Ze plannen nog vier dergelijke stations in de hoofdstad. België maakt daarmee een eerste inhaalbeweging op andere Europese landen waar al tienduizenden auto's op het milieuvriendelijke E85 rondrijden.
E85 is een mengsel van 15 procent benzine en 85 procent bio-ethanol, een hernieuwbare brandstof afkomstig van landbouwgewassen of biomassa. Rijden op bio-ethanol vermindert sterk de uitstoot van CO2. Bedrijven zoals Alco Bio Fuel, maar ook het Duitse Südzucker staan klaar om bio-ethanol te produceren in België. Ook de autoindustrie is klaar. De Zweedse autobouwers Saab en Volvo en het Amerikaanse Ford hebben al auto's op de markt die naast gewone benzine ook op E85 kunnen rijden.
Alleen kunnen ze die in België nog niet verkopen omdat de overheid de alternatieve brandstof nog niet goedkeurde. "Het is dus voorlopig illegaal om ermee te rijden", zegt marketingmanager Vincent Declerck van Octaplus. Voor zijn eerste station in Brussel kreeg Octaplus een uitzonderingsstatuut omdat het een testinstallatie is. "Volgende week verwachten wij de goedkeuring van de overheid en dan starten wij met de opening van vier dergelijke stations in Brussel, samen met Alco Bio Fuel".
Vanaf dan kunnen de consumenten bio-ethanol tanken. Dat is een Belgische primeur, maar zeker geen Europese. In Zweden bijvoorbeeld, rijden al tienduizenden auto's rond op bio-ethanol. Omdat ze veel minder vervuilen kunnen ze gratis parkeren in steden en betalen hun bestuurders minder belastingen. In Nederland zijn er ook al verschillende pompstations voor bio-ethanol, onder meer bij de invoerders van Saab en Volvo.
Het Belgische Octaplus is als distributeur niet afhankelijk van grote petroleummaatschappijen. Die staan volgens insiders niet meteen te springen om op grote schaal biobrandstoffen te promoten. Toch komt de biobrandstof eraan. Volgens een Europese richtlijn moeten tegen 2010 5,75 procent van alle motorbrandstof van biologische oorsprong zijn.
De Brusselse brandstofdistributeur Octaplus en de Gentse ethanolproducent Alco Bio Fuel openden in Brussel het eerste tankstation voor bio-ethanol E85. Ze plannen nog vier dergelijke stations in de hoofdstad. België maakt daarmee een eerste inhaalbeweging op andere Europese landen waar al tienduizenden auto's op het milieuvriendelijke E85 rondrijden.
E85 is een mengsel van 15 procent benzine en 85 procent bio-ethanol, een hernieuwbare brandstof afkomstig van landbouwgewassen of biomassa. Rijden op bio-ethanol vermindert sterk de uitstoot van CO2. Bedrijven zoals Alco Bio Fuel, maar ook het Duitse Südzucker staan klaar om bio-ethanol te produceren in België. Ook de autoindustrie is klaar. De Zweedse autobouwers Saab en Volvo en het Amerikaanse Ford hebben al auto's op de markt die naast gewone benzine ook op E85 kunnen rijden.
Alleen kunnen ze die in België nog niet verkopen omdat de overheid de alternatieve brandstof nog niet goedkeurde. "Het is dus voorlopig illegaal om ermee te rijden", zegt marketingmanager Vincent Declerck van Octaplus. Voor zijn eerste station in Brussel kreeg Octaplus een uitzonderingsstatuut omdat het een testinstallatie is. "Volgende week verwachten wij de goedkeuring van de overheid en dan starten wij met de opening van vier dergelijke stations in Brussel, samen met Alco Bio Fuel".
Vanaf dan kunnen de consumenten bio-ethanol tanken. Dat is een Belgische primeur, maar zeker geen Europese. In Zweden bijvoorbeeld, rijden al tienduizenden auto's rond op bio-ethanol. Omdat ze veel minder vervuilen kunnen ze gratis parkeren in steden en betalen hun bestuurders minder belastingen. In Nederland zijn er ook al verschillende pompstations voor bio-ethanol, onder meer bij de invoerders van Saab en Volvo.
Het Belgische Octaplus is als distributeur niet afhankelijk van grote petroleummaatschappijen. Die staan volgens insiders niet meteen te springen om op grote schaal biobrandstoffen te promoten. Toch komt de biobrandstof eraan. Volgens een Europese richtlijn moeten tegen 2010 5,75 procent van alle motorbrandstof van biologische oorsprong zijn.
29 september 2006
Colruyt investeert fors in zonne-energie
27/09/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht
Colruyt heeft 8.000 vierkante meter zonnepanelen laten installeren op het dak van zijn distributiecentrum in Halle om groene elektriciteit op te wekken. Het bedrijf investeerde 1,4 miljoen euro in het project. De elektriciteit wordt onmiddellijk gebruikt in het distributiecentrum. Samen met de windmolen die sinds 1999 in gebruik is, zullen de zonnepanelen er voor zorgen dat de winkelketen het hele jaar groene energie kan gebruiken. Dat schrijft Het Nieuwsblad.
De installatie, de grootste in België, bestaat uit 1.200 panelen die samen een groot zonnepaneel vormen van ongeveer een voetbalveld groot. Verwacht wordt dat de zonnecellen 250.000 kilowattuur per jaar zullen produceren. Dat is gelijk aan het gemiddelde jaarlijkse verbruik van ongeveer tachtig huishoudens. Het project is rendabel, onder meer dankzij de groenestroomcertificaten van de overheid.
Waarom doet het bedrijf dit? "Omdat het kadert in ons Green Line-programma voor een beter leefmilieu", legt Luc Rogge, directeur van de Colruyt-groep uit. "Het gaat om het principe. We zorgen met de panelen voor 78 ton minder CO2-uitstoot per jaar. En als het economisch haalbaar is, waarom zouden we het dan niet doen? Ook wij besparen op onze energiefactuur door zelf energie te produceren". Binnenkort investeert Colruyt ook nog met vier andere bedrijven in negen windmolens in Ieper.
Colruyt heeft 8.000 vierkante meter zonnepanelen laten installeren op het dak van zijn distributiecentrum in Halle om groene elektriciteit op te wekken. Het bedrijf investeerde 1,4 miljoen euro in het project. De elektriciteit wordt onmiddellijk gebruikt in het distributiecentrum. Samen met de windmolen die sinds 1999 in gebruik is, zullen de zonnepanelen er voor zorgen dat de winkelketen het hele jaar groene energie kan gebruiken. Dat schrijft Het Nieuwsblad.
De installatie, de grootste in België, bestaat uit 1.200 panelen die samen een groot zonnepaneel vormen van ongeveer een voetbalveld groot. Verwacht wordt dat de zonnecellen 250.000 kilowattuur per jaar zullen produceren. Dat is gelijk aan het gemiddelde jaarlijkse verbruik van ongeveer tachtig huishoudens. Het project is rendabel, onder meer dankzij de groenestroomcertificaten van de overheid.
Waarom doet het bedrijf dit? "Omdat het kadert in ons Green Line-programma voor een beter leefmilieu", legt Luc Rogge, directeur van de Colruyt-groep uit. "Het gaat om het principe. We zorgen met de panelen voor 78 ton minder CO2-uitstoot per jaar. En als het economisch haalbaar is, waarom zouden we het dan niet doen? Ook wij besparen op onze energiefactuur door zelf energie te produceren". Binnenkort investeert Colruyt ook nog met vier andere bedrijven in negen windmolens in Ieper.
Zakenman geeft drie miljard aan strijd tegen klimaatverandering
Bron(nen): NatuurTotaal, Reuters
De markante zakenman Richard Branson geeft de winst van Virgin Transport Business, waaronder zijn luchtvaartmaatschappij, aan de strijd tegen de opwarming van de aarde. In totaal gaat het om een bedrag van 3 miljard dollar (2,4 miljard euro), verdeeld over tien jaar. Dat vertelde hij bij een bijeenkomst van Bill Clintons Global Initiative in New York.
De excentrieke baas van de platen-, luchtvaart- en mobiele telefoonmaatschappij maakt zich al langer zorgen om het milieu. Hij introduceerde daarnaast als eerste Bluetooth in de zakenwereld. Branson weigert een telefoon naast zijn hoofd te houden en liep met een oortje tussen zijn collega’s, omdat hij bang is voor de gevolgen van umts-straling.
De markante zakenman Richard Branson geeft de winst van Virgin Transport Business, waaronder zijn luchtvaartmaatschappij, aan de strijd tegen de opwarming van de aarde. In totaal gaat het om een bedrag van 3 miljard dollar (2,4 miljard euro), verdeeld over tien jaar. Dat vertelde hij bij een bijeenkomst van Bill Clintons Global Initiative in New York.
De excentrieke baas van de platen-, luchtvaart- en mobiele telefoonmaatschappij maakt zich al langer zorgen om het milieu. Hij introduceerde daarnaast als eerste Bluetooth in de zakenwereld. Branson weigert een telefoon naast zijn hoofd te houden en liep met een oortje tussen zijn collega’s, omdat hij bang is voor de gevolgen van umts-straling.
Temperatuur aarde hoogste in duizenden jaren
27/09/2006 | Bron(nen): NatuurTotaal
De aarde is in duizenden jaren niet zo warm geweest als nu. In de afgelopen dertig jaar is de gemiddelde temperatuur op aarde elk jaar met 0,2 graden Celsius gestegen. Dat stellen Amerikaanse onderzoekers in een rapport dat dinsdag in het vakblad Proceedings of the National Academy of Sciences is gepubliceerd.
De opwarming van de aarde verloopt sneller op het noordelijk halfrond, omdat daar het smeltende ijs land en gesteente blootlegt. Die warmen sneller op dan de watermassa’s in de zuidelijke oceanen. Toch is ook in het zuiden een temperatuurstijging waarneembaar, die gepaard kan gaan met meer stormen en noodweer.
De leider van het onderzoeksteam, James Hansen van het Goddardinstituut van het Amerikaanse ruimtevaartbureau NASA, waarschuwt al jaren voor klimaatsveranderingen door zogenoemde broeikasgassen: "Wanneer de opwarming van de aarde nog 2 of 3 graden verder gaat zullen wij waarschijnlijk veranderingen zien die van de aarde een andere planeet maken dan die wij kennen.”
Hij verwijst naar een artikel in het wetenschappelijk tijdschrift Nature waarin staat dat 1700 planten-, dier- en insectensoorten zich richting de aardpolen beginnen te verplaatsen in de tweede helft van de 20e eeuw, met gemiddeld 6,5 kilometer per tien jaar.
De aarde is in duizenden jaren niet zo warm geweest als nu. In de afgelopen dertig jaar is de gemiddelde temperatuur op aarde elk jaar met 0,2 graden Celsius gestegen. Dat stellen Amerikaanse onderzoekers in een rapport dat dinsdag in het vakblad Proceedings of the National Academy of Sciences is gepubliceerd.
De opwarming van de aarde verloopt sneller op het noordelijk halfrond, omdat daar het smeltende ijs land en gesteente blootlegt. Die warmen sneller op dan de watermassa’s in de zuidelijke oceanen. Toch is ook in het zuiden een temperatuurstijging waarneembaar, die gepaard kan gaan met meer stormen en noodweer.
De leider van het onderzoeksteam, James Hansen van het Goddardinstituut van het Amerikaanse ruimtevaartbureau NASA, waarschuwt al jaren voor klimaatsveranderingen door zogenoemde broeikasgassen: "Wanneer de opwarming van de aarde nog 2 of 3 graden verder gaat zullen wij waarschijnlijk veranderingen zien die van de aarde een andere planeet maken dan die wij kennen.”
Hij verwijst naar een artikel in het wetenschappelijk tijdschrift Nature waarin staat dat 1700 planten-, dier- en insectensoorten zich richting de aardpolen beginnen te verplaatsen in de tweede helft van de 20e eeuw, met gemiddeld 6,5 kilometer per tien jaar.
Google: pc's verbruiken veel te veel stroom
28/09/2006 | Bron(nen): NatuurTotaal, Automatisering Gids
De ruwweg 100 miljoen pc’s op de wereld gebruiken jaarlijks meer 10 miljard kilowattuur meer aan elektriciteit dan strikt genomen nodig is. Domweg doordat ze zijn gebaseerd op een voedingsstandaard die nog teruggaat op keuzes die IBM in 1981 maakte, bij het ontwerpen van z’n eerste pc.
In een gisteren op het Intel Developer Forum in San Francisco gepresenteerd white paper roept Google de industrie op om te kiezen voor een eenvoudiger en efficiëntere standaard voor de voeding van pc-componenten.
Op basis van een 12-volts voeding voor alle systeemonderdelen moet de energie-efficiëntie, die nu vaak minder dan 40 procent bedraagt, volgens Google op 80 procent kunnen worden gebracht.
Google’s engagement met het onderwerp wordt in het whitepaper niet nader verklaard, maar twee factoren lijken een rol te spelen. Google beheert het grootste serverpark ter wereld en zou flink op zijn energierekening kunnen besparen indien de systemen een beter energierendement zouden hebben.
De andere reden dat juist Google deze kwestie aankaart, kan zijn dat een van Google’s non-executive directeuren, Al Gore, zich persoonlijk inspant om de problematiek van de thermische klimaatverstoring in een zo breed mogelijk verband aan te kaarten. Volgende maand komt de op zijn argumentatie gebaseerde bioscoop-documentaire 'An Inconvenient Truth' ook in het Nederlandse bioscoopcircuit in omloop.
De ruwweg 100 miljoen pc’s op de wereld gebruiken jaarlijks meer 10 miljard kilowattuur meer aan elektriciteit dan strikt genomen nodig is. Domweg doordat ze zijn gebaseerd op een voedingsstandaard die nog teruggaat op keuzes die IBM in 1981 maakte, bij het ontwerpen van z’n eerste pc.
In een gisteren op het Intel Developer Forum in San Francisco gepresenteerd white paper roept Google de industrie op om te kiezen voor een eenvoudiger en efficiëntere standaard voor de voeding van pc-componenten.
Op basis van een 12-volts voeding voor alle systeemonderdelen moet de energie-efficiëntie, die nu vaak minder dan 40 procent bedraagt, volgens Google op 80 procent kunnen worden gebracht.
Google’s engagement met het onderwerp wordt in het whitepaper niet nader verklaard, maar twee factoren lijken een rol te spelen. Google beheert het grootste serverpark ter wereld en zou flink op zijn energierekening kunnen besparen indien de systemen een beter energierendement zouden hebben.
De andere reden dat juist Google deze kwestie aankaart, kan zijn dat een van Google’s non-executive directeuren, Al Gore, zich persoonlijk inspant om de problematiek van de thermische klimaatverstoring in een zo breed mogelijk verband aan te kaarten. Volgende maand komt de op zijn argumentatie gebaseerde bioscoop-documentaire 'An Inconvenient Truth' ook in het Nederlandse bioscoopcircuit in omloop.
Ozongat dit jaar uitzonderlijk groot
28/09/2006 | bron(nen): NatuurTotaal, KNMI
Het oppervlak en de diepte van het ozongat boven het Zuidpoolgebied zijn dit jaar uitzonderlijk groot. Dit volgt uit de meetreeks van de satellietinstrumenten GOME, SCIAMACHY en OMI.
In de analyse van het KNMI was op 25 en 26 september het ozonverlies even groot als het record gemeten in het jaar 2000. Het ozonverlies is de maat voor de hoeveelheid ozon die is afgebroken in het ozongat en wordt bepaald door zowel het oppervlak als de diepte van het ozongat.
Het KNMI meet sinds 1995 de dikte van de ozonlaag met de satellietinstrumenten GOME, SCIAMACHY (sinds 2002) en OMI (sinds 2005). Het KNMI coördineert de kwaliteitscontrole van de metingen met het SCIAMACHY instrument. OMI is een Nederlands-Fins instrument, waarvan het KNMI de wetenschappelijke leiding heeft.
Het ozongat ontstaat sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw jaarlijks in de lente (bij ons is het dan herfst) boven het Zuidpoolgebied. Het ozongat ontstaat doordat ozon wordt afgebroken door het chloor dat afkomstig is uit chloorfluorkoolstoffen (CFK’s), die vroeger werden gebruikt in onder meer spuitbussen en koelkasten. Voor de snelle afbraak van ozon moet het zeer koud zijn en is zonlicht nodig. Aan deze voorwaarden wordt in het vroege voorjaar op de Zuidpool voldaan. Dit jaar is de temperatuur in het ozongat boven het Zuidpoolgebied lager dan ooit sinds het begin van de satellietmetingen in 1979, wat het extreme ozonverlies van dit jaar mede verklaart.
CFK’s worden sinds eind jaren tachtig nauwelijks meer gebruikt en de hoeveelheid CFK’s in de atmosfeer neemt al enkele jaren langzaam af. De verwachting is dan ook dat het ozongat in de loop van deze eeuw zal herstellen. Het herstel wordt echter vertraagd door een geleidelijke afname van de temperatuur in de ozonlaag, die het gevolg is van het door de mens veroorzaakte broeikaseffect. Dit effect leidt tot hogere temperaturen nabij het aardoppervlak, maar juist tot lagere temperaturen op de hoogten van 10 tot 25 km waar de ozonlaag zich bevindt.
Ook al zal op termijn het ozongat naar verwachting weer herstellen. Het uitzonderlijk grote ozonverlies van dit jaar maakt duidelijk dat van een begin van herstel van het ozongat nog allerminst sprake is.
Het oppervlak en de diepte van het ozongat boven het Zuidpoolgebied zijn dit jaar uitzonderlijk groot. Dit volgt uit de meetreeks van de satellietinstrumenten GOME, SCIAMACHY en OMI.
In de analyse van het KNMI was op 25 en 26 september het ozonverlies even groot als het record gemeten in het jaar 2000. Het ozonverlies is de maat voor de hoeveelheid ozon die is afgebroken in het ozongat en wordt bepaald door zowel het oppervlak als de diepte van het ozongat.
Het KNMI meet sinds 1995 de dikte van de ozonlaag met de satellietinstrumenten GOME, SCIAMACHY (sinds 2002) en OMI (sinds 2005). Het KNMI coördineert de kwaliteitscontrole van de metingen met het SCIAMACHY instrument. OMI is een Nederlands-Fins instrument, waarvan het KNMI de wetenschappelijke leiding heeft.
Het ozongat ontstaat sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw jaarlijks in de lente (bij ons is het dan herfst) boven het Zuidpoolgebied. Het ozongat ontstaat doordat ozon wordt afgebroken door het chloor dat afkomstig is uit chloorfluorkoolstoffen (CFK’s), die vroeger werden gebruikt in onder meer spuitbussen en koelkasten. Voor de snelle afbraak van ozon moet het zeer koud zijn en is zonlicht nodig. Aan deze voorwaarden wordt in het vroege voorjaar op de Zuidpool voldaan. Dit jaar is de temperatuur in het ozongat boven het Zuidpoolgebied lager dan ooit sinds het begin van de satellietmetingen in 1979, wat het extreme ozonverlies van dit jaar mede verklaart.
CFK’s worden sinds eind jaren tachtig nauwelijks meer gebruikt en de hoeveelheid CFK’s in de atmosfeer neemt al enkele jaren langzaam af. De verwachting is dan ook dat het ozongat in de loop van deze eeuw zal herstellen. Het herstel wordt echter vertraagd door een geleidelijke afname van de temperatuur in de ozonlaag, die het gevolg is van het door de mens veroorzaakte broeikaseffect. Dit effect leidt tot hogere temperaturen nabij het aardoppervlak, maar juist tot lagere temperaturen op de hoogten van 10 tot 25 km waar de ozonlaag zich bevindt.
Ook al zal op termijn het ozongat naar verwachting weer herstellen. Het uitzonderlijk grote ozonverlies van dit jaar maakt duidelijk dat van een begin van herstel van het ozongat nog allerminst sprake is.
21 september 2006
Royal Society tells Exxon: stop funding climate change denial
20/09/2006 | Bron(nen): The Guardian
Read the letter in full here (pdf)
Britain's leading scientists have challenged the US oil company ExxonMobil to stop funding groups that attempt to undermine the scientific consensus on climate change.
In an unprecedented step, the Royal Society, Britain's premier scientific academy, has written to the oil giant to demand that the company withdraws support for dozens of groups that have "misrepresented the science of climate change by outright denial of the evidence".
The scientists also strongly criticise the company's public statements on global warming, which they describe as "inaccurate and misleading".
Read the letter in full here (pdf)
Britain's leading scientists have challenged the US oil company ExxonMobil to stop funding groups that attempt to undermine the scientific consensus on climate change.
In an unprecedented step, the Royal Society, Britain's premier scientific academy, has written to the oil giant to demand that the company withdraws support for dozens of groups that have "misrepresented the science of climate change by outright denial of the evidence".
The scientists also strongly criticise the company's public statements on global warming, which they describe as "inaccurate and misleading".
Volkswagen pleit voor duurzaamheidscriteria bij toepassing accijns
11/09/2006 | Bron(nen): SenterNovem GAVE-mail
Volkswagen wil een accijnsmodel op basis van de duurzaamheid van de biobrandstof. Topman Bernd Pischetsrieder stelt dat de huidige beoordeling van eerste- en tweedegeneratie biobrandstoffen onvoldoende is. De autofabrikant stelt daarom een alternatief accijnsmodel voor. Prof. Jürgen Leohold, hoofd Research van Volkswagen, noemt in zijn lezing (zie pagina 11) de criteria die hierbij relevant zijn. Naast de CO2-prestatie op basis van 'well to tank'-berekeningen, noemt hij ook biodiversiteit, innovatie, het gebruik van gewasbescherming en kunstmest, vermijden van roofbouw op tropisch regenwoud, toepassingspotentieel en voorzieningszekerheid.
De toekomststrategie van Volkswagen met betrekking tot motoren en brandstoffen spitst zich voor een belangrijk deel toe op biobrandstoffen van de 2e generatie. Volkswagen investeert met het oog daarop één miljoen euro in een bijzondere leerstoel Biobrandstoffen aan de Technische Universiteit van het Duitse Braunschweig. Ook werkt Volkswagen samen met andere autofabrikanten en oliemaatschappijen aan de ontwikkeling van tweede generatie biobrandstoffen.
- Shell in Europese alliantie voor synthetische brandstof
- Subsidie voor Gas-to-Liquid proef
Volkswagen wil een accijnsmodel op basis van de duurzaamheid van de biobrandstof. Topman Bernd Pischetsrieder stelt dat de huidige beoordeling van eerste- en tweedegeneratie biobrandstoffen onvoldoende is. De autofabrikant stelt daarom een alternatief accijnsmodel voor. Prof. Jürgen Leohold, hoofd Research van Volkswagen, noemt in zijn lezing (zie pagina 11) de criteria die hierbij relevant zijn. Naast de CO2-prestatie op basis van 'well to tank'-berekeningen, noemt hij ook biodiversiteit, innovatie, het gebruik van gewasbescherming en kunstmest, vermijden van roofbouw op tropisch regenwoud, toepassingspotentieel en voorzieningszekerheid.
De toekomststrategie van Volkswagen met betrekking tot motoren en brandstoffen spitst zich voor een belangrijk deel toe op biobrandstoffen van de 2e generatie. Volkswagen investeert met het oog daarop één miljoen euro in een bijzondere leerstoel Biobrandstoffen aan de Technische Universiteit van het Duitse Braunschweig. Ook werkt Volkswagen samen met andere autofabrikanten en oliemaatschappijen aan de ontwikkeling van tweede generatie biobrandstoffen.
- Shell in Europese alliantie voor synthetische brandstof
- Subsidie voor Gas-to-Liquid proef
Eerste ecologisch gebouwd voetbalstadium in Groot-Brittannië
12/09/2006 | Bron(nen): Duurzame-info.be
Het team van Dartford Football club in Kent kan weldra spelen in een stadium dat ontworpen is volgens de logica van duurzaam bouwen. Het terrein wordt besproeid met regenwater uit opvangmeertjes om het gebruik van de natuurlijke waterreserves te verminderen. Voor de structuur van het gebouw wordt de voorkeur gegeven aan duurzame materialen (balken in gerecycleerd hout, bakstenen, plantaardige dakbedekking). En voor het warm water in de kleedkamers zijn er zonnepanelen…
Meer info: Artikel ‘treehugger’ (Eng)
Het team van Dartford Football club in Kent kan weldra spelen in een stadium dat ontworpen is volgens de logica van duurzaam bouwen. Het terrein wordt besproeid met regenwater uit opvangmeertjes om het gebruik van de natuurlijke waterreserves te verminderen. Voor de structuur van het gebouw wordt de voorkeur gegeven aan duurzame materialen (balken in gerecycleerd hout, bakstenen, plantaardige dakbedekking). En voor het warm water in de kleedkamers zijn er zonnepanelen…
Meer info: Artikel ‘treehugger’ (Eng)
105 miljoen euro extra voor Nederlandse glastuinbouw
20/09/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht
Het Nederlandse landbouwministerie presenteerde dinsdag de hoofdlijnen van zijn beleid voor 2007. Eén van de pijlers is de energievoorziening in de glastuinbouw. Om innovaties aan te moedigen, trekt het kabinet de komende drie jaar 105 miljoen euro extra uit. Voor de komende drie jaar staat hiervoor telkens 35 miljoen euro op de landbouwbegroting. Dat schrijft het Agrarisch Dagblad.
De glastuinbouwsector had een bedrag van 210 miljoen euro gevraagd. Volgens het kabinet komt dat geld er ook, omdat nog eens 105 miljoen euro beschikbaar is via bestaande fiscale maatregelen voor energiebesparing. Daaronder vallen de afschrijvingen van zogeheten groenelabelkassen en de verhoging van de milieu-investeringsaftrek van 40 naar 50 procent.
De extra 105 miljoen euro die nu wordt voorzien, wordt verdeeld over drie verschillende soorten investeringen. In de eerste plaats voor voorlopers op energiegebied, zoals de gesloten kas, ten tweede voor het steunen van energienetwerken en tot slot voor energiebesparing bij energie-extensieve teelten.
Het Nederlandse landbouwministerie presenteerde dinsdag de hoofdlijnen van zijn beleid voor 2007. Eén van de pijlers is de energievoorziening in de glastuinbouw. Om innovaties aan te moedigen, trekt het kabinet de komende drie jaar 105 miljoen euro extra uit. Voor de komende drie jaar staat hiervoor telkens 35 miljoen euro op de landbouwbegroting. Dat schrijft het Agrarisch Dagblad.
De glastuinbouwsector had een bedrag van 210 miljoen euro gevraagd. Volgens het kabinet komt dat geld er ook, omdat nog eens 105 miljoen euro beschikbaar is via bestaande fiscale maatregelen voor energiebesparing. Daaronder vallen de afschrijvingen van zogeheten groenelabelkassen en de verhoging van de milieu-investeringsaftrek van 40 naar 50 procent.
De extra 105 miljoen euro die nu wordt voorzien, wordt verdeeld over drie verschillende soorten investeringen. In de eerste plaats voor voorlopers op energiegebied, zoals de gesloten kas, ten tweede voor het steunen van energienetwerken en tot slot voor energiebesparing bij energie-extensieve teelten.
Californië vervolgt zes autoconstructeurs voor opwarming klimaat
21/09/2006 | Bron(nen): Belga, AFP
De minister van Justitie van Californië Bill Lockyer heeft woensdagavond bekendgemaakt dat hij zes Amerikaanse en Japanse autoconstructeurs gerechtelijk gaat vervolgen voor hun bijdrage tot de opwarming van het klimaat. Dat is een primeur voor de Verenigde Staten.
De klacht is gericht tegen Chrysler Motors Corporation, General Motors Corporation, Ford Motor Company, Toyota Motor North America, Honda North America, Inc. en Nissan North America.
"De wereldwijde opwarming van het klimaat veroorzaakt omvangrijke schade voor het milieu, de economie, de landbouw en de volksgezondheid in Californië", zegt Lockyer. "Die negatieve impact heeft al miljoenen dollars gekost en de prijs gaat elke dag nog meer de hoogte in".
"De uitlaatgassen van wagens zijn de snelst groeiende oorzaak van de koolstofuitstoot die bijdraagt aan de opwarming van het klimaat, maar de overheid en de autoconstructeurs weigeren te reageren. Het is hoog tijd dat deze bedrijven op hun verantwoordelijkheid in deze crisissituatie gewezen worden", aldus nog de minister.
De minister van Justitie van Californië Bill Lockyer heeft woensdagavond bekendgemaakt dat hij zes Amerikaanse en Japanse autoconstructeurs gerechtelijk gaat vervolgen voor hun bijdrage tot de opwarming van het klimaat. Dat is een primeur voor de Verenigde Staten.
De klacht is gericht tegen Chrysler Motors Corporation, General Motors Corporation, Ford Motor Company, Toyota Motor North America, Honda North America, Inc. en Nissan North America.
"De wereldwijde opwarming van het klimaat veroorzaakt omvangrijke schade voor het milieu, de economie, de landbouw en de volksgezondheid in Californië", zegt Lockyer. "Die negatieve impact heeft al miljoenen dollars gekost en de prijs gaat elke dag nog meer de hoogte in".
"De uitlaatgassen van wagens zijn de snelst groeiende oorzaak van de koolstofuitstoot die bijdraagt aan de opwarming van het klimaat, maar de overheid en de autoconstructeurs weigeren te reageren. Het is hoog tijd dat deze bedrijven op hun verantwoordelijkheid in deze crisissituatie gewezen worden", aldus nog de minister.
Provincie zegt 'njet' tegen biogasproject in Nijlen
20/09/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht
Landbouwer Kris De Bruyn mag geen biogasinstallatie bouwen in de Boshoek in Nijlen. Daarmee zou het landbouwbedrijf in een gesloten circuit groene energie kunnen opwekken. De provincie weigerde een vergunning af te leveren voor de installatie. De hinder voor de omwonenden was volgens de provincie te groot. Dat schrijft de Gazet van Antwerpen. Toen De Bruyn zijn aanvraag voor een biogasinstallatie indiende, liet hij de buurt weten dat de overlast beperkt zou blijven en dat er geen reden tot paniek was. Maar de buurt panikeerde wel.
De provincie volgt de ongerustheid van de buurt en geeft geen milieuvergunning. "We hebben de vergunning geweigerd omdat de installatie onverenigbaar is met de omgeving", zegt diensthoofd Peter Poels. "De woonzones liggen te dicht bij het bedrijf, zodat zij te veel geurhinder zouden ondervinden. Bovendien is het bedrijf enkel toegankelijk via de woonzones, wat voor verkeersoverlast zou zorgen".
De weigering was volgens Poels geen uitgemaakte zaak. "Volgens het gewestplan kan de installatie er perfect komen, maar we hebben gekozen om het belang van de omwonenden voorop te stellen. De landbouwer wordt binnen een paar dagen per brief op de hoogte gesteld. Hij krijgt dertig dagen om beroep aan te tekenen. Daarna kan de bevoegde minister eventueel nog beslissen om toch een vergunning toe te kennen", aldus Poels.
Landbouwer De Bruyn reageert verslagen. "Dit is heel spijtig, vooral omdat het om een milieuvriendelijke methode gaat. De kans dat ik beroep ga aantekenen, is heel groot".
Landbouwer Kris De Bruyn mag geen biogasinstallatie bouwen in de Boshoek in Nijlen. Daarmee zou het landbouwbedrijf in een gesloten circuit groene energie kunnen opwekken. De provincie weigerde een vergunning af te leveren voor de installatie. De hinder voor de omwonenden was volgens de provincie te groot. Dat schrijft de Gazet van Antwerpen. Toen De Bruyn zijn aanvraag voor een biogasinstallatie indiende, liet hij de buurt weten dat de overlast beperkt zou blijven en dat er geen reden tot paniek was. Maar de buurt panikeerde wel.
De provincie volgt de ongerustheid van de buurt en geeft geen milieuvergunning. "We hebben de vergunning geweigerd omdat de installatie onverenigbaar is met de omgeving", zegt diensthoofd Peter Poels. "De woonzones liggen te dicht bij het bedrijf, zodat zij te veel geurhinder zouden ondervinden. Bovendien is het bedrijf enkel toegankelijk via de woonzones, wat voor verkeersoverlast zou zorgen".
De weigering was volgens Poels geen uitgemaakte zaak. "Volgens het gewestplan kan de installatie er perfect komen, maar we hebben gekozen om het belang van de omwonenden voorop te stellen. De landbouwer wordt binnen een paar dagen per brief op de hoogte gesteld. Hij krijgt dertig dagen om beroep aan te tekenen. Daarna kan de bevoegde minister eventueel nog beslissen om toch een vergunning toe te kennen", aldus Poels.
Landbouwer De Bruyn reageert verslagen. "Dit is heel spijtig, vooral omdat het om een milieuvriendelijke methode gaat. De kans dat ik beroep ga aantekenen, is heel groot".
18 september 2006
Normaal maakt Nederlands eerste klimaatneutrale CD
2006-09-17 - Bron(nen): iNSnet
Op 22 september ligt de allereerste klimaatneutrale CD van Nederland in de winkels, de nieuwe dubbel-cd 'Hier is Normaal'. De Achterhoekse rockband neemt net als een aantal gerenommeerde Nederlandse bedrijven deel aan een project van de Provinciale Milieufederaties die zoveel mogelijk producten klimaatneutraal willen maken. Normaal treedt met de klimaatneutrale CD als eerste Nederlandse band in de voetsporen van bands als Coldplay, Pink Floyd en Atomic Kitten.
De milieufederaties hopen dat Normaal veel mensen zal inspireren om ook hun steentje bij te dragen aan het tegengaan van klimaatverandering. Normaal is de eerste band in Nederland die een cd lanceert waarvan de productie niet heeft bijgedragen aan het klimaatprobleem. Op 22 september ligt de nieuwe dubbel-cd 'Hier is Normaal in de winkels. Normaal heeft daarmee de primeur voor Nederland. Normaal is zelfs een stapje verder gegaan: ook hun twee (!) concerttournees dit jaar zijn volledig klimaatneutraal uitgevoerd. De energie die nodig was tijdens de 44 optredens is volledig gecompenseerd met investeringen in duurzame energie projecten in India. Niet eerder ging een rockgroep zo ver in de strijd tegen klimaatverandering.
Het klimaat verandert. Dat leidt in de toekomst en ook nu al tot problemen, zoals smeltende ijskappen, een tekort aan drinkwater en een toename van weersgerelateerde rampen. 38 goede doelen, waaronder de Provinciale Milieufederaties, werken daarom gezamenlijk aan het verbeteren van het klimaat in het kader van de 'Hier'-campagne. Samen met consumenten, bedrijven en overheden. Ook rockgroep Normaal doet mee. Ben Jolink wil uitdragen dat het klimaat onze aandacht verdient en dat iedereen zijn steentje kan bijdragen. Dat doen zij zelf ook, onder andere met hun theatertoer, hun tententoer en nu ook hun nieuwe dubbel-cd 'Hier is Normaal'. Volgend jaar volgt een nieuwe theatertournee die opnieuw klimaatneutraal zal zijn.
De dertigjarige rockgroep is daarmee haar tijd ver vooruit. 'Een gezond klimaat is van groot belang', vertelt Ben Jolink. 'We moeten er met z'n allen voor gaan de klimaatverandering te beperken, bijvoorbeeld door energie te besparen. Daarom doen wij als Normaal mee aan het Hier-programma.' Het Hier-programma richt zich op het oplossen van het klimaatprobleem. Consumenten, bedrijven en overheden moeten zich bewust worden van dit probleem en hun handelingsperspectief daarin. Iedereen kan namelijk iets doen. Hier begint bij jezelf. En Hier begint bij Normaal: de theatertoer, de tententoer en de nieuwe dubbel-cd zijn allemaal 'klimaatneutraal.' Dat betekent dat streng wordt gelet op het energieverbruik. Daarbij wordt gewerkt met groene energie en de overgebleven uitstoot aan broeikasgassen wordt gecompenseerd.
Voorzitter van de provinciale Milieufederaties, Volkert Vintges, is erg blij met de CD van Normaal: 'Er moet er altijd eentje de eerste zijn en dat vraagt lef en inzet en dat past prima bij Normaal die ook al eens hun nek uitstoken door als eerste in het dialect te gaan zingen. Normaal heeft een grote aanhang in grote delen van Nederland van jong tot wat ouder en ze staan nou ook niet bepaald bekend als geitenwollensokken. Als zij de stap zetten om iets te doen tegen klimaatverandering dan zullen er zeker meer volgen.'
Jolink: 'Wij kiezen ervoor in India installaties te plaatsen, die uit biomassa energie genereren. Dat voorziet een heel gebied van stroom en maakt de bijdrage van Normaal echt tastbaar. Het is mooi dat wij met onze muziek iets kunnen doen voor een beter klimaat, dat maakt het allemaal nóg leuker. Ik hoop dat onze fans ook gaan meedoen.' Vintges voegt hieraan toe: 'Wij zijn erg blij met de inspanningen van Normaal in het Hier-programma. Hier staat voor een beter klimaat, dat moet de normaalste zaak van de wereld worden. Het is leuk dat we nu kunnen zeggen: Hier is Normaal.'
Op 22 september ligt de allereerste klimaatneutrale CD van Nederland in de winkels, de nieuwe dubbel-cd 'Hier is Normaal'. De Achterhoekse rockband neemt net als een aantal gerenommeerde Nederlandse bedrijven deel aan een project van de Provinciale Milieufederaties die zoveel mogelijk producten klimaatneutraal willen maken. Normaal treedt met de klimaatneutrale CD als eerste Nederlandse band in de voetsporen van bands als Coldplay, Pink Floyd en Atomic Kitten.
De milieufederaties hopen dat Normaal veel mensen zal inspireren om ook hun steentje bij te dragen aan het tegengaan van klimaatverandering. Normaal is de eerste band in Nederland die een cd lanceert waarvan de productie niet heeft bijgedragen aan het klimaatprobleem. Op 22 september ligt de nieuwe dubbel-cd 'Hier is Normaal in de winkels. Normaal heeft daarmee de primeur voor Nederland. Normaal is zelfs een stapje verder gegaan: ook hun twee (!) concerttournees dit jaar zijn volledig klimaatneutraal uitgevoerd. De energie die nodig was tijdens de 44 optredens is volledig gecompenseerd met investeringen in duurzame energie projecten in India. Niet eerder ging een rockgroep zo ver in de strijd tegen klimaatverandering.
Het klimaat verandert. Dat leidt in de toekomst en ook nu al tot problemen, zoals smeltende ijskappen, een tekort aan drinkwater en een toename van weersgerelateerde rampen. 38 goede doelen, waaronder de Provinciale Milieufederaties, werken daarom gezamenlijk aan het verbeteren van het klimaat in het kader van de 'Hier'-campagne. Samen met consumenten, bedrijven en overheden. Ook rockgroep Normaal doet mee. Ben Jolink wil uitdragen dat het klimaat onze aandacht verdient en dat iedereen zijn steentje kan bijdragen. Dat doen zij zelf ook, onder andere met hun theatertoer, hun tententoer en nu ook hun nieuwe dubbel-cd 'Hier is Normaal'. Volgend jaar volgt een nieuwe theatertournee die opnieuw klimaatneutraal zal zijn.
De dertigjarige rockgroep is daarmee haar tijd ver vooruit. 'Een gezond klimaat is van groot belang', vertelt Ben Jolink. 'We moeten er met z'n allen voor gaan de klimaatverandering te beperken, bijvoorbeeld door energie te besparen. Daarom doen wij als Normaal mee aan het Hier-programma.' Het Hier-programma richt zich op het oplossen van het klimaatprobleem. Consumenten, bedrijven en overheden moeten zich bewust worden van dit probleem en hun handelingsperspectief daarin. Iedereen kan namelijk iets doen. Hier begint bij jezelf. En Hier begint bij Normaal: de theatertoer, de tententoer en de nieuwe dubbel-cd zijn allemaal 'klimaatneutraal.' Dat betekent dat streng wordt gelet op het energieverbruik. Daarbij wordt gewerkt met groene energie en de overgebleven uitstoot aan broeikasgassen wordt gecompenseerd.
Voorzitter van de provinciale Milieufederaties, Volkert Vintges, is erg blij met de CD van Normaal: 'Er moet er altijd eentje de eerste zijn en dat vraagt lef en inzet en dat past prima bij Normaal die ook al eens hun nek uitstoken door als eerste in het dialect te gaan zingen. Normaal heeft een grote aanhang in grote delen van Nederland van jong tot wat ouder en ze staan nou ook niet bepaald bekend als geitenwollensokken. Als zij de stap zetten om iets te doen tegen klimaatverandering dan zullen er zeker meer volgen.'
Jolink: 'Wij kiezen ervoor in India installaties te plaatsen, die uit biomassa energie genereren. Dat voorziet een heel gebied van stroom en maakt de bijdrage van Normaal echt tastbaar. Het is mooi dat wij met onze muziek iets kunnen doen voor een beter klimaat, dat maakt het allemaal nóg leuker. Ik hoop dat onze fans ook gaan meedoen.' Vintges voegt hieraan toe: 'Wij zijn erg blij met de inspanningen van Normaal in het Hier-programma. Hier staat voor een beter klimaat, dat moet de normaalste zaak van de wereld worden. Het is leuk dat we nu kunnen zeggen: Hier is Normaal.'
Utrecht investeert in luchtkwaliteit
17-09-2006 - Bron(nen): iNSnet, Tiscali
De gemeente Utrecht besteedt de komende tien jaar bijna 37 miljoen euro aan het verbeteren van de luchtkwaliteit. Door verschillende verkeersmaatregelen moet de stad in 2010 aan de Europese normen voor fijn stof voldoen en vijf jaar later aan de normen voor stikstofdioxide.
Volgens de gemeente is de kwaliteit van de lucht beter dan jaren geleden, maar worden nog wel normen overschreden. Door de ontwikkeling van de stad blijft het verkeersaanbod toenemen, wat leidt tot een te hoge concentratie fijn stof en stikstof. Door het aanpakken van het parkeren in de stad, het weren van vrachtverkeer en de komst van een tunnel onder het Westplein moet de lucht schoner worden. De gemeente vervangt haar eigen wagenpark door milieuvriendelijker voertuigen en de rijksweg A2 wordt afgeschermd door overkappingen.
In juni beweerden milieudeskundigen en longartsen op een congres dat de gevolgen van blootstelling aan fijn stof de Nederlandse overheid jaarlijks honderden miljoenen euro's kost. Volgens het Nationaal Milieu- en Planbureau sterven in Nederland jaarlijks ongeveer drieduizend mensen aan de gevolgen van kortdurende blootstelling aan fijn stof.
Staatssecretaris van Milieubeheer Pieter van Geel (CDA) besteedt sinds vorig jaar september extra geld en aandacht aan verbetering van de luchtkwaliteit. Eind mei zag Van Geel zijn voorstel voor het verplicht inbouwen van roetfilters in dieselauto's geblokkeerd door de Europese Commissie.
De gemeente Utrecht besteedt de komende tien jaar bijna 37 miljoen euro aan het verbeteren van de luchtkwaliteit. Door verschillende verkeersmaatregelen moet de stad in 2010 aan de Europese normen voor fijn stof voldoen en vijf jaar later aan de normen voor stikstofdioxide.
Volgens de gemeente is de kwaliteit van de lucht beter dan jaren geleden, maar worden nog wel normen overschreden. Door de ontwikkeling van de stad blijft het verkeersaanbod toenemen, wat leidt tot een te hoge concentratie fijn stof en stikstof. Door het aanpakken van het parkeren in de stad, het weren van vrachtverkeer en de komst van een tunnel onder het Westplein moet de lucht schoner worden. De gemeente vervangt haar eigen wagenpark door milieuvriendelijker voertuigen en de rijksweg A2 wordt afgeschermd door overkappingen.
In juni beweerden milieudeskundigen en longartsen op een congres dat de gevolgen van blootstelling aan fijn stof de Nederlandse overheid jaarlijks honderden miljoenen euro's kost. Volgens het Nationaal Milieu- en Planbureau sterven in Nederland jaarlijks ongeveer drieduizend mensen aan de gevolgen van kortdurende blootstelling aan fijn stof.
Staatssecretaris van Milieubeheer Pieter van Geel (CDA) besteedt sinds vorig jaar september extra geld en aandacht aan verbetering van de luchtkwaliteit. Eind mei zag Van Geel zijn voorstel voor het verplicht inbouwen van roetfilters in dieselauto's geblokkeerd door de Europese Commissie.
09 september 2006
Duits koolzaadareaal groeit naar 1,5 miljoen hectare
08/09/2006 - Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht, Agrarisch Dagblad
De koolzaadoogst in Duitsland komt dit jaar uit op een volume van ruim 5,3 miljoen ton. Dat is 300.000 ton meer dan in 2005. Dat meldt het centraal bureau dat statistische informatie verzamelt. Per hectare bedraagt de opbrengst 3,73 ton. Dat is, rekening houdend met de koude start van het groeiseizoen en de nijpende droogte van juni en juli niet veel minder dan vorig jaar. Toen het ging om 3,76 ton.
Het gemiddelde over de jaren 2000-2005 ligt volgens de statistici op 3,45 ton per hectare. Het areaal bedroeg tijdens het voorbije teeltseizoen bijna 1,43 miljoen hectare. Voorlopige schattingen uit de sector wijzen er op dat de teelt de komende maanden de kaap zal ronden van 1,5 miljoen hectare.
Toch is Ufop, de syndicale organisatie die zich bekommert om de oliehoudende gewassen er niet gerust in. Tot 1 augustus kon biodiesel belastingvrij worden getankt. Sindsdien is een nieuwe accijnsregeling van kracht, waarbij sprake is van een bijmengplicht die zou ingaan op 1 januari 2007. Ufop vreest dat de Duitse productiecapaciteit veel hoger is dan de vraag die gecreëerd wordt door het nieuwe systeem.
De koolzaadoogst in Duitsland komt dit jaar uit op een volume van ruim 5,3 miljoen ton. Dat is 300.000 ton meer dan in 2005. Dat meldt het centraal bureau dat statistische informatie verzamelt. Per hectare bedraagt de opbrengst 3,73 ton. Dat is, rekening houdend met de koude start van het groeiseizoen en de nijpende droogte van juni en juli niet veel minder dan vorig jaar. Toen het ging om 3,76 ton.
Het gemiddelde over de jaren 2000-2005 ligt volgens de statistici op 3,45 ton per hectare. Het areaal bedroeg tijdens het voorbije teeltseizoen bijna 1,43 miljoen hectare. Voorlopige schattingen uit de sector wijzen er op dat de teelt de komende maanden de kaap zal ronden van 1,5 miljoen hectare.
Toch is Ufop, de syndicale organisatie die zich bekommert om de oliehoudende gewassen er niet gerust in. Tot 1 augustus kon biodiesel belastingvrij worden getankt. Sindsdien is een nieuwe accijnsregeling van kracht, waarbij sprake is van een bijmengplicht die zou ingaan op 1 januari 2007. Ufop vreest dat de Duitse productiecapaciteit veel hoger is dan de vraag die gecreëerd wordt door het nieuwe systeem.
08 september 2006
Eco Flanders in zee met Nederlands energiebedrijf
07/09/2006 - Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht
De projectontwikkelaar Eco Flanders gaat samenwerken met het Nederlandse energiebedrijf Eneco voor de vergisting van mest, energiegewassen en voedingsresten tot biogas en groene stroom. Dat schrijft Guy Van Den Broek in De Tijd. De twee partners hebben al 24 projecten onder contract voor de volgende drie jaar. Die worden voor 75 procent gefinancierd door Eneco en voor 25 procent door Eco Flanders. Eneco krijgt de groene stroom.
Eco Flanders en Eneco Energie uit Rotterdam hebben een samenwerkingscontract voor een periode van tien jaar getekend voor de cofinanciering van vergistingsprojecten. Eco Flanders levert de technologie. De groenestroomcertificaten die de vergisting oplevert, gaan naar Eneco. Het Nederlandse energiebedrijf wil op die manier actief worden in duurzame energie in Vlaanderen, zeggen bronnen in de energiesector.
De onderhandelingen tussen Eco Flanders en Eneco lopen al ruim een half jaar en werden pas afgerond. De energie-experts van Eneco hebben de technologie van Eco-Flanders grondig bestudeerd. Er staat al een model in het Luxemburgse Redange en het eerste project in Vlaanderen is in opbouw in Diksmuide. Het gaat daar om een project van 1,8 miljoen euro voor de vergisting van 15.000 ton organisch materiaal.
Bij Eco Flanders zijn er ook al zes projecten voor 2007 onder contract, een achttal voor 2008 en tien voor 2009. Bij de meeste wordt 30.000 tot 60.000 divers organisch materiaal vergist tot biogas en bruikbare resproducten. Elk standaardproject van 30.000 ton kost 3,6 miljoen euro. Voor al die projecten zetten de twee partners telkens een aparte nv op en voor elk project apart zal ook ecologiesteun worden aangevraagd.
Eco Flanders is op dit ogenblik gekapitaliseerd voor 1,56 miljoen euro en kan de vergistingsprojecten in dit projecttempo niet op eigen benen dragen. Ook voor het eerste project in Diksmuide moet Eco Flanders een beroep doen op de bank om de financiering rond te krijgen. De ontwikkelaar van groene energieprojecten wil het kapitaal binnen 14 dagen optrekken naar 3 miljoen euro, met het akkoord van grote aandeelhouders zoals Electrabel en de Participatiemaatschappij Vlaanderen. Eco Flanders trekt bij de kapitaalverhoging ook nieuwe partners uit de aannemings- en de veevoedersector aan.
Eneco Energie uit Rotterdam behoort tot de top drie van de energiebedrijven in Nederland - na Essent en Nuon - en is zowel actief in elektriciteit, gas, stoom als in communicatie. Eneco stelt 5.000 mensen tewerk, draait een omzet van 3,7 miljard euro en is in handen van 70 gemeenten.
De projectontwikkelaar Eco Flanders gaat samenwerken met het Nederlandse energiebedrijf Eneco voor de vergisting van mest, energiegewassen en voedingsresten tot biogas en groene stroom. Dat schrijft Guy Van Den Broek in De Tijd. De twee partners hebben al 24 projecten onder contract voor de volgende drie jaar. Die worden voor 75 procent gefinancierd door Eneco en voor 25 procent door Eco Flanders. Eneco krijgt de groene stroom.
Eco Flanders en Eneco Energie uit Rotterdam hebben een samenwerkingscontract voor een periode van tien jaar getekend voor de cofinanciering van vergistingsprojecten. Eco Flanders levert de technologie. De groenestroomcertificaten die de vergisting oplevert, gaan naar Eneco. Het Nederlandse energiebedrijf wil op die manier actief worden in duurzame energie in Vlaanderen, zeggen bronnen in de energiesector.
De onderhandelingen tussen Eco Flanders en Eneco lopen al ruim een half jaar en werden pas afgerond. De energie-experts van Eneco hebben de technologie van Eco-Flanders grondig bestudeerd. Er staat al een model in het Luxemburgse Redange en het eerste project in Vlaanderen is in opbouw in Diksmuide. Het gaat daar om een project van 1,8 miljoen euro voor de vergisting van 15.000 ton organisch materiaal.
Bij Eco Flanders zijn er ook al zes projecten voor 2007 onder contract, een achttal voor 2008 en tien voor 2009. Bij de meeste wordt 30.000 tot 60.000 divers organisch materiaal vergist tot biogas en bruikbare resproducten. Elk standaardproject van 30.000 ton kost 3,6 miljoen euro. Voor al die projecten zetten de twee partners telkens een aparte nv op en voor elk project apart zal ook ecologiesteun worden aangevraagd.
Eco Flanders is op dit ogenblik gekapitaliseerd voor 1,56 miljoen euro en kan de vergistingsprojecten in dit projecttempo niet op eigen benen dragen. Ook voor het eerste project in Diksmuide moet Eco Flanders een beroep doen op de bank om de financiering rond te krijgen. De ontwikkelaar van groene energieprojecten wil het kapitaal binnen 14 dagen optrekken naar 3 miljoen euro, met het akkoord van grote aandeelhouders zoals Electrabel en de Participatiemaatschappij Vlaanderen. Eco Flanders trekt bij de kapitaalverhoging ook nieuwe partners uit de aannemings- en de veevoedersector aan.
Eneco Energie uit Rotterdam behoort tot de top drie van de energiebedrijven in Nederland - na Essent en Nuon - en is zowel actief in elektriciteit, gas, stoom als in communicatie. Eneco stelt 5.000 mensen tewerk, draait een omzet van 3,7 miljard euro en is in handen van 70 gemeenten.
Antwerpen weldra ook wereldspeler in biobrandstoffen?
07/09/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht, Belga
Wordt Antwerpen, dat nu al geldt als de grootste petrochemische cluster in Europa, in de toekomst ook de grootste biochemische cluster in de Europese klas? Als het van het Gemeentelijk Havenbedrijf van Antwerpen afhangt, moet de Scheldestad ook voor biobrandstoffen een belangrijke rol gaan spelen. "Want Antwerpen heeft heel wat voordelen om die positie in te nemen", weet Xavier Vanrolleghem, commercieel verantwoordelijke voor de Antwerpse chemische cluster binnen het Havenbedrijf. "Zo zijn er de centrale ligging, de logistieke mogelijkheden en de afzetmogelijkheden. Bovendien is er voldoenden interesse vanuit de privé-sector", aldus Vanrolleghem. Hij zei dat woensdag tijdens de bijzondere raadscommissie voor de haven in het stadhuis van Antwerpen.
Tegen 2010 moeten de lidstaten van de Europese Unie 5,75 procent biobrandstoffen mengen bij de klassieke brandstoffen. Bij benzine zal er bio-ethanol aan toegevoegd worden, bij diesel gaat het om biodiesel. Knelpunt in de haven zijn wel de beschikbare terreinen. "Voor de productie van biobrandstoffen heb je 15 à 25 ha terrein nodig. En in Antwerpen is er nauwelijks greenfield beschikbaar", weet Vanrolleghem. Maar een aantal grote chemiereuzen zoals Bayer en Monsanto zijn bereid om terrein beschikbaar te stellen voor de productie van biobrandstoffen, om het vervolgens uit te besteden aan andere firma's.
De Antwerpse haven heeft overigens al een producent van biodiesel in huis. Het bedrijf Dow Halterman is zelfs de eerste producent in België van biodiesel op industriële schaal. Momenteel produceert dit bedrijf biodiesel voor de Duitse markt maar mogelijk gaan ze dat ook voor de Belgische markt doen, want ze hebben zich ingeschreven voor de officiële tender die federaal landbouwminister Sabine Laruelle begin juli heeft uitgeschreven. Van de 32 kandidaten voor de tender zijn 18 firma's Belgisch. Een aantal daarvan is afkomstig uit Antwerpen.
Wordt Antwerpen, dat nu al geldt als de grootste petrochemische cluster in Europa, in de toekomst ook de grootste biochemische cluster in de Europese klas? Als het van het Gemeentelijk Havenbedrijf van Antwerpen afhangt, moet de Scheldestad ook voor biobrandstoffen een belangrijke rol gaan spelen. "Want Antwerpen heeft heel wat voordelen om die positie in te nemen", weet Xavier Vanrolleghem, commercieel verantwoordelijke voor de Antwerpse chemische cluster binnen het Havenbedrijf. "Zo zijn er de centrale ligging, de logistieke mogelijkheden en de afzetmogelijkheden. Bovendien is er voldoenden interesse vanuit de privé-sector", aldus Vanrolleghem. Hij zei dat woensdag tijdens de bijzondere raadscommissie voor de haven in het stadhuis van Antwerpen.
Tegen 2010 moeten de lidstaten van de Europese Unie 5,75 procent biobrandstoffen mengen bij de klassieke brandstoffen. Bij benzine zal er bio-ethanol aan toegevoegd worden, bij diesel gaat het om biodiesel. Knelpunt in de haven zijn wel de beschikbare terreinen. "Voor de productie van biobrandstoffen heb je 15 à 25 ha terrein nodig. En in Antwerpen is er nauwelijks greenfield beschikbaar", weet Vanrolleghem. Maar een aantal grote chemiereuzen zoals Bayer en Monsanto zijn bereid om terrein beschikbaar te stellen voor de productie van biobrandstoffen, om het vervolgens uit te besteden aan andere firma's.
De Antwerpse haven heeft overigens al een producent van biodiesel in huis. Het bedrijf Dow Halterman is zelfs de eerste producent in België van biodiesel op industriële schaal. Momenteel produceert dit bedrijf biodiesel voor de Duitse markt maar mogelijk gaan ze dat ook voor de Belgische markt doen, want ze hebben zich ingeschreven voor de officiële tender die federaal landbouwminister Sabine Laruelle begin juli heeft uitgeschreven. Van de 32 kandidaten voor de tender zijn 18 firma's Belgisch. Een aantal daarvan is afkomstig uit Antwerpen.
07 september 2006
Biggest US oil find in years sparks hope for energy security
6/09/2006 | Bron(nen): euractiv.com
Chevron, Statoil and US energy company Devon announced on 5 September the first succesful test to produce oil from the deep water region of the Mexican Gulf. If the well meets expectations, the "Jack" field, located around 500 kilometres south-west of New Orleans could mark the first of a wave of new oil explorations in that region. Other companies such as Shell, Exxon and Total own exploration leases in the area and could also intensify their searches for new oil production. According to some industry experts, the deep waters around the Gulf might hold between 3 billion and 15 billion barrels of oil. If this potential could be realised, it would be the biggest oil find since the 1960s. The world now needs around 84 million barrels per day to keep its economies going.
Issues:
In the past few years, oil prices have risen dramatically as a result of several factors:
One of the main drivers of the oil-price hike has been the fear that oil production might be coming close to its peak, just at the moment when new growing economies are creating extra demand. Although a theory initially proposed by industry 'rebels' such as former BP expert Colin Campbell, the "peak oil" argument has won over a lot of followers in recent years, even among market watchers and investors. For an overview of the arguments for and against the 'peak oilers', see recent coverage by Bloomberg.
Western oil companies are betting on advanced exploration, drilling and extraction technologies to find the new oil reserves that would be needed to feed the world's growing economies. If the new drilling technologies are succesful, it could open up possibilities for further exploration of areas that are currently off limits. In Europe, the so-called "High North" Arctic area could become a target for new European oil findings (see EurActiv 29 August 2006).
Security of energy supply has become one of the EU's main priorities in recent years. The Commission published a Green Paper on a European Strategy for Sustainable, Competitive and Secure Energy in March 2006.
Positions:
Energy investment banker Matt Simmons (one of the leading 'peak oil' defenders expressed his scepticism about the enthusiasm surrounding this new oil discovery. "In the past 15 years, there've been so many great projects that started out and then petered out," Simmons told Reuters.
A critical analysis of deep ocean energy resources can be found on the "Oil Drum" blog.
Experts also warned that the new oil discoveries would not usher in a new era of lower oil prices, as the size of potential reserves from these fields will remain modest compared to the huge oil fields in the Middle East. There are also very high costs connected to further exploitation of the deep-water fields in the Gulf of Mexico.
Chevron, Statoil and US energy company Devon announced on 5 September the first succesful test to produce oil from the deep water region of the Mexican Gulf. If the well meets expectations, the "Jack" field, located around 500 kilometres south-west of New Orleans could mark the first of a wave of new oil explorations in that region. Other companies such as Shell, Exxon and Total own exploration leases in the area and could also intensify their searches for new oil production. According to some industry experts, the deep waters around the Gulf might hold between 3 billion and 15 billion barrels of oil. If this potential could be realised, it would be the biggest oil find since the 1960s. The world now needs around 84 million barrels per day to keep its economies going.
Issues:
In the past few years, oil prices have risen dramatically as a result of several factors:
- rising demand from growing economies (China and India)
- shrinking capacity
- underinvestments in refineries, increasing energy nationalism (the big six oil
- companies own only 16% of the reserves, the rest is in the hands of nationalised
- companies such as Saudi Aramco)
- market speculation
One of the main drivers of the oil-price hike has been the fear that oil production might be coming close to its peak, just at the moment when new growing economies are creating extra demand. Although a theory initially proposed by industry 'rebels' such as former BP expert Colin Campbell, the "peak oil" argument has won over a lot of followers in recent years, even among market watchers and investors. For an overview of the arguments for and against the 'peak oilers', see recent coverage by Bloomberg.
Western oil companies are betting on advanced exploration, drilling and extraction technologies to find the new oil reserves that would be needed to feed the world's growing economies. If the new drilling technologies are succesful, it could open up possibilities for further exploration of areas that are currently off limits. In Europe, the so-called "High North" Arctic area could become a target for new European oil findings (see EurActiv 29 August 2006).
Security of energy supply has become one of the EU's main priorities in recent years. The Commission published a Green Paper on a European Strategy for Sustainable, Competitive and Secure Energy in March 2006.
Positions:
Energy investment banker Matt Simmons (one of the leading 'peak oil' defenders expressed his scepticism about the enthusiasm surrounding this new oil discovery. "In the past 15 years, there've been so many great projects that started out and then petered out," Simmons told Reuters.
A critical analysis of deep ocean energy resources can be found on the "Oil Drum" blog.
Experts also warned that the new oil discoveries would not usher in a new era of lower oil prices, as the size of potential reserves from these fields will remain modest compared to the huge oil fields in the Middle East. There are also very high costs connected to further exploitation of the deep-water fields in the Gulf of Mexico.
Ternat durft zich niet uitspreken over biogasproject
06/09/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht, Het Laatste Nieuws
Na een korte beraadslaging van het schepencollege deelde de Ternatse burgemeester Ronald Parys de actievoerders van de werkgroep Terlinden dinsdagavond mee dat het college alvast geen positief advies geeft aan de milieuvergunningsaanvraag van landbouwer Rudy Bayens. Die wil op zijn bedrijf een biogasinstallatie bouwen. De burgemeester zei dat het dossier zonder uitgesproken advies, maar wel met ernstige bedenkingen, naar de provinciale milieuvergunningscommissie wordt gestuurd. Daar valt dan de uiteindelijke beslissing over de aanvraag.
Rudy Bayens wil op zijn bedrijfsterrein in Ternat een biogasinstallatie bouwen. Tot ongenoegen van de buurtbewoners die hun verzet bundelden in de werkgroep Terlinden. Vooraleer de leden van het college van burgemeester en schepenen dinsdagavond bijeen kwamen, hadden de actievoerders van de werkgroep voor het gemeentehuis post gevat met borden waarop de slogan "Geen mestafvalverwerking in Ternat" stond te lezen.
"De geheimdoenerij in heel deze zaak is storend", zegt de werkgroep Terlinden. "Er werden tot dusver geen pottenkijkers geduld. Vandaar dat we beslisten actie te voeren tegen de milieuvergunningsaanvraag. We hebben gelijkaardige biogasinstallaties bezocht en die veroorzaakten wel degelijk hinder. Met als gevolg dat tijdens het openbaar onderzoek zo'n 160 bezwaarschriften en een petitie werden ingediend". Boer Bayens blijft er bij dat zijn installatie geen enkele vorm van hinder zal veroorzaken voor de buren. Maar daar is het schepencollege blijkbaar nog niet van overtuigd.
"We zullen de provinciale milieuvergunningscommissie laten weten dat wij twijfels hebben over de balans tussen productie en verbruik", aldus burgemeester Ronald Parys. "Als er met name een overproductie van gas zou ontstaan, dan zouden we graag met zekerheid weten dat dit geen geurhinder veroorzaakt. Is de opslagplaats wel voldoende groot?" Parys stelt zich ook vragen bij de eventuele geluidshinder. "Er werd tot dusver geen akoestisch onderzoek uitgevoerd, ook niet van de actuele toestand op dat vlak. We beschikken op dit moment over onvoldoende waarborgen".
Dan rest er nog de verkeersimpact. Volgens de burgervader beweert Bayens dat er van bijkomende trafiek van vrachtwagens naar zijn bedrijf amper sprake zal zijn. "Het is ons echter onvoldoende bekend of de aanvrager wel degelijk genoeg productiemiddelen zal hebben zodat er geen extra zwaar vervoer nodig zal zijn", zegt Ronald Parys.
Na een korte beraadslaging van het schepencollege deelde de Ternatse burgemeester Ronald Parys de actievoerders van de werkgroep Terlinden dinsdagavond mee dat het college alvast geen positief advies geeft aan de milieuvergunningsaanvraag van landbouwer Rudy Bayens. Die wil op zijn bedrijf een biogasinstallatie bouwen. De burgemeester zei dat het dossier zonder uitgesproken advies, maar wel met ernstige bedenkingen, naar de provinciale milieuvergunningscommissie wordt gestuurd. Daar valt dan de uiteindelijke beslissing over de aanvraag.
Rudy Bayens wil op zijn bedrijfsterrein in Ternat een biogasinstallatie bouwen. Tot ongenoegen van de buurtbewoners die hun verzet bundelden in de werkgroep Terlinden. Vooraleer de leden van het college van burgemeester en schepenen dinsdagavond bijeen kwamen, hadden de actievoerders van de werkgroep voor het gemeentehuis post gevat met borden waarop de slogan "Geen mestafvalverwerking in Ternat" stond te lezen.
"De geheimdoenerij in heel deze zaak is storend", zegt de werkgroep Terlinden. "Er werden tot dusver geen pottenkijkers geduld. Vandaar dat we beslisten actie te voeren tegen de milieuvergunningsaanvraag. We hebben gelijkaardige biogasinstallaties bezocht en die veroorzaakten wel degelijk hinder. Met als gevolg dat tijdens het openbaar onderzoek zo'n 160 bezwaarschriften en een petitie werden ingediend". Boer Bayens blijft er bij dat zijn installatie geen enkele vorm van hinder zal veroorzaken voor de buren. Maar daar is het schepencollege blijkbaar nog niet van overtuigd.
"We zullen de provinciale milieuvergunningscommissie laten weten dat wij twijfels hebben over de balans tussen productie en verbruik", aldus burgemeester Ronald Parys. "Als er met name een overproductie van gas zou ontstaan, dan zouden we graag met zekerheid weten dat dit geen geurhinder veroorzaakt. Is de opslagplaats wel voldoende groot?" Parys stelt zich ook vragen bij de eventuele geluidshinder. "Er werd tot dusver geen akoestisch onderzoek uitgevoerd, ook niet van de actuele toestand op dat vlak. We beschikken op dit moment over onvoldoende waarborgen".
Dan rest er nog de verkeersimpact. Volgens de burgervader beweert Bayens dat er van bijkomende trafiek van vrachtwagens naar zijn bedrijf amper sprake zal zijn. "Het is ons echter onvoldoende bekend of de aanvrager wel degelijk genoeg productiemiddelen zal hebben zodat er geen extra zwaar vervoer nodig zal zijn", zegt Ronald Parys.
06 september 2006
Dexia Verzekeringen valt voor zonne-energie
05/09/2006 | Bron: Alter Business News 118
• Dexia Insurance Belgium (DIB) nam recent de grootste zonnepaneleninstallatie van België in gebruik.
• 458 m2 zonnepanelen bedekken het dak van een gebouw van DIB in Meise.
• Deze inrichting garandeert een jaarlijkse elektriciteitsaanvoer van 42.800 kWh.
Zonne-energie wint in Europa ieder jaar aan populariteit. België hinkt echter nog steeds achterop en staat in termen van fotovoltaïsch vermogen op een weinig benijdenswaardige 14de plaats op de Europese ranglijst. Met het recente initiatief van Dexia Insurance Belgium (DIB) zou deze achterstand gedeeltelijk worden ingelopen. De verzekeringsmaatschappij nam onlangs de grootste zonnepaneleninstallatie van ons land effectief in gebruik.
"Het feit dat een grote financiële instelling wil investeren in zonne-energie geeft aan dat duurzame energie niet alleen goed is voor het milieu, maar ook voor de portemonnee", zo verklaarde staatssecretaris voor Duurzame Ontwikkeling, Els Van Weert, tijdens de officiële inhuldiging.
De 30 zonnepanelen die in gebruik werden genomen, beslaan 458 m2 dakoppervlakte van een magazijn van Dexia Insurance Belgium in Meise. Het vermogen van deze installatie loopt op tot 60.000 Wp (= het hoogste vermogen dat een paneel onder optimale zonneomstandigheden afgeeft). Dit is goed voor een jaarlijkse elektriciteitsproductie van 42.800 kWh, wat overeenkomt met het jaarverbruik van 12 gemiddelde Belgische gezinnen.
De zonne-inrichting werd ontwikkeld door IZEN Solar Systems, Belgisch specialist in hernieuwbare energiesystemen, onder onafhankelijk toezicht van studiebureau 3E. De plaatsing werd uitgevoerd door een team van 4 plaatsers en duurde 8 dagen.
"Deze investering van Dexia Insurance Belgium geeft aan dat investeren in duurzame energie economisch verantwoord is. Er wordt vaak gezegd dat hernieuwbare energie zeker goed is voor het milieu, maar ook zeer duur is. Deze investering bewijst dat zonne-energie niet alleen een droom is van enkele idealisten. Niemand twijfelt eraan dat Dexia Insurance Belgium kan rekenen! ", aldus staatssecretaris Van Weert.
Dit project bundelt tal van voordelen. Enerzijds wordt de elektriciteit kosteloos opgewekt en anderzijds geeft dit systeem recht op groenestroomcertificaten die over 20 jaar extra rendement zullen opleveren. Het groenestroomcertificaat ondersteunt CO2-arme energievormen die in België ingang vonden in het kader van de Kyoto-doelstellingen. Het initiatief van DIB is alvast een kleine stap in de goede richting.
Meer info:
APERe : vereniging ter bevordering van hernieuwbare energiebronnen
Het Waalse Gewest: de quota’s voor groene certificaten stimuleren nieuwe installaties
Cwape: marché des certificats verts (markt groene certificaten, Waalse Commissie voor Energie)
• Dexia Insurance Belgium (DIB) nam recent de grootste zonnepaneleninstallatie van België in gebruik.
• 458 m2 zonnepanelen bedekken het dak van een gebouw van DIB in Meise.
• Deze inrichting garandeert een jaarlijkse elektriciteitsaanvoer van 42.800 kWh.
Zonne-energie wint in Europa ieder jaar aan populariteit. België hinkt echter nog steeds achterop en staat in termen van fotovoltaïsch vermogen op een weinig benijdenswaardige 14de plaats op de Europese ranglijst. Met het recente initiatief van Dexia Insurance Belgium (DIB) zou deze achterstand gedeeltelijk worden ingelopen. De verzekeringsmaatschappij nam onlangs de grootste zonnepaneleninstallatie van ons land effectief in gebruik.
"Het feit dat een grote financiële instelling wil investeren in zonne-energie geeft aan dat duurzame energie niet alleen goed is voor het milieu, maar ook voor de portemonnee", zo verklaarde staatssecretaris voor Duurzame Ontwikkeling, Els Van Weert, tijdens de officiële inhuldiging.
De 30 zonnepanelen die in gebruik werden genomen, beslaan 458 m2 dakoppervlakte van een magazijn van Dexia Insurance Belgium in Meise. Het vermogen van deze installatie loopt op tot 60.000 Wp (= het hoogste vermogen dat een paneel onder optimale zonneomstandigheden afgeeft). Dit is goed voor een jaarlijkse elektriciteitsproductie van 42.800 kWh, wat overeenkomt met het jaarverbruik van 12 gemiddelde Belgische gezinnen.
De zonne-inrichting werd ontwikkeld door IZEN Solar Systems, Belgisch specialist in hernieuwbare energiesystemen, onder onafhankelijk toezicht van studiebureau 3E. De plaatsing werd uitgevoerd door een team van 4 plaatsers en duurde 8 dagen.
"Deze investering van Dexia Insurance Belgium geeft aan dat investeren in duurzame energie economisch verantwoord is. Er wordt vaak gezegd dat hernieuwbare energie zeker goed is voor het milieu, maar ook zeer duur is. Deze investering bewijst dat zonne-energie niet alleen een droom is van enkele idealisten. Niemand twijfelt eraan dat Dexia Insurance Belgium kan rekenen! ", aldus staatssecretaris Van Weert.
Dit project bundelt tal van voordelen. Enerzijds wordt de elektriciteit kosteloos opgewekt en anderzijds geeft dit systeem recht op groenestroomcertificaten die over 20 jaar extra rendement zullen opleveren. Het groenestroomcertificaat ondersteunt CO2-arme energievormen die in België ingang vonden in het kader van de Kyoto-doelstellingen. Het initiatief van DIB is alvast een kleine stap in de goede richting.
Meer info:
APERe : vereniging ter bevordering van hernieuwbare energiebronnen
Het Waalse Gewest: de quota’s voor groene certificaten stimuleren nieuwe installaties
Cwape: marché des certificats verts (markt groene certificaten, Waalse Commissie voor Energie)
Veiling puurt tien procent van elektriciteit uit zon
04/09/2006 | Bron: Vilt-nieuwsoverzicht
De Limburgse Tuinbouwveiling (LTV) is, zo zegt de installateur, de grootste centrale van zonne-energie in Limburg. Op dit moment haalt de veiling een tiende van zijn elektriciteit uit de zon, binnenkort wordt dat een vijfde. "We onttrekken net veel energie uit de zonnepanelen op het moment dat wij de koelcellen het meeste nodig hebben. Dat is in de zomer, als de aardbeien rijp zijn", zegt directeur Wilfried Jeurissen in Het Belang van Limburg.
Het dak van de LTV staat vol met panelen die het licht opvangen. "Mensen denken vaak dat je alleen met zon energie kan opwekken," zegt Jeurissen. "Maar dat klopt niet, licht volstaat. En dat hebben we zelfs in augustus gehad. Maar ons grote voordeel is dat we op piekmomenten minder elektriciteit moeten kopen. Op die momenten is de stroom ook het duurst, dus sparen we meer uit".
De veiling heeft totdusver 250.000 euro geïnvesteerd en binnenkort wil ze de capaciteit verdubbelen. "Dus zullen we opnieuw zo'n bedrag op tafel leggen. Maar in 10 à 12 jaar tijd hebben we dat terugverdiend. Daarna zijn we dus winst aan het maken. Voor zo'n installatie krijg je ook 25 procent subsidies van de overheid", aldus Jeurissen.
Hoe sterk is hun installatie? "50 kilowatt, goed voor meer dan tien gezinnen. Per jaar kunnen we zo naar schatting 40.000 kilowatt zelf maken, een tiende van wat we nodig hebben. Maar eigenlijk hebben we de voorbije zes maanden er al 40.000 kilowatt uit gehaald, we gaan dus met meer dan 10 procent eindigen," zegt de veilingdirecteur.
Zijn de andere veilingen ook geïnteresseerd? "Ja, de Mechelse Veilingen overwegen nu ook om zonnecellen te plaatsen en ook de telers die hier over de vloer komen, hebben al om informatie gevraagd. Zij kunnen vanaf 1 januari 40 procent subsidies krijgen, dus verwacht ik dat het niet lang meer zal duren alvorens de eerste telers zonnepanelen zullen installeren om hun koelcellen te laten draaien", besluit Jeurissen.
De Limburgse Tuinbouwveiling (LTV) is, zo zegt de installateur, de grootste centrale van zonne-energie in Limburg. Op dit moment haalt de veiling een tiende van zijn elektriciteit uit de zon, binnenkort wordt dat een vijfde. "We onttrekken net veel energie uit de zonnepanelen op het moment dat wij de koelcellen het meeste nodig hebben. Dat is in de zomer, als de aardbeien rijp zijn", zegt directeur Wilfried Jeurissen in Het Belang van Limburg.
Het dak van de LTV staat vol met panelen die het licht opvangen. "Mensen denken vaak dat je alleen met zon energie kan opwekken," zegt Jeurissen. "Maar dat klopt niet, licht volstaat. En dat hebben we zelfs in augustus gehad. Maar ons grote voordeel is dat we op piekmomenten minder elektriciteit moeten kopen. Op die momenten is de stroom ook het duurst, dus sparen we meer uit".
De veiling heeft totdusver 250.000 euro geïnvesteerd en binnenkort wil ze de capaciteit verdubbelen. "Dus zullen we opnieuw zo'n bedrag op tafel leggen. Maar in 10 à 12 jaar tijd hebben we dat terugverdiend. Daarna zijn we dus winst aan het maken. Voor zo'n installatie krijg je ook 25 procent subsidies van de overheid", aldus Jeurissen.
Hoe sterk is hun installatie? "50 kilowatt, goed voor meer dan tien gezinnen. Per jaar kunnen we zo naar schatting 40.000 kilowatt zelf maken, een tiende van wat we nodig hebben. Maar eigenlijk hebben we de voorbije zes maanden er al 40.000 kilowatt uit gehaald, we gaan dus met meer dan 10 procent eindigen," zegt de veilingdirecteur.
Zijn de andere veilingen ook geïnteresseerd? "Ja, de Mechelse Veilingen overwegen nu ook om zonnecellen te plaatsen en ook de telers die hier over de vloer komen, hebben al om informatie gevraagd. Zij kunnen vanaf 1 januari 40 procent subsidies krijgen, dus verwacht ik dat het niet lang meer zal duren alvorens de eerste telers zonnepanelen zullen installeren om hun koelcellen te laten draaien", besluit Jeurissen.
04 september 2006
Gents milieubedrijf OWS investeert in maïsvergisting
03/09/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht, De Tijd
Het Gentse milieubedrijf OWS bouwt nabij Bremen een installatie om maïs te vergisten en om te zetten tot groene stroom. Die installatie zal groene elektriciteit opleveren voor 700 Duitse gezinnen. In Duitsland is met het oog op vergisting in totaal 150.000 hectare maïs geplant.
"Maïs levert tot 180 kubieke meter gas per ton maïs op", zegt Johan De Dobbelaere, commercieel directeur bij Syngenta, wereldmarktleider in zaden. Die opbrengst ligt veel hoger dan de vergisting van mest, andere granen of grassen. Elke hectare maïs brengt gemiddeld 5.780 kubieke meter biogas (methaan) per jaar op. Het vergistingsproces in zo'n installatie verschilt amper van wat er in de maag van een koe gebeurt. De Dobbelaere denkt dat tegen 2010 in Duitsland duizenden biogasinstallaties zullen staan op basis van maïs.
De installaties van vandaag hebben een vermogen van hooguit 0,5 megawatt (MW). De nieuwe installaties zullen er zijn van 2 MW. Voor zo'n installatie is 800 hectare maïs nodig. Dat betekent dat weldra in Duitsland vele honderdduizenden ha maïs enkel worden ingezaaid ten behoeve van groene elektriciteit. Het restproduct, na de vergisting dus, kan gewoon als meststof terug op de akkers verwerkt worden.
Het Gentse milieubedrijf Organic Waste Systems (OWS) bouwt al jaren vergistingsinstallaties in Europa op basis van huishoudelijk afval. Die installaties werken doorgaans volgens het Dranco-procédé, een zuurstofloze vergisting. In de buurt van Bremen baat OWS zo'n installatie uit. Het bedrijf kreeg de opdracht om er een te bouwen op basis van maïs. De installatie bij Nüstedt kan 12.500 ton maïs per jaar vergisten tot 2,3 miljoen kubieke meter biogas.
Dat gas wordt dan tot groene stroom omgezet, wat voldoende is voor 700 Duitse gezinnen. Zo'n installatie vergt in totaal 250 hectare maïs. Behalve maïs kunnen ook andere granen voor de vergisting worden ingezet, evenals mest. Voor de vergisting van maïs ontwikkelde OWS nieuwe concepten, die wereldwijd werden gepatenteerd. Dat onderzoek gebeurde met subsidies van het Instituut voor Wetenschap en Technologie (IWT), zegt Luc De Baere, gedelegeerd bestuurder bij OWS.
Het Gentse milieubedrijf OWS bouwt nabij Bremen een installatie om maïs te vergisten en om te zetten tot groene stroom. Die installatie zal groene elektriciteit opleveren voor 700 Duitse gezinnen. In Duitsland is met het oog op vergisting in totaal 150.000 hectare maïs geplant.
"Maïs levert tot 180 kubieke meter gas per ton maïs op", zegt Johan De Dobbelaere, commercieel directeur bij Syngenta, wereldmarktleider in zaden. Die opbrengst ligt veel hoger dan de vergisting van mest, andere granen of grassen. Elke hectare maïs brengt gemiddeld 5.780 kubieke meter biogas (methaan) per jaar op. Het vergistingsproces in zo'n installatie verschilt amper van wat er in de maag van een koe gebeurt. De Dobbelaere denkt dat tegen 2010 in Duitsland duizenden biogasinstallaties zullen staan op basis van maïs.
De installaties van vandaag hebben een vermogen van hooguit 0,5 megawatt (MW). De nieuwe installaties zullen er zijn van 2 MW. Voor zo'n installatie is 800 hectare maïs nodig. Dat betekent dat weldra in Duitsland vele honderdduizenden ha maïs enkel worden ingezaaid ten behoeve van groene elektriciteit. Het restproduct, na de vergisting dus, kan gewoon als meststof terug op de akkers verwerkt worden.
Het Gentse milieubedrijf Organic Waste Systems (OWS) bouwt al jaren vergistingsinstallaties in Europa op basis van huishoudelijk afval. Die installaties werken doorgaans volgens het Dranco-procédé, een zuurstofloze vergisting. In de buurt van Bremen baat OWS zo'n installatie uit. Het bedrijf kreeg de opdracht om er een te bouwen op basis van maïs. De installatie bij Nüstedt kan 12.500 ton maïs per jaar vergisten tot 2,3 miljoen kubieke meter biogas.
Dat gas wordt dan tot groene stroom omgezet, wat voldoende is voor 700 Duitse gezinnen. Zo'n installatie vergt in totaal 250 hectare maïs. Behalve maïs kunnen ook andere granen voor de vergisting worden ingezet, evenals mest. Voor de vergisting van maïs ontwikkelde OWS nieuwe concepten, die wereldwijd werden gepatenteerd. Dat onderzoek gebeurde met subsidies van het Instituut voor Wetenschap en Technologie (IWT), zegt Luc De Baere, gedelegeerd bestuurder bij OWS.
01 september 2006
Wase Wind bouwt slechts twee nieuwe windturbines
31/08/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht
In het najaar van 2007 wordt gestart met de bouw van twee windturbines in Melsele. Ten zuiden van de E17 draaien al sinds mei 2005 drie turbines. De nieuwe exemplaren zullen ten noorden van de snelweg worden gebouwd. De vergunning van één van de drie aangevraagde windturbines werd niet toegekend omdat de eigenaar van de nabijgelegen ondergrondse pijpleiding vreesde voor veiligheidsrisico's. Daardoor wordt ook de impact naar de nabijgelegen woningen beperkt.
De nieuwe turbines zullen dezelfde grootte en capaciteit hebben als die van het eerste project. Zo levert iedere windturbine voldoende elektriciteit voor het jaarverbruik van meer dan 1.100 gezinnen of bijna 4 miljoen kWh per windturbine. De hoogte van de mast zal 100 meter zijn en de wieken zullen een lengte hebben van 40 meter. De totale hoogte bedraagt daarmee 140 meter. In het najaar van 2007 zal gestart worden met de bouw van beide windturbines.
Wase Wind, een coöperatie met een sterke vertegenwoordiging van lokale landbouwers, ondersteunt ook dit nieuwe project en zal de stroom verdelen aan particulieren en (landbouw)bedrijven in het Waasland tegen voordelige voorwaarden. Wase Wind heeft nu al 500 coöperanten waarvan het merendeel stroom van de windturbines in Kruibeke gebruikt. Zuivere stroom afnemen van de windturbines waarin je mee participeert en de zeer duidelijke en voordelige tarieven van Wase Wind, zijn de drijfveren voor de deelname aan de coöperatie.
In het najaar van 2007 wordt gestart met de bouw van twee windturbines in Melsele. Ten zuiden van de E17 draaien al sinds mei 2005 drie turbines. De nieuwe exemplaren zullen ten noorden van de snelweg worden gebouwd. De vergunning van één van de drie aangevraagde windturbines werd niet toegekend omdat de eigenaar van de nabijgelegen ondergrondse pijpleiding vreesde voor veiligheidsrisico's. Daardoor wordt ook de impact naar de nabijgelegen woningen beperkt.
De nieuwe turbines zullen dezelfde grootte en capaciteit hebben als die van het eerste project. Zo levert iedere windturbine voldoende elektriciteit voor het jaarverbruik van meer dan 1.100 gezinnen of bijna 4 miljoen kWh per windturbine. De hoogte van de mast zal 100 meter zijn en de wieken zullen een lengte hebben van 40 meter. De totale hoogte bedraagt daarmee 140 meter. In het najaar van 2007 zal gestart worden met de bouw van beide windturbines.
Wase Wind, een coöperatie met een sterke vertegenwoordiging van lokale landbouwers, ondersteunt ook dit nieuwe project en zal de stroom verdelen aan particulieren en (landbouw)bedrijven in het Waasland tegen voordelige voorwaarden. Wase Wind heeft nu al 500 coöperanten waarvan het merendeel stroom van de windturbines in Kruibeke gebruikt. Zuivere stroom afnemen van de windturbines waarin je mee participeert en de zeer duidelijke en voordelige tarieven van Wase Wind, zijn de drijfveren voor de deelname aan de coöperatie.
Elke autorijles goed voor boom
bron(en): weekoverzicht NatuurTotaal 1/9/2006, De Stentor
Uitstoot van CO2 compenseren door aanplant van onderhoud en bomen. Daarmee gaat een Lelystads bedrijf voor rijvaardigheidstrainingen de boer op in Nederland.
Klimaatneutrale rijstijltrainingen zijn volgens het bedrijf uniek in Nederland. Prodrive zelf en zijn klanten hebben baat bij dit ‘actieve duurzaamheidsbeleid’, zegt directeur Paul Maaskant.
"Duurzaamheid loont, op korte en lange termijn. Bedrijven die in hun bedrijfsvoering hoge eisen stellen aan maatschappelijk verantwoord ondernemen verwachten dat ook van hun leveranciers."
Voor compensatie van het CO2 dat in de uitlaatgassen van auto’s zit, wil het Lelystadse bedrijf daarom meebetalen aan de aanplant en onderhoud van bossen. Daartoe heeft het bedrijf een overeenkomst gesloten met de KlimaatNeutraalGroep, een bedrijf dat wereldwijd 55.000 hectare bos beheert waarvan 1.500 in Nederland.
Dat zou voldoende zijn om jaarlijks een half miljoen ton CO2 uit de atmosfeer te halen. Dat die groep vooral bos in Afrika beheert, maakt Mark Maaskant, commercieel directeur van Prodrive, niet uit.
"Het grootste gat in de ozonlaag zit boven Nieuw-Zeeland. Dat wil heus niet zeggen dat ze daar extreem veel haarlak gebruiken."
Prodrive betaalt jaarlijks een bedrag aan de KlimaatNeutraalGroep, gebaseerd op het aantal gereden kilometers en de uitstoot per auto. Mark Maaskant:
"Vorig jaar ging het om 73 kiloton CO2. Daar schrokken wij zelf erg van. Je hebt per jaar vijftig bomen nodig om 1.000 kilo CO2 weg te krijgen."
Vooralsnog compenseert Prodrive alleen de uitstoot tijdens leerzame cursussen, die van race- en rallytrainingen blijft buiten schot.
"Daar zijn we mee bezig. We hebben nu een mooie start gemaakt. Eerst kijken hoe de samenwerking met de KlimaatNeutraalGroep zich ontwikkelt."
Prodrive maakt vaak gebruik van de testbaan van de Rijkdienst voor Wegverkeer in Lelystad. Het bedrijf heeft onder meer veel geïnvesteerd in olie- en watersystemen.
Ook met het cursusaanbod kijkt het bedrijf naar het milieu. Het Nieuwe Rijden is als training opgenomen in het cursusaanbod. Bestuurders rijden hierdoor efficiënter en veiliger, stelt Paul Maaskant.
Alleen de trainingen al leiden tot een lagere CO2-uitstoot. Het milieu wordt minder belast en er is minder brandstof nodig. De brandstofbesparing kan oplopen tot een kleine tien procent.
"Een beter milieu begint bij jezelf. De grootste winst van klimaatneutraal ondernemen is dat onze organisatie een concrete bijdrage levert aan oplossing van het klimaatprobleem."
Uitstoot van CO2 compenseren door aanplant van onderhoud en bomen. Daarmee gaat een Lelystads bedrijf voor rijvaardigheidstrainingen de boer op in Nederland.
Klimaatneutrale rijstijltrainingen zijn volgens het bedrijf uniek in Nederland. Prodrive zelf en zijn klanten hebben baat bij dit ‘actieve duurzaamheidsbeleid’, zegt directeur Paul Maaskant.
"Duurzaamheid loont, op korte en lange termijn. Bedrijven die in hun bedrijfsvoering hoge eisen stellen aan maatschappelijk verantwoord ondernemen verwachten dat ook van hun leveranciers."
Voor compensatie van het CO2 dat in de uitlaatgassen van auto’s zit, wil het Lelystadse bedrijf daarom meebetalen aan de aanplant en onderhoud van bossen. Daartoe heeft het bedrijf een overeenkomst gesloten met de KlimaatNeutraalGroep, een bedrijf dat wereldwijd 55.000 hectare bos beheert waarvan 1.500 in Nederland.
Dat zou voldoende zijn om jaarlijks een half miljoen ton CO2 uit de atmosfeer te halen. Dat die groep vooral bos in Afrika beheert, maakt Mark Maaskant, commercieel directeur van Prodrive, niet uit.
"Het grootste gat in de ozonlaag zit boven Nieuw-Zeeland. Dat wil heus niet zeggen dat ze daar extreem veel haarlak gebruiken."
Prodrive betaalt jaarlijks een bedrag aan de KlimaatNeutraalGroep, gebaseerd op het aantal gereden kilometers en de uitstoot per auto. Mark Maaskant:
"Vorig jaar ging het om 73 kiloton CO2. Daar schrokken wij zelf erg van. Je hebt per jaar vijftig bomen nodig om 1.000 kilo CO2 weg te krijgen."
Vooralsnog compenseert Prodrive alleen de uitstoot tijdens leerzame cursussen, die van race- en rallytrainingen blijft buiten schot.
"Daar zijn we mee bezig. We hebben nu een mooie start gemaakt. Eerst kijken hoe de samenwerking met de KlimaatNeutraalGroep zich ontwikkelt."
Prodrive maakt vaak gebruik van de testbaan van de Rijkdienst voor Wegverkeer in Lelystad. Het bedrijf heeft onder meer veel geïnvesteerd in olie- en watersystemen.
Ook met het cursusaanbod kijkt het bedrijf naar het milieu. Het Nieuwe Rijden is als training opgenomen in het cursusaanbod. Bestuurders rijden hierdoor efficiënter en veiliger, stelt Paul Maaskant.
Alleen de trainingen al leiden tot een lagere CO2-uitstoot. Het milieu wordt minder belast en er is minder brandstof nodig. De brandstofbesparing kan oplopen tot een kleine tien procent.
"Een beter milieu begint bij jezelf. De grootste winst van klimaatneutraal ondernemen is dat onze organisatie een concrete bijdrage levert aan oplossing van het klimaatprobleem."
Natste augustus in zeker 100 jaar
bron(nen): weekoverzicht NatuurTotaal 1/9/2006, KNMI
Augustus is in zeker een eeuw niet zo nat geweest. Gemiddeld over het land viel 185 mm. Het temperatuurgemiddelde over de zomer is in De Bilt 18,4 graden. Daarmee deelt deze zomer de derde plaats met 1976.
Die hoge positie in de top tien is te danken aan de recordwarme juli met twee hittegolven. Na de droogte en tropische hitte van juli volgde een extreem natte en vrij koele augustusmaand. Zo'n grote weersomslag heeft het KNMI in de zomer niet eerder meegemaakt. De gemiddelde temperatuur in juli was 22,3 graden, terwijl augustus in De Bilt uitgekomen is op circa 16,3 graden. Augustus was dus 6 graden kouder dan juli. Zo'n groot verschil tussen twee opeenvolgende maanden is niet eerder opgetreden. Het grootste contrast stond op naam van 1912, toen juli een gemiddelde had van 18,4 en augustus 14,1, een verschil van 4,3 graden.
Ook wat betreft de neerslag zijn juli en augustus tegengesteld. In De Kooy bij Den Helder viel in juli slechts 4 mm, in augustus viel hier bijna 200 mm en op een aantal plaatsen zelfs meer dan 300 mm. Volgens een voorlopige inventarisatie van de neerslagcijfers van ons land is Schoondijke in Zeeuws Vlaanderen de natste plaats met 320 mm. Dat is maar weinig minder dan regenrecord voor Nederland dat op naam staat van augustus 2004, toen Maasland 325 mm aftapte. Pas in de loop van september, nadat alle gegevens van het volledige KNMI-netwerk van neerslagstations bewerkt zijn, kunnen de definitieve waarden worden vastgesteld.
Het aantal dagen met zware regen (ergens op een KNMI- weerstation minstens 50 mm) is deze zomer opgelopen tot een recordaantal van 13. In de zomers van 2001 en 2002 gebeurde dat op 12 dagen, het vorige record. Augustus neemt inmiddels 11 van deze 13 dagen met zware regen voor haar rekening.
Augustus is in zeker een eeuw niet zo nat geweest. Gemiddeld over het land viel 185 mm. Het temperatuurgemiddelde over de zomer is in De Bilt 18,4 graden. Daarmee deelt deze zomer de derde plaats met 1976.
Die hoge positie in de top tien is te danken aan de recordwarme juli met twee hittegolven. Na de droogte en tropische hitte van juli volgde een extreem natte en vrij koele augustusmaand. Zo'n grote weersomslag heeft het KNMI in de zomer niet eerder meegemaakt. De gemiddelde temperatuur in juli was 22,3 graden, terwijl augustus in De Bilt uitgekomen is op circa 16,3 graden. Augustus was dus 6 graden kouder dan juli. Zo'n groot verschil tussen twee opeenvolgende maanden is niet eerder opgetreden. Het grootste contrast stond op naam van 1912, toen juli een gemiddelde had van 18,4 en augustus 14,1, een verschil van 4,3 graden.
Ook wat betreft de neerslag zijn juli en augustus tegengesteld. In De Kooy bij Den Helder viel in juli slechts 4 mm, in augustus viel hier bijna 200 mm en op een aantal plaatsen zelfs meer dan 300 mm. Volgens een voorlopige inventarisatie van de neerslagcijfers van ons land is Schoondijke in Zeeuws Vlaanderen de natste plaats met 320 mm. Dat is maar weinig minder dan regenrecord voor Nederland dat op naam staat van augustus 2004, toen Maasland 325 mm aftapte. Pas in de loop van september, nadat alle gegevens van het volledige KNMI-netwerk van neerslagstations bewerkt zijn, kunnen de definitieve waarden worden vastgesteld.
Het aantal dagen met zware regen (ergens op een KNMI- weerstation minstens 50 mm) is deze zomer opgelopen tot een recordaantal van 13. In de zomers van 2001 en 2002 gebeurde dat op 12 dagen, het vorige record. Augustus neemt inmiddels 11 van deze 13 dagen met zware regen voor haar rekening.
31 augustus 2006
Dedecker wil brandstoftoeslag voor vissers
30/08/2006 | Bron(nen): Het Nieuwsblad
Een brandstoftoeslag van 3 procent voor de reders, net zoals er in de reisindustrie een toeslag bestaat op vliegtuigtickets, en de vermindering van zes naar vijf bemanningsleden per schip. Het zijn slechts enkele van de voorstellen die senator Jean-Marie Dedecker (VLD) doet om de visserijsector weer leefbaar te maken.
"Reders hebben 10 procent meer inkomsten nodig om te overleven en dat door de stijging van de brandstofprijzen", aldus de senator. "Een doorsnee visserschip haalt jaarlijks een gemiddelde van 1,25 miljoen euro omzet en verbruikt één miljoen liter brandstof. Eén derde van de opbrengst gaat bijgevolg naar de aankoop van mazout. Daarom moeten er duurzame maatregelen komen".
Volgens Dedecker kan een eventuele brandstoftoeslag gezien worden als een solidariteitsbijdrage op de veilingprijs, betaald door de viskopers. "De prijs in de winkel is immers een veelvoud van wat de reder krijgt en 3 procent zal niet voelbaar zijn". De vermindering van het aantal bemanningsleden is volgens hem een oplossing voor het nijpend personeelsprobleem.
Voorts vindt Dedecker dat de patronale bijdragen aan de overheid moeten gestort worden. "Nu krijgt het Zeevissersfonds daarvan liefst zes miljoen euro per jaar en zwemt het in het geld, terwijl de reders verdrinken. Een teruggave van 25 procent van die patronale lasten zou 2 procent meer inkomsten opleveren voor een doorsnee reder. Gelijkaardige maatregelen hebben de Belgische baggersector destijds in leven gehouden", luidt het nog.
Een brandstoftoeslag van 3 procent voor de reders, net zoals er in de reisindustrie een toeslag bestaat op vliegtuigtickets, en de vermindering van zes naar vijf bemanningsleden per schip. Het zijn slechts enkele van de voorstellen die senator Jean-Marie Dedecker (VLD) doet om de visserijsector weer leefbaar te maken.
"Reders hebben 10 procent meer inkomsten nodig om te overleven en dat door de stijging van de brandstofprijzen", aldus de senator. "Een doorsnee visserschip haalt jaarlijks een gemiddelde van 1,25 miljoen euro omzet en verbruikt één miljoen liter brandstof. Eén derde van de opbrengst gaat bijgevolg naar de aankoop van mazout. Daarom moeten er duurzame maatregelen komen".
Volgens Dedecker kan een eventuele brandstoftoeslag gezien worden als een solidariteitsbijdrage op de veilingprijs, betaald door de viskopers. "De prijs in de winkel is immers een veelvoud van wat de reder krijgt en 3 procent zal niet voelbaar zijn". De vermindering van het aantal bemanningsleden is volgens hem een oplossing voor het nijpend personeelsprobleem.
Voorts vindt Dedecker dat de patronale bijdragen aan de overheid moeten gestort worden. "Nu krijgt het Zeevissersfonds daarvan liefst zes miljoen euro per jaar en zwemt het in het geld, terwijl de reders verdrinken. Een teruggave van 25 procent van die patronale lasten zou 2 procent meer inkomsten opleveren voor een doorsnee reder. Gelijkaardige maatregelen hebben de Belgische baggersector destijds in leven gehouden", luidt het nog.
Californië onderwerpt zich aan Kyoto-protocol
30/08/2006 | Bron(nen): Belganight
De republikeinse gouverneur van Californië Arnold Schwarzenegger heeft woensdag een "historisch" akkoord getekend met het Californische parlement, waarin de staat zich ertoe verbindt de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Dat meldt de gouverneur.
"Ik kan tot mijn tevredenheid aankondigen dat we een historisch akkoord hebben bereikt over de wetgeving ter bestrijding van de opwarming van de aarde," zo meldt Schwarzenegger in een communiqué. "Nu kunnen we vooruitgang boeken" en Californië tot de "wereldleider" maken wat de "inspanningen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen" betreft, zo luidt het.
Californië is de eerste Amerikaanse staat die zich aan het Kyoto-protocol verbindt. Volgens George W. Bush vormt dit protocol een bedreiging voor de industrie in zijn land. De VS zijn in hun eentje goed voor 25% van de wereldwijde uitstoot aan broeikasgassen.
De republikeinse gouverneur van Californië Arnold Schwarzenegger heeft woensdag een "historisch" akkoord getekend met het Californische parlement, waarin de staat zich ertoe verbindt de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Dat meldt de gouverneur.
"Ik kan tot mijn tevredenheid aankondigen dat we een historisch akkoord hebben bereikt over de wetgeving ter bestrijding van de opwarming van de aarde," zo meldt Schwarzenegger in een communiqué. "Nu kunnen we vooruitgang boeken" en Californië tot de "wereldleider" maken wat de "inspanningen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen" betreft, zo luidt het.
Californië is de eerste Amerikaanse staat die zich aan het Kyoto-protocol verbindt. Volgens George W. Bush vormt dit protocol een bedreiging voor de industrie in zijn land. De VS zijn in hun eentje goed voor 25% van de wereldwijde uitstoot aan broeikasgassen.
Hoe belangrijk wordt zonne-energie in de toekomst?
30/08/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht, De Tijd, De Morgen
De grootste Belgische installatie voor zonne-energie is dinsdag ingehuldigd in Meise, op het dak van de opslagplaats van Dexia Verzekeringen. Stroomopwekking via zonnepanelen is aan een exponentiële groei bezig. De sector groeit sinds 1999 met 33 tot 60 procent per jaar. De zonnecellenproducent Photovoltech uit Tienen staat in de frontlinie.
Op het dak van Dexia staan 330 zonnepanelen, of een totale oppervlakte van 458 vierkante meter. Het bedrijf zal de milieuvriendelijke stroom gebruiken voor de elektriciteit in de opslagplaats. De installatie, geleverd door het Belgische Izen Solar Systems, ontwikkelt het equivalent van wat twaalf gezinnen verbruiken. Volgens cijfers van energiewaakhond VREG winnen zonnepanelen aan populariteit.
Topman van Izen, Gie Verbunt, looft de overheidssteun voor duurzame zonne-energie. "Door de combinatie van groenestroomcertificaten en ecologiesteun wordt de plaatsing van grote zonnecelinstallaties in Vlaanderen nu ook interessant voor bedrijven". Volgens staatssecretaris voor Duurzame Ontwikkeling, Els Van Weert kunnen ze bij Dexia heus wel rekenen. "Hun beslissing toont aan dat duurzame energie niet alleen goed is voor het milieu, maar ook voor de portemonnee".
"De technologie voor zonne-energie is nu nog duur", zegt professor Gilbert Declerck, directeur van onderzoekscentrum IMEC. "Zonne-energie zal pas echt doorbreken als de kostprijs van een installatie drie tot vijf keer goedkoper wordt". Dat wordt mogelijk als zonnecellen niet op basis van silicium, maar op basis van plastic zullen worden gemaakt. Photovoltech in Tienen, een spin-off van IMEC waarin energiereuzen Total en Suez een belang hebben genomen, staat in de frontlinie van die ontluikende technologie. Die zal wellicht pas tot consumententoepassingen leiden over tien tot twintig jaar.
"De sector is het slachtoffer van zijn eigen succes", zegt Johan Nijs, directeur-generaal van Photovoltech. "De vraag is enorm en niet alle schakels van de productieketen kunnen volgen. Niet de klant, maar de leverancier is koning, want het is moeilijk aan voldoende grondstoffen te geraken. Dat is één van de eigenaardigheden van een jonge markt die met horten en stoten groeit". Nijs voorspelt dat zonnecellen het energievraagstuk niet alleen zullen oplossen. "Binnen 10 of 20 jaar kunnen ze wel enkele procenten van de energiemarkt voorzien. Ik geloof in een toekomst waarin een veel grotere mix van energiebronnen wordt ingezet".
De grootste Belgische installatie voor zonne-energie is dinsdag ingehuldigd in Meise, op het dak van de opslagplaats van Dexia Verzekeringen. Stroomopwekking via zonnepanelen is aan een exponentiële groei bezig. De sector groeit sinds 1999 met 33 tot 60 procent per jaar. De zonnecellenproducent Photovoltech uit Tienen staat in de frontlinie.
Op het dak van Dexia staan 330 zonnepanelen, of een totale oppervlakte van 458 vierkante meter. Het bedrijf zal de milieuvriendelijke stroom gebruiken voor de elektriciteit in de opslagplaats. De installatie, geleverd door het Belgische Izen Solar Systems, ontwikkelt het equivalent van wat twaalf gezinnen verbruiken. Volgens cijfers van energiewaakhond VREG winnen zonnepanelen aan populariteit.
Topman van Izen, Gie Verbunt, looft de overheidssteun voor duurzame zonne-energie. "Door de combinatie van groenestroomcertificaten en ecologiesteun wordt de plaatsing van grote zonnecelinstallaties in Vlaanderen nu ook interessant voor bedrijven". Volgens staatssecretaris voor Duurzame Ontwikkeling, Els Van Weert kunnen ze bij Dexia heus wel rekenen. "Hun beslissing toont aan dat duurzame energie niet alleen goed is voor het milieu, maar ook voor de portemonnee".
"De technologie voor zonne-energie is nu nog duur", zegt professor Gilbert Declerck, directeur van onderzoekscentrum IMEC. "Zonne-energie zal pas echt doorbreken als de kostprijs van een installatie drie tot vijf keer goedkoper wordt". Dat wordt mogelijk als zonnecellen niet op basis van silicium, maar op basis van plastic zullen worden gemaakt. Photovoltech in Tienen, een spin-off van IMEC waarin energiereuzen Total en Suez een belang hebben genomen, staat in de frontlinie van die ontluikende technologie. Die zal wellicht pas tot consumententoepassingen leiden over tien tot twintig jaar.
"De sector is het slachtoffer van zijn eigen succes", zegt Johan Nijs, directeur-generaal van Photovoltech. "De vraag is enorm en niet alle schakels van de productieketen kunnen volgen. Niet de klant, maar de leverancier is koning, want het is moeilijk aan voldoende grondstoffen te geraken. Dat is één van de eigenaardigheden van een jonge markt die met horten en stoten groeit". Nijs voorspelt dat zonnecellen het energievraagstuk niet alleen zullen oplossen. "Binnen 10 of 20 jaar kunnen ze wel enkele procenten van de energiemarkt voorzien. Ik geloof in een toekomst waarin een veel grotere mix van energiebronnen wordt ingezet".
Biobrandstoffen geven nieuwe impuls aan akkerbouw
30/08/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht
Voor de Belgische akkerbouw breekt vanaf dit seizoen een nieuw tijdperk aan, schrijft De Tijd. De boeren kunnen hun teelten voor het eerst sinds jaren meer kiezen in functie van de marktvraag. Tot nog toe waren subsidies doorslaggevend. De sector van de biobrandstoffen legt volgend oogstjaar beslag op 60.000 tot 90.000 ha landbouwgrond.
Rond deze periode stellen de boeren hun teeltplan op voor volgend seizoen. Koolzaad, de basisgrondstof voor biodiesel, moet uiterlijk begin september worden ingezaaid. Boerenbond-consulent Bart Vleeschouwers ziet ruimte voor 20.000 ha. Op langere termijn ziet hij een potentieel voor koolzaad van 50.000 ha voor Vlaanderen en 150.000 ha voor België. Ook landbouwconsulent Jean-Luc Lamont van de Vlaamse landbouwadministratie schat het koolzaadareaal voor volgend seizoen op 22.000 ha, tegen slechts 10.000 ha vorig jaar.
Bedrijven die rekenen op een flinke koek van het nationale productiequotum voor accijnsvrije biobrandstoffen sluiten nu al contracten af voor het inzaaien van tarwe en suikerbieten voor bio-ethanol. Voor tarwe gaat het om een vierde van het areaal dat normaal wordt ingezaaid. De extra vraag naar landbouwgewassen voor biobrandstoffen geeft de akkerbouwers ruimte om betere prijzen te bedingen. Voor tarwe wordt verwacht dat de prijs zal stijgen van amper 95 euro per ton tot 125 euro voor een ton.
Als al het potentieel wordt benut voor biobrandstoffen, slorpt dat een vierde van het areaal op. Experts schatten dat wereldwijd op termijn 15 procent van alle landbouwgewassen voor energiedoeleinden zal gebruikt worden. Zeker als aardolie en aardgas nog schaarser worden. Natuurlijke plantaardige oliën, eveneens een basis voor biobrandstof, hebben al recordprijzen bereikt. Wellicht zal de prijs die producenten van biobrandstoffen voor de gewassen willen betalen ook de prijs voor voedingsgewassen bepalen.
In de wereld is nog nauwelijks extra cultuurgrond beschikbaar, tenzij men iets vindt om de woestijnen vruchtbaar te maken. De noodzakelijke meeropbrengst voor energiedoeleinden moet dan van een productieverhoging komen en dat is niet vanzelfsprekend. Zelfs genetisch gemanipuleerde zaden kunnen dat aanbodtekort niet oplossen. De grote vraag naar bioproducten verlaagt eveneens de gemiddelde productiviteit in de landbouw. Zo lijkt een prijsstijging van alle akkerbouwgewassen wereldwijd op termijn vanzelfsprekend.
Dankzij die trend gaat de akkerbouw in België betere tijden tegemoet. De boer heeft nu meer mogelijkheden dan vroeger om vrij zijn teeltplan op te stellen. Hij zal de teelt kiezen die de beste marktprijs biedt en kan zich onafhankelijker opstellen tegenover afnemers. De contractteelt in de landbouw zal stabiliseren of afnemen. De akkerboer wordt opnieuw veel zelfstandiger.
Voor de Belgische akkerbouw breekt vanaf dit seizoen een nieuw tijdperk aan, schrijft De Tijd. De boeren kunnen hun teelten voor het eerst sinds jaren meer kiezen in functie van de marktvraag. Tot nog toe waren subsidies doorslaggevend. De sector van de biobrandstoffen legt volgend oogstjaar beslag op 60.000 tot 90.000 ha landbouwgrond.
Rond deze periode stellen de boeren hun teeltplan op voor volgend seizoen. Koolzaad, de basisgrondstof voor biodiesel, moet uiterlijk begin september worden ingezaaid. Boerenbond-consulent Bart Vleeschouwers ziet ruimte voor 20.000 ha. Op langere termijn ziet hij een potentieel voor koolzaad van 50.000 ha voor Vlaanderen en 150.000 ha voor België. Ook landbouwconsulent Jean-Luc Lamont van de Vlaamse landbouwadministratie schat het koolzaadareaal voor volgend seizoen op 22.000 ha, tegen slechts 10.000 ha vorig jaar.
Bedrijven die rekenen op een flinke koek van het nationale productiequotum voor accijnsvrije biobrandstoffen sluiten nu al contracten af voor het inzaaien van tarwe en suikerbieten voor bio-ethanol. Voor tarwe gaat het om een vierde van het areaal dat normaal wordt ingezaaid. De extra vraag naar landbouwgewassen voor biobrandstoffen geeft de akkerbouwers ruimte om betere prijzen te bedingen. Voor tarwe wordt verwacht dat de prijs zal stijgen van amper 95 euro per ton tot 125 euro voor een ton.
Als al het potentieel wordt benut voor biobrandstoffen, slorpt dat een vierde van het areaal op. Experts schatten dat wereldwijd op termijn 15 procent van alle landbouwgewassen voor energiedoeleinden zal gebruikt worden. Zeker als aardolie en aardgas nog schaarser worden. Natuurlijke plantaardige oliën, eveneens een basis voor biobrandstof, hebben al recordprijzen bereikt. Wellicht zal de prijs die producenten van biobrandstoffen voor de gewassen willen betalen ook de prijs voor voedingsgewassen bepalen.
In de wereld is nog nauwelijks extra cultuurgrond beschikbaar, tenzij men iets vindt om de woestijnen vruchtbaar te maken. De noodzakelijke meeropbrengst voor energiedoeleinden moet dan van een productieverhoging komen en dat is niet vanzelfsprekend. Zelfs genetisch gemanipuleerde zaden kunnen dat aanbodtekort niet oplossen. De grote vraag naar bioproducten verlaagt eveneens de gemiddelde productiviteit in de landbouw. Zo lijkt een prijsstijging van alle akkerbouwgewassen wereldwijd op termijn vanzelfsprekend.
Dankzij die trend gaat de akkerbouw in België betere tijden tegemoet. De boer heeft nu meer mogelijkheden dan vroeger om vrij zijn teeltplan op te stellen. Hij zal de teelt kiezen die de beste marktprijs biedt en kan zich onafhankelijker opstellen tegenover afnemers. De contractteelt in de landbouw zal stabiliseren of afnemen. De akkerboer wordt opnieuw veel zelfstandiger.
29 augustus 2006
Aveve investeert in mestverwerking en groene energie
28/08/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht
Naar aanleiding van zijn benoeming tot voorzitter van een Europees verband van agrarische coöperaties peilde Boer&Tuinder bij Aveve-topman Hendrik Soete naar de actuele ontwikkelingen bij 's lands grootste toeleverancier aan de land- en tuinbouwsector. Zo blijkt de integratie van Sanac sneller verlopen te zijn dan voorzien. Intussen beweegt ook een en ander rond de mestcomposteringsinstallatie in Kallo.
Met tuinbouw, sierteelt en deels ook het loonwerk stond Aveve niet sterk in Oost- en West-Vlaanderen. Met de overname van Sanac is dat euvel verholpen. "Door de acquisitie hebben we heel wat knowhow en competenties binnengehaald. Bovendien beschikken we over vier bijkomende logistieke punten in Roeselare, Wervik, Sint-Katelijne-Waver en Lochristi", aldus Soete. "Recentelijk hebben we bijvoorbeeld ook Pregras uit Zevekote overgenomen, waardoor we sterker staan in graszaadvermeerdering".
In de veehouderijtak blijft Aveve niet blind voor de strengere bemestingsnormen in MAP3. Naast investeringen in mestopslag, wil de coöperatie zich ook nadrukkelijker profileren in de mestverwerkingscapaciteit in veedichte gebieden. "Er is een Trevi-installatie in aanbouw bij een loonwerker in West-Vlaanderen en we onderzoeken de haalbaarheid van een biologisch mestverwerkingsproject in Poppel. Verder verwachten we dat de activiteiten van Compofert in Kallo verder groeien", luidt het.
Die groei zal gestimuleerd worden door de bouw van een biogasinstallatie naast de infrastructuur van Compofert. Eind dit jaar moet de biogasproductie operationeel zijn. Bedoeling is om jaarlijks 40.000 ton biomassa om te zetten in voldoende groene energie om het verbruik van 8.000 gezinnen te dekken. De grondstoffen voor de vergisting zullen in hoofdzaak bijproducten van de voedingsindustrie zijn. Het project kost vijf miljoen euro, waarvan Electrabel de helft betaalt.
Tot slot heeft Aveve via zijn participatie in Alco Bio Fuel ook plannen om bio-ethanol te produceren. "Onze aanvraag voor quota is binnen. We gaan ervan uit dat de federale regering de productierechten evenredig zal verdelen", zegt Soete, daarmee ook verwijzend naar de plannen van Südzucker in het Waalse Wanze.
Naar aanleiding van zijn benoeming tot voorzitter van een Europees verband van agrarische coöperaties peilde Boer&Tuinder bij Aveve-topman Hendrik Soete naar de actuele ontwikkelingen bij 's lands grootste toeleverancier aan de land- en tuinbouwsector. Zo blijkt de integratie van Sanac sneller verlopen te zijn dan voorzien. Intussen beweegt ook een en ander rond de mestcomposteringsinstallatie in Kallo.
Met tuinbouw, sierteelt en deels ook het loonwerk stond Aveve niet sterk in Oost- en West-Vlaanderen. Met de overname van Sanac is dat euvel verholpen. "Door de acquisitie hebben we heel wat knowhow en competenties binnengehaald. Bovendien beschikken we over vier bijkomende logistieke punten in Roeselare, Wervik, Sint-Katelijne-Waver en Lochristi", aldus Soete. "Recentelijk hebben we bijvoorbeeld ook Pregras uit Zevekote overgenomen, waardoor we sterker staan in graszaadvermeerdering".
In de veehouderijtak blijft Aveve niet blind voor de strengere bemestingsnormen in MAP3. Naast investeringen in mestopslag, wil de coöperatie zich ook nadrukkelijker profileren in de mestverwerkingscapaciteit in veedichte gebieden. "Er is een Trevi-installatie in aanbouw bij een loonwerker in West-Vlaanderen en we onderzoeken de haalbaarheid van een biologisch mestverwerkingsproject in Poppel. Verder verwachten we dat de activiteiten van Compofert in Kallo verder groeien", luidt het.
Die groei zal gestimuleerd worden door de bouw van een biogasinstallatie naast de infrastructuur van Compofert. Eind dit jaar moet de biogasproductie operationeel zijn. Bedoeling is om jaarlijks 40.000 ton biomassa om te zetten in voldoende groene energie om het verbruik van 8.000 gezinnen te dekken. De grondstoffen voor de vergisting zullen in hoofdzaak bijproducten van de voedingsindustrie zijn. Het project kost vijf miljoen euro, waarvan Electrabel de helft betaalt.
Tot slot heeft Aveve via zijn participatie in Alco Bio Fuel ook plannen om bio-ethanol te produceren. "Onze aanvraag voor quota is binnen. We gaan ervan uit dat de federale regering de productierechten evenredig zal verdelen", zegt Soete, daarmee ook verwijzend naar de plannen van Südzucker in het Waalse Wanze.
Biobrandstoffen: 32 kandidaten dienen 44 dossiers in
28/08/2006 | Bron(nen): Belga
De Commissie tot erkenning van biobrandstoffen heeft 44 dossiers van 32 kandidaten ontvangen. Het gaat om dossiers voor de productie van ethanol en biodiesel, gespreid over verschillende periodes. De meerderheid van de kandidaten zijn firma's uit België, zo blijkt uit een mededeling van de FOD Financiën.
De Europese oproep tot kandidaten vond plaats op 4 juli. De kandidaten hadden uiterlijk tot maandag 21 augustus de tijd om hun dossier(s) in te dienen. De Commissie zal de dossiers nu bestuderen en een voorstel aan de ministerraad doen. Uiteindelijk moeten zowel voor de bio-ethanol in benzine als voor FAME in diesel minstens twee en hoogstens vier kandidaten gekozen worden.
De wet van 10 juni 2006 over de biobrandstoffen voor de bio-ethanol voorziet een productie van 48 miljoen liter voor de periode van 1 oktober tot 31 december 2007; 250 miljoen liter voor de jaren 2008 tot 2012; en 187,5 miljoen liter voor de periode van 1/1 tot 30/9/2013. Voor FAME of biodiesel gaat het om 286 miljoen liter voor de periode van 1 november 2006 tot 30 september 2007; 475 miljoen liter voor de periode van 1 oktober 2007 tot 31 december 2008; 380 miljoen liter voor de jaren 2009 tot 2012; en 284 miljoen liter voor de periode van 1 januari tot 30 september 2013.
Van de 32 kandidaturen zijn er 10 voor bio-ethanol en 23 voor FAME, één producent heeft zich voor beide producten kandidaat gesteld. 18 firma's zijn Belgisch, 6 Duits, 3 Frans, 2 Italiaans en telkens één Brits, Zwitsers en Nederlands.
De Commissie tot erkenning van biobrandstoffen heeft 44 dossiers van 32 kandidaten ontvangen. Het gaat om dossiers voor de productie van ethanol en biodiesel, gespreid over verschillende periodes. De meerderheid van de kandidaten zijn firma's uit België, zo blijkt uit een mededeling van de FOD Financiën.
De Europese oproep tot kandidaten vond plaats op 4 juli. De kandidaten hadden uiterlijk tot maandag 21 augustus de tijd om hun dossier(s) in te dienen. De Commissie zal de dossiers nu bestuderen en een voorstel aan de ministerraad doen. Uiteindelijk moeten zowel voor de bio-ethanol in benzine als voor FAME in diesel minstens twee en hoogstens vier kandidaten gekozen worden.
De wet van 10 juni 2006 over de biobrandstoffen voor de bio-ethanol voorziet een productie van 48 miljoen liter voor de periode van 1 oktober tot 31 december 2007; 250 miljoen liter voor de jaren 2008 tot 2012; en 187,5 miljoen liter voor de periode van 1/1 tot 30/9/2013. Voor FAME of biodiesel gaat het om 286 miljoen liter voor de periode van 1 november 2006 tot 30 september 2007; 475 miljoen liter voor de periode van 1 oktober 2007 tot 31 december 2008; 380 miljoen liter voor de jaren 2009 tot 2012; en 284 miljoen liter voor de periode van 1 januari tot 30 september 2013.
Van de 32 kandidaturen zijn er 10 voor bio-ethanol en 23 voor FAME, één producent heeft zich voor beide producten kandidaat gesteld. 18 firma's zijn Belgisch, 6 Duits, 3 Frans, 2 Italiaans en telkens één Brits, Zwitsers en Nederlands.
23 augustus 2006
Floréac investeert 16,5 miljoen euro in energiezuinig gebouw
22-08-2006 Bron(nen): VILT-nieuwsoverzicht, Het Nieuwsblad
Kantoorruimtes die centraal liggen in het serrencomplex. Een nieuw systeem met regenwater om de tienduizenden planten te begieten. Dat zijn enkele kenmerken van het gloednieuwe Floréac-bedrijfsgebouw in Lochristi, dat minister-president Yves Leterme deze week mocht openen. Het gaat om een investering van 16,5 miljoen euro. Het sierteelt- en distributiebedrijf Floréac telt 400 werknemers en een geconsolideerde omzet van bijna 85,7 miljoen euro.
Leterme loofde de aandacht van Floréac voor de milieuvriendelijke productieprocessen. Het bedrijf is van het eerste uur betrokken bij het Vlaams Milieuplan Sierteelt. Ondermeer daarom kreeg het bedrijf voor de nieuwe investering een gevoelige steun van de Vlaamse regering. Ook het gemeentebestuur deed een duit in het zakje. Omdat de inplanting van het bedrijfsgebouw nu vlakbij twee gewestwegen en de E17 ligt, zal het dorpscentrum van verkeersoverlast gespaard blijven.
De nieuwe inplanting beslaat bijna 20 hectare, de serreconstructie alleen al is goed voor 32.000 vierkante meter en bevat niet alleen een opslag- en transportplaats voor de planten, maar ook kantoorruimtes voor 150 personen. Centraal in het gebouw is er een ruime marktplaats waar klanten - hoofdzakelijk groothandelaars, warenhuisketens en tuincentra - een overzicht van het Floréac-aanbod krijgen.
Floréac specialiseerde zich de afgelopen jaren als een distributiecentrum dat maatrpoducten levert op het vlak van levering, verpakking en etikettering. In het nieuwe bedrijf worden de etikettering en distributie aangestuurd volgens de nieuwste computertechnieken. Laadkarren die van bij de leverancier het bedrijf binnenkomen, krijgen een klem met chip aangeklemd en worden dan, naargelang hun bestemming, via een 1,3 kilometer lang computergestuurd kettingsysteem door het bedrijf gesluisd. ofwel rechtstreeks naar de juiste laadkaai ofwel naar één van de 25 verdeelpunten binnen het bedrijf.
De Floréac-groep omvat meer dan het nieuwe distributiecentrum aan de Beerveldse Baan. Het telt in zijn rangen ook nog Microflor, Hortibreed en ID'Flor, waar onder meer aan veredeling, productie en in vitro-vermeerdering van azalea's en andere potplanten gedaan wordt. Met Aquarelle bedient de groep de sector van de interieurbeplanting van bedrijven.
Kantoorruimtes die centraal liggen in het serrencomplex. Een nieuw systeem met regenwater om de tienduizenden planten te begieten. Dat zijn enkele kenmerken van het gloednieuwe Floréac-bedrijfsgebouw in Lochristi, dat minister-president Yves Leterme deze week mocht openen. Het gaat om een investering van 16,5 miljoen euro. Het sierteelt- en distributiebedrijf Floréac telt 400 werknemers en een geconsolideerde omzet van bijna 85,7 miljoen euro.
Leterme loofde de aandacht van Floréac voor de milieuvriendelijke productieprocessen. Het bedrijf is van het eerste uur betrokken bij het Vlaams Milieuplan Sierteelt. Ondermeer daarom kreeg het bedrijf voor de nieuwe investering een gevoelige steun van de Vlaamse regering. Ook het gemeentebestuur deed een duit in het zakje. Omdat de inplanting van het bedrijfsgebouw nu vlakbij twee gewestwegen en de E17 ligt, zal het dorpscentrum van verkeersoverlast gespaard blijven.
De nieuwe inplanting beslaat bijna 20 hectare, de serreconstructie alleen al is goed voor 32.000 vierkante meter en bevat niet alleen een opslag- en transportplaats voor de planten, maar ook kantoorruimtes voor 150 personen. Centraal in het gebouw is er een ruime marktplaats waar klanten - hoofdzakelijk groothandelaars, warenhuisketens en tuincentra - een overzicht van het Floréac-aanbod krijgen.
Floréac specialiseerde zich de afgelopen jaren als een distributiecentrum dat maatrpoducten levert op het vlak van levering, verpakking en etikettering. In het nieuwe bedrijf worden de etikettering en distributie aangestuurd volgens de nieuwste computertechnieken. Laadkarren die van bij de leverancier het bedrijf binnenkomen, krijgen een klem met chip aangeklemd en worden dan, naargelang hun bestemming, via een 1,3 kilometer lang computergestuurd kettingsysteem door het bedrijf gesluisd. ofwel rechtstreeks naar de juiste laadkaai ofwel naar één van de 25 verdeelpunten binnen het bedrijf.
De Floréac-groep omvat meer dan het nieuwe distributiecentrum aan de Beerveldse Baan. Het telt in zijn rangen ook nog Microflor, Hortibreed en ID'Flor, waar onder meer aan veredeling, productie en in vitro-vermeerdering van azalea's en andere potplanten gedaan wordt. Met Aquarelle bedient de groep de sector van de interieurbeplanting van bedrijven.
22 augustus 2006
62% van de Duitsers wil af van kernenergie
Een recente Duitse overheidspoll toont aan dat 62% van de Duitsers de kernuitstapt steunt. De Duitsers plannen die kernuitstap tegen 2021. Zelfs een meerderheid van de conservatieve kiezers is voor de kernuitstap. Nochtans waren de conservatieve politieke partijen tegen de plannen om uit de kernenergie te stappen.
Het persbericht van het Duitse ministerie van Leefmilieu: http://www.bmu.de/atomenergie/downloads/doc/37687.php
Het persbericht van het Duitse ministerie van Leefmilieu: http://www.bmu.de/atomenergie/downloads/doc/37687.php
21 augustus 2006
Klimaatvriendelijk beleggingsfonds
05-06-2006 | Bron(nen): iNSnet
Triodos Bank lanceert een beleggingsfonds dat belegt in de snel opkomende markt voor duurzame energieprojecten in Nederland en Europa. Het nieuwe Triodos Renewables Europe Fund investeert rechtstreeks in windparken, zonne-installaties, biomassa installaties en kleinschalige waterkracht centrales in Europa.
Beleggers worden via het fonds betrokken bij de opwekking van groene stroom en dragen direct bij aan de vergroting van het aandeel duurzame energie bij onze energieopwekking. Het fonds draagt actief bij aan het halen van de Europese Kyoto doelstellingen voor de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. Het nieuwe fonds is door Milieudefensie in het kader van de HIER klimaatcampagne erkend als klimaatvriendelijk financieel product.
Triodos Bank heeft 25 jaar ervaring en is koploper op het gebied van financiering van duurzame energie. De bank vindt de tijd nu rijp voor het lanceren van een Europees themafonds gericht op deze innovatieve sector. Het fonds verwacht op de middellange termijn een effectief rendement voor de belegger van 7% per jaar. Dit gemiddelde jaarrendement is een prognose en gebaseerd op een simulatie over een periode van 10 jaar.
'Duurzame energie heeft de toekomst' aldus Itske Lulof, fondsmanager bij Triodos International Fund Management, de initiator van Triodos Renewables Europe Fund. 'Als belegger ga je een stapje verder dan het kopen van groene stroom en word je mede-eigenaar van een wind- of zonnepark.'
Het fonds zoekt per land naar de beste investeringsmogelijkheden. In België, Verenigd Koninkrijk en Frankrijk ontwikkelt windenergie zich in hoog tempo. Investeringen in zonne-energie zullen vooral plaatsvinden in Zuid-Europa. Daar is de meeste zon, en daarom ook de meeste zonne-energie parken en de meeste kennis op dat gebied. In Duitsland verwacht het fonds vooral te gaan investeren in veelbelovende biomassa projecten. Daarnaast behoren investeringen in bijvoorbeeld Polen en Tsjechië tot de mogelijkheden.
Triodos Renewables Europe Fund is het eerste Europese beleggingsfonds dat Triodos Bank introduceert. Vanwege deze brede Europese aanpak is het fonds gevestigd in Luxemburg als onderdeel van Triodos SICAV II. Deze beleggingsinstelling, inclusief haar subfondsen, staat onder toezicht van de Luxemburgse toezichthouder, de Commission de Surveillance du Secteur Financier (CSSF). Triodos SICAV II - Triodos Renewables Europe Fund is in Nederland geregistreerd bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM).
Het fonds verwacht bij de lancering een omvang van EUR 15 miljoen te bereiken en denkt binnen enkele jaren te groeien tot een fondsomvang van EUR 50 tot 100 miljoen. Het fonds zal in dit najaar ook in België en in 2007 in Spanje worden aangeboden.
Triodos Bank lanceert een beleggingsfonds dat belegt in de snel opkomende markt voor duurzame energieprojecten in Nederland en Europa. Het nieuwe Triodos Renewables Europe Fund investeert rechtstreeks in windparken, zonne-installaties, biomassa installaties en kleinschalige waterkracht centrales in Europa.
Beleggers worden via het fonds betrokken bij de opwekking van groene stroom en dragen direct bij aan de vergroting van het aandeel duurzame energie bij onze energieopwekking. Het fonds draagt actief bij aan het halen van de Europese Kyoto doelstellingen voor de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. Het nieuwe fonds is door Milieudefensie in het kader van de HIER klimaatcampagne erkend als klimaatvriendelijk financieel product.
Triodos Bank heeft 25 jaar ervaring en is koploper op het gebied van financiering van duurzame energie. De bank vindt de tijd nu rijp voor het lanceren van een Europees themafonds gericht op deze innovatieve sector. Het fonds verwacht op de middellange termijn een effectief rendement voor de belegger van 7% per jaar. Dit gemiddelde jaarrendement is een prognose en gebaseerd op een simulatie over een periode van 10 jaar.
'Duurzame energie heeft de toekomst' aldus Itske Lulof, fondsmanager bij Triodos International Fund Management, de initiator van Triodos Renewables Europe Fund. 'Als belegger ga je een stapje verder dan het kopen van groene stroom en word je mede-eigenaar van een wind- of zonnepark.'
Het fonds zoekt per land naar de beste investeringsmogelijkheden. In België, Verenigd Koninkrijk en Frankrijk ontwikkelt windenergie zich in hoog tempo. Investeringen in zonne-energie zullen vooral plaatsvinden in Zuid-Europa. Daar is de meeste zon, en daarom ook de meeste zonne-energie parken en de meeste kennis op dat gebied. In Duitsland verwacht het fonds vooral te gaan investeren in veelbelovende biomassa projecten. Daarnaast behoren investeringen in bijvoorbeeld Polen en Tsjechië tot de mogelijkheden.
Triodos Renewables Europe Fund is het eerste Europese beleggingsfonds dat Triodos Bank introduceert. Vanwege deze brede Europese aanpak is het fonds gevestigd in Luxemburg als onderdeel van Triodos SICAV II. Deze beleggingsinstelling, inclusief haar subfondsen, staat onder toezicht van de Luxemburgse toezichthouder, de Commission de Surveillance du Secteur Financier (CSSF). Triodos SICAV II - Triodos Renewables Europe Fund is in Nederland geregistreerd bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM).
Het fonds verwacht bij de lancering een omvang van EUR 15 miljoen te bereiken en denkt binnen enkele jaren te groeien tot een fondsomvang van EUR 50 tot 100 miljoen. Het fonds zal in dit najaar ook in België en in 2007 in Spanje worden aangeboden.
18 augustus 2006
Gentse studenten op zoek naar record met ppo-wagen
17/08/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht
Drie Gentse studenten proberen zondag op het circuit van Nokia Tyres in Finland enkele Belgische records te breken. Met hun Energy 4, een experimentele wagen van 75 centimeter hoog en 3 meter lang, rijden ze mee in de Finnish Mileage Marathon. De wagen rijdt op pure plantaardige koolzaadolie. Dat staat te lezen in Het Laatste Nieuws.
Vijf laatstejaarsstudenten Industriële Wetenschappen in Gent waren goed op weg om de wereld te verbazen met hun dieselmotor op plantaardige olie. In het Engelse Rockingham reden ze met hun Energy 4 naar een knappe tweede plaats met een verbruik van één liter olie voor 1.178 kilometer. "We hopen zondag in Finland zowel het Belgische dieselrecord als het record met puur plantaardige olie scherper te stellen", zegt teammanager Lieven Defauw.
Drie Gentse studenten proberen zondag op het circuit van Nokia Tyres in Finland enkele Belgische records te breken. Met hun Energy 4, een experimentele wagen van 75 centimeter hoog en 3 meter lang, rijden ze mee in de Finnish Mileage Marathon. De wagen rijdt op pure plantaardige koolzaadolie. Dat staat te lezen in Het Laatste Nieuws.
Vijf laatstejaarsstudenten Industriële Wetenschappen in Gent waren goed op weg om de wereld te verbazen met hun dieselmotor op plantaardige olie. In het Engelse Rockingham reden ze met hun Energy 4 naar een knappe tweede plaats met een verbruik van één liter olie voor 1.178 kilometer. "We hopen zondag in Finland zowel het Belgische dieselrecord als het record met puur plantaardige olie scherper te stellen", zegt teammanager Lieven Defauw.
Brazilië ziet export van bio-ethanol verdubbelen
17/08/2006 | Bron(nen): Vilt-nieuwsoverzicht, De Volkskrant
Nu de olieprijzen weer pieken, kijkt heel de wereld naar Brazilië voor alternatieven voor de dure en schaarse olie. Geen enkel land produceert zoveel bio-ethanol als Brazilië. De transportsector rijdt er voor 40 procent op het goedje. Dat deze biobrandstof ook in Europa en Amerika erg in trek is, mag Brazilië ondervinden. In de maand juli exporteerde het land 568 miljoen liter ethanol, twee keer zoveel als het jaar daarvoor. En het einde van de groei is voorlopig niet in zicht.
"Ons land kan zijn productie van bio-ethanol in de komende tien jaar verdubbelen naar 31 miljard liter", zegt Eduardo Pereira de Carvalho, voorzitter van Unica, een machtige organisatie van Braziliaanse suikerriettelers. Volgens Unica zouden daarvoor miljoenen hectare weiland moeten veranderen in uitgestrekte plantages met suikerriet. Het aantal ethanolfabrieken, nu zo'n 330, zou volgens het plan uitgebreid worden met een kwart. Dit alles vergt een investering van 8 miljard euro. Energiedeskundige Carvalhal verwacht een snelle groei van de ethanolindustrie in zijn land. "De vraag is er en zal er de komende jaren blijven".
Het heeft niet alleen te maken met de dure olie, maar ook met het klimaatprobleem. Bij de productie en het verbruik van olieproducten komt er relatief veel CO2 vrij, dat de aarde opwarmt. Bio-ethanol is milieuvriendelijker. Her en der zetten overheden vanuit dat oogpunt een beleid op om ethanol toe te voegen aan benzine. Europa mikt op bijna 6 procent in 2010. Japan wil naar 3 procent.
Brazilië profiteert nu van een gok die het meer dan dertig jaar geleden heeft genomen. Vlak na de oliecrisis in 1973 besloot het land zijn afhankelijkheid van geïmporteerde olie te verminderen. Onder leiding van de toenmalige president werd een programma opgezet om de productie van ethanol op te voeren. Grootgrondbezitters werden gestimuleerd om meer suikerriet aan te planten, onder meer via een gegarandeerde suikerprijs. Bedrijven kregen subsidies om ethanolfabrieken te bouwen, autofabrikanten ontvingen een belastingsvoordeel als ze auto's maakten die op hoge percentages ethanol konden rijden en er kwam een verplichting om benzine te mengen met ethanol. Het hele plan kostte miljarden aan investeringen.
Maar midden de jaren '80 ging het mis. Brazilië raakte in een financiële crisis en internationaal begonnen de olieprijzen te dalen. De overheid trok zijn ethanolsubsidies terug. De Brazilianen ontwikkelden als gevolg van de alsmaar goedkoper wordende olie weer een voorkeur voor benzineauto's. De ethanolindustrie had het zwaar. Maar begin deze eeuw begon het herstel door de stijgende olieprijzen. En de productie van ethanol is intussen geoptimaliseerd. In 30 jaar tijd is de opbrengst van een hectare suikerriet meer dan verdubbeld tot 6.000 liter ethanol. Bovendien is in Brazilië 3 jaar geleden de flexi fuel auto geïntroduceerd die bijna op elk mengsel van benzine en ethanol kan rijden.
Voor andere landen wordt het moeilijk om te concurreren met Brazilië. Toch blijft de vraag of het land wel een constante aanvoer van ethanol kan garanderen. En wat als de olieprijzen weer gaan dalen? Carvahal is daar duidelijk over. "Zolang benzine boven de 40 dollar per vat kost - nu liggen de prijzen rond 75 dollar per vat - is ethanol competitief. En ook al zakt de prijs onder die 40 dollar, dan is er nog het ecologisch argument. Landen kunnen hun CO2-uitstoot verminderen door meer ethanol te gebruiken. De wereldwijde vraag naar ethanol zal de komende jaren alleen maar stijgen. Dat is een feit. En Brazilië zal daarvan profiteren".
Nu de olieprijzen weer pieken, kijkt heel de wereld naar Brazilië voor alternatieven voor de dure en schaarse olie. Geen enkel land produceert zoveel bio-ethanol als Brazilië. De transportsector rijdt er voor 40 procent op het goedje. Dat deze biobrandstof ook in Europa en Amerika erg in trek is, mag Brazilië ondervinden. In de maand juli exporteerde het land 568 miljoen liter ethanol, twee keer zoveel als het jaar daarvoor. En het einde van de groei is voorlopig niet in zicht.
"Ons land kan zijn productie van bio-ethanol in de komende tien jaar verdubbelen naar 31 miljard liter", zegt Eduardo Pereira de Carvalho, voorzitter van Unica, een machtige organisatie van Braziliaanse suikerriettelers. Volgens Unica zouden daarvoor miljoenen hectare weiland moeten veranderen in uitgestrekte plantages met suikerriet. Het aantal ethanolfabrieken, nu zo'n 330, zou volgens het plan uitgebreid worden met een kwart. Dit alles vergt een investering van 8 miljard euro. Energiedeskundige Carvalhal verwacht een snelle groei van de ethanolindustrie in zijn land. "De vraag is er en zal er de komende jaren blijven".
Het heeft niet alleen te maken met de dure olie, maar ook met het klimaatprobleem. Bij de productie en het verbruik van olieproducten komt er relatief veel CO2 vrij, dat de aarde opwarmt. Bio-ethanol is milieuvriendelijker. Her en der zetten overheden vanuit dat oogpunt een beleid op om ethanol toe te voegen aan benzine. Europa mikt op bijna 6 procent in 2010. Japan wil naar 3 procent.
Brazilië profiteert nu van een gok die het meer dan dertig jaar geleden heeft genomen. Vlak na de oliecrisis in 1973 besloot het land zijn afhankelijkheid van geïmporteerde olie te verminderen. Onder leiding van de toenmalige president werd een programma opgezet om de productie van ethanol op te voeren. Grootgrondbezitters werden gestimuleerd om meer suikerriet aan te planten, onder meer via een gegarandeerde suikerprijs. Bedrijven kregen subsidies om ethanolfabrieken te bouwen, autofabrikanten ontvingen een belastingsvoordeel als ze auto's maakten die op hoge percentages ethanol konden rijden en er kwam een verplichting om benzine te mengen met ethanol. Het hele plan kostte miljarden aan investeringen.
Maar midden de jaren '80 ging het mis. Brazilië raakte in een financiële crisis en internationaal begonnen de olieprijzen te dalen. De overheid trok zijn ethanolsubsidies terug. De Brazilianen ontwikkelden als gevolg van de alsmaar goedkoper wordende olie weer een voorkeur voor benzineauto's. De ethanolindustrie had het zwaar. Maar begin deze eeuw begon het herstel door de stijgende olieprijzen. En de productie van ethanol is intussen geoptimaliseerd. In 30 jaar tijd is de opbrengst van een hectare suikerriet meer dan verdubbeld tot 6.000 liter ethanol. Bovendien is in Brazilië 3 jaar geleden de flexi fuel auto geïntroduceerd die bijna op elk mengsel van benzine en ethanol kan rijden.
Voor andere landen wordt het moeilijk om te concurreren met Brazilië. Toch blijft de vraag of het land wel een constante aanvoer van ethanol kan garanderen. En wat als de olieprijzen weer gaan dalen? Carvahal is daar duidelijk over. "Zolang benzine boven de 40 dollar per vat kost - nu liggen de prijzen rond 75 dollar per vat - is ethanol competitief. En ook al zakt de prijs onder die 40 dollar, dan is er nog het ecologisch argument. Landen kunnen hun CO2-uitstoot verminderen door meer ethanol te gebruiken. De wereldwijde vraag naar ethanol zal de komende jaren alleen maar stijgen. Dat is een feit. En Brazilië zal daarvan profiteren".
Abonneren op:
Posts (Atom)